Binnen EG geen vrij verkeer van gevaarlijk afval

BRUSSEL, 21 OKT. Er komt binnen de EG geen vrij verkeer van gevaarlijk afval. De lidstaten krijgen vanaf september 1994 het recht om transporten van gevaarlijk afval uit andere lidstaten te weigeren.

Gisteren besloten de Europese ministers van milieu de handel in gevaarlijk afval buiten de wetgeving voor de interne markt te houden en de milieubepalingen van het EG-verdrag toe te passen. Het Europese Hof van Justitie had gevaarlijk afval tot nu toe aangemerkt als een verhandelbaar goed, waarvoor derhalve de beginselen van vrij verkeer moesten gelden. Er is twee jaar over de richtlijn onderhandeld.

De nieuwe regel gaat er van uit dat gevaarlijk afval zo dicht mogelijk bij degenen die het produceren, verwerkt moet worden. De handel in niet gevaarlijk (recycleerbaar) afval tussen de lidstaten blijft echter toegestaan. Als criterium geldt vermelding op de zogeheten "groene lijst', vastgesteld door de Organisatie van Economische samenwerking en ontwikkeling. Voor beide categorieën afval geldt voortaan wel de verplichting een transportdocument te kunnen tonen, waarop producent, bestemming en aard van de lading staan aangegeven.

De maatregel is bedoeld om het wegvallen van de grenscontrole per 1 januari te compenseren. Elke lidstaat kan op eigen grondgebied daardoor toch alle afvaltransporten controleren. Voor kleine lidstaten zoals Luxemburg is de mogelijkheid gecreëerd toch gevaarlijk afval in kleine hoeveelheden uit te voeren, maar dan op basis van een bilateraal akkoord met het ontvangende land.

De nieuwe richtlijn bevat een algeheel verbod om niet-recycleerbaar afval naar landen buiten de zogeheten Europese Economische Ruimte uit te voeren, het samenwerkingsverband van de EG en de voormalige Europese Vrijhandels Associatie. Afval dat wel opnieuw gebruikt kan worden mag wel door de EG worden uitgevoerd, maar alleen naar die landen die de conventie van Bazel hebben ondertekend of naar landen waarmee een bilaterale overeenkomst is gesloten.

De milieu-organisatie Greenpeace meent dat de exportbeperkingen lang niet ver genoeg gaan om landen in Oost-Europa en de Derde wereld te beschermen. Op de zogeheten groene lijst met wel reclyceerbaar afval, dat dus geëxporteerd mag worden, komen ook dodelijke stoffen als lood, cadmium en beryllium voor. Greenpeace vreest dat afvalhandelaren zich steeds meer als "recycleer-bedrijven' zullen presenteren. De organisatie noemt voorbeelden van de export van in de EG verboden pesticiden voor "hergebruik' naar Oost-Europa en het verbranden van batterijen in Egypte voor energie "herwinning'.