Pestkoppen uit de hel

Sometimes They Come Back. Regie: Tom McLoughlin. Met: Tim Matheson, Brooke Adams, Robert Rusler. Uitgebracht op video door CNR.

Er zijn nog maar weinig bestsellerauteurs, zoals vroeger Harold Robbins of Jacqueline Susann, wier naam gebruikt wordt om een film mee aan de man te brengen. Van griezelschrijver Stephen King vliegen niet alleen de boeken als warme broodjes over de toonbank; bijna elk van zijn romans is ook al eens verfilmd en op het affiche staat Kings naam groter vermeld dan die van de regisseur of de sterren. Sommige van die films komen zelfs niet eens meer in de bioscoop; It was bij voorbeeld een televisieserie naar een boek van King, die het heel goed deed in de videotheek.

Ook naar de verfilming van Stephen Kings Sometimes They Come Back hoeft men nergens te zoeken in de bioscoop. De door de voormalige tycoon Dino de Laurentiis geproduceerde film, geregisseerd door horror-specialist Tom McLoughlin (Friday the 13th part VI) ging linea recta naar het kleine scherm, maar beschikt wel degelijk over zeer behoorlijke kwaliteit. Het verhaal is gesitueerd in zo'n typisch Amerikaans plattelandsstadje in Kansas of Missouri, waar de maisvelden, verlaten spoorlijnen en lege schuren menige verschrikking blijken te verbergen. King vermengt ook nu weer de wereld van hellegebroed en andere demonen met meer alledaagse vormen van angst en leed, ontleend aan de jeugdherinneringen van een eenzame, sociaal geïsoleerde puber. Het meest lijkt Sometimes They Come Back nog op Kings relaas van de ontdekking van de dood door een adolescent in Stand by Me, een van de beste films die ooit aan zijn omvangrijke oeuvre ontleend werd.

Tim Matheson speelt in Sometimes They Come Back een leraar, die terugkeert naar zijn vroegere woonplaats. Onder de ongeïnteresseerde leerlingen in zijn klas ontdekt hij steeds meer bullebakken uit de bende, die hem als kind terroriseerde en zijn broer vermoordde. Het moeten wel rusteloze geesten zijn, want de werkelijke booswichten kwamen bij hetzelfde incident destijds in een vuurzee om het leven.

Nadat ook de broer op het kerkhof te hulp geroepen is, wordt definitief afgerekend met het verleden en kunnen de dolende zielen eindelijk rust vinden in hemel en hel. De ware spanning in deze relatief ingetogen King-verfilming wordt niet veroorzaakt door enkele gruwelijke bloed- en vuurtrucages, maar door de blijvende traumatisering door pesterijen uit iemands jeugd. Aanvankelijk doet McLoughlin daar niet sentimenteel over, al worden in de apocalyptische ontknoping wel alle registers opengetrokken. Het kan ook moeilijk anders, als men weer afscheid moet nemen van een tijdelijk uit de dood herrezen broertje. Bij zo'n einde past slechts de dweperige toon van een sprookje als het Meisje met de Zwavelstokjes.