Honderd keer prêt-a-porter in Parijs

Madonna was aangekondigd maar kwam niet opdagen bij de uitverkochte show van Jean-Paul Gaultier in het Cirque d'Hiver. Aan de vechtpartijen bij de presentaties in het Louvre is inmiddels iedereen gewend. Maar om een plaats te veroveren op de vaak bizarre locaties van de jonge garde, moeten journalisten en kopers van nog meer strijdlustigheid blijk geven. Afgelopen week presenteerden alle bekende modeontwerpers in Parijs hun prêt-a-porter collecties voor de lente/zomer 1993. De zomen gaan zakken.

Journalisten, fotografen en kopers klaagden meer dan ooit tijdens de prêt-a-porter defilés voor de lente/zomer van 1993, die tot en met gisteren in Parijs te zien waren. Ze moesten niet alleen de langzamerhand gebruikelijke vecht- en drankpartijen leveren om de grote shows die in de Cour Carrée van het Louvre werden vertoond, binnen te dringen, maar van nog veel meer strijdlustigheid blijk geven om een staanplaats te veroveren op de shows van de jonge garde. Want die vonden in spectaculaire of excentrieke, maar steeds veel te kleine ruimtes als zwembaden, een crypte, een circus, theaters, bioscopen, ziekenhuizen of galeries plaats. En daar was van organisatie helemaal geen sprake.

Vooral bij Anne de Meulemeester, de jonge succesvolle Belgische ontwerpster die de mooie galerie van Diana Marquardt op de Place des Voges inhuurde, ging het schandalig toe. Daar werden eerst alle vriendjes zonder uitnodiging binnengelaten, waardoor driehonderd woedende kopers en journalisten die wel een uitnodiging in hun bezit hadden na twee uur wachten niet naar binnen konden. In de herfst van 1993 komt het veelbesproken modecomplex "Le Carrousel du Louvre' (naast de Pyramide), dat onder andere bestemd is voor de defilés, klaar. Het is te hopen dat daarmee een verbetering in de organisatie van de modeweek tot stand komt.

Voor de komende zomer laten de ontwerpers de zomen nog meer zakken, bleek op het merendeel van de honderd shows. Wijd uitlopende, enkellange, vaak asymmetrische rokken met hoge splitten en broeken met wijde pijpen, uitgevoerd in soepele, luchtige, vaak transparante stoffen, geven een heel nieuw, veel romantischer, zachter en vrouwelijker modebeeld. Veel ontwerpers zochten hun inspiratie in Azië: veel Chinese blouses, Thailandse sarongs en Vietnamese rokken. Wit is de overheersende kleur.

Erg uitgekeken werd naar de show van Rei Kawakubo, de ontwerpster van Comme des Garçons. Ze verraste met een optimistische, geraffineerde collectie die sterk contrasteerde met de angstaanjagende onafgemaakte en verwoeste kleding van daarvoor. Van een statige eenvoud waren haar lange, soepele, nonchalante gewaden, gebeeldhouwd in lichtgrijze, rose en witte meubelstoffen van damast met steeds terugkerende details als gapende zakken op kragen, mouwen, knieën en kuiten. Heel bijzonder waren de in zwartwitte gedrapeerde stoffen uitgevoerde, strapless avondjurken met enkellange hoepelrokken.

De meest branché van de branché-ontwerpers, de jonge Belg Martin Margiela, oud-leerling van Jean-Paul Gaultier, maakt steeds meer naam. Niet door de draagbaarheid van zijn kleren, noch door de extreem hoge prijzen, maar omdat zijn collectie is gemaakt van gedragen, op de vlooienmarkt gekochte kleren, en milieu en hergebruik op het moment in het middelpunt van de belangstelling staat. Hij hield twee defilés tegelijkertijd. Eén zwart in Pigalle en één wit in een voormalig ziekenhuis, nu atelier, in Montmartre. Ik was op het witte: een stille poëtische processie van smalle silhouetten op blote voeten, uitgedost in zorgvuldig onafgemaakte, gerafelde en gekreukelde lange rokken, jurken, jasjes en truien, die met veiligheidsspelden en plakband bevestigd waren. “En dan te bedenken dat er zo veel mooie spullen op de vlooienmarkt te krijgen zijn,” zuchtte mijn Amerikaanse buurvrouw na afloop.

Madonna was aangekondigd maar kwam niet op de gewoontegetrouw burleske show van Jean-Paul Gaultier in het barokke Cirque d'Hiver, dat door een Pretoriaanse garde werd bewaakt als een presendentieel paleis van een Afrikaanse republiek. Nieuw was Gaultiers pantalon-robe, een ruim colbertkostuum, waarvan de broek met dunne bretels tot onder de boezem wordt opgehesen. De finale bestond uit humoristische kostuums en pruiken, uitgevoerd in kilometers blond haar. Naar Gaultiers zeggen al de haren die hij uit het hoofd trok tijdens zijn carrière.

Ook het defilé van de grote Japanse ontwerper Issey Miyake was een vrolijke happening. Een groot aantal van zijn modellen werd getoond door het ballet van Frankfurt onder leiding van William Forsythe, waardoor de beweeglijkheid van zijn steeds feller gekleurde, beroemde gefronselde stoffen prachtig zichtbaar werd.

Maar het meeste succes oogstte de hypervrouwelijke, grandioos simpele, romantische en vooral definitief moderne collectie van Claude Montana. Uitblinkers waren zijn steeds terugkerende, nu enkellange trenchcoats, gedragen boven wijde woepele broeken, zijn sterk getailleerde safari-jasjes boven lange, sluike rokken en billange witleren jasjes met grote kragen over diep uitgesneden zonnejurken. Een collectie waarin alle kemerken van het nieuwe modebeeld op een subtiele en elegante manier werden toegepast.