Geen interim-dividend van DAF op cumprefs

EINDHOVEN, 22 OKT. De noodlijdende vrachtwagenfabrikant DAF keert geen interim-dividend uit op de converteerbare cumulatief preferente aandelen. De directie van DAF acht het onder de huidige omstandigheden “niet in belang” van de onderneming om een dividend uit te keren. Dit heeft DAF vanochtend bekendgemaakt.

De stukken - zo'n twaalf miljoen eenheden - zijn vanaf november 1991 genoteerd op de Amsterdamse effectenbeurs. Deze cumprefs worden meestal uitgegeven als de onderneming door een tekort aan winst een aantal jaren geen dividend op de gewone preferente aandelen kan uitkeren. Als DAF na verloop van tijd wel winst maakt dan worden de tot dan niet uitgekeerde, maar wel opgespaarde dividenden alsnog uitgekeerd. Cumulatief is een andere woord voor oplopend.

De cumprefs, zoals ze volgens het vakjargon van de beurshandelaren worden genoemd, van DAF werden in 1991 naar de beurs gebracht tegen een koers van 20 gulden. Het aandeel gaf recht op een jaarlijks dividend van 2,10 gulden. In de laatste twee maanden van 1991 werd er al dividend van 0,35 gulden uitgekeerd. Nu zijn de resterende betalingen stopgezet. De stop op de uitbetaling scheelt DAF per jaar zo'n 26 miljoen gulden.

De stap van DAF wordt op de beurs “logisch” genoemd. Daarvoor is de situatie bij DAF te slecht. “In deze slechte staat mag de onderneming geen dividend uitkeren”, aldus een handelaar. Na de introductie zijn de noteringen van de cumprefs alleen maar gezakt. Begin januari noteerde de cumpref nog 19,10 gulden. Afgelopen donderdag behaalde de cumpref een slot van 13,80 gulden. De handelaar op Beursplein 5 verwacht “een verdere, zij het beperkte, daling”.

De emissie was bedoeld om het vermogen van DAF op te peppen. Dat vermogen was door de verliezen vanaf 1990 zwaar aangetast. De aandelenuitgifte werd verzorgd door de ABN Amro.