Rusland; Een gedwongen moratorium

Het besluit van de Russische president, Boris Jeltsin, om het moratorium op ondergrondse kernproeven te verlengen tot ten minste 1 juli van het volgend jaar, is nu niet direct een grote verrassing. De eenzijdige stopzetting van de kernproeven, sinds 1974 al gebonden aan een afgesproken maximum van 150 kiloton, werd in oktober vorig jaar afgekondigd door de toenmalige president van de Sovjet-Unie, Michail Gorbatsjov, en later overgenomen door de Russische president. De stopzetting hing rechtstreeks samen met de ontwikkelingen op het internationale toneel en de behoefte van de Russen om een zo goed mogelijke indruk op het Westen te maken met het oog op de zo gewenste economische en financiële steun.

Ook in de Verenigde Staten groeide het gevoel dat de verandering in het internationale klimaat consequenties zou moeten hebben voor de ondergrondse kernproeven. (In 1963 waren de Sovjet-Unie, de VS en Groot-Brittannië al overeengekomen te stoppen met bovengrondse kernproeven.) In het Congres werd met grote regelmaat gepleit voor een moratorium. Dat resulteerde in een besluit op 1 oktober van dit jaar om alle kernproeven voor een periode van negen maanden op te schorten. Hoewel president Bush eigenlijk tegenstander is van stopzetting van de kernproeven, met het argument dat een minimaal aantal proeven nodig is om de technische staat van de wapens te controleren, heeft de president het besluit van het Congres niet met een veto ongedaan willen maken. Het Congres is voorstander van een uiteindelijke definitieve stopzetting van alle kernproeven in 1997. In de tussenliggende periode zouden er niet meer dan maximaal zo'n zes proeven per jaar worden gedaan.

Het Franse dagblad Le Monde meldde vorige week dat Parijs, dat sinds 3 april voor de rest van dit jaar geen kernproeven meer neemt in de Stille Oceaan, de opschorting van de proeven waarschijnlijk zal laten voortduren tot in 1993. Uiterlijk begin volgend jaar zal daarover een beslissing worden genomen. Parijs heeft te verstaan gegeven dat de besluitvorming afhankelijk is van wat Rusland en de Verenigde Staten doen. Minister Joxe van defensie heeft echter wel tegenover parlementsleden verklaard, aldus een woordvoerder van het ministerie, dat de Franse nucleaire capaciteit er niet op vooruit gaat door de kernstop.

Boris Jeltsin heeft zijn besluit tot verlenging van het moratorium expliciet gekoppeld aan de positie die de Amerikaanse en Franse regering hebben ingenomen. Hij koppelde aan zijn besluit dan ook een oproep aan de Britten en de Chinezen om het voorbeeld van de andere kernmogendheden te volgen. “Als andere kernmogendheden het voorbeeld van Rusland, Frankrijk en de Verenigde Staten volgen, dan doemt een reëel vooruitzicht op dat de oude droom van de mensheid van een volledig verbod op kernproeven voor altijd kan worden gerealiseerd”, aldus de Russische leider.

Hoezeer het politieke klimaat voor stopzetting van de kernproeven ook alle ruimte laat, de verlenging van het Russische moratorium lijkt minstens evenveel te maken te hebben met de onmogelijkheid voor de Russen om momenteel kernproeven uit te voeren. Het traditionele proefterrein ligt bij Semipalatinsk, in het onafhankelijk geworden Kazachstan. President Noersoeltan Narzarbajev heeft er begin dit jaar geen gras over laten groeien en op 3 januari de onmiddellijke sluiting van dat terrein gelast. Dat betekent dat de Russen nu alleen nog over het proefterrein op Nova Zembla beschikken, het belangrijkste Russische testterrein tussen 1958 en 1963. Onder invloed van de protesten werd het overgrote deel van de proeven daarna verplaatst naar Kazachstan.

De laatste kernproef boven de poolcirkel werd enkele jaren geleden genomen en het zal volgens de Russische minister van defensie, Pavel Gratsjov, enige tijd nemen voordat het terrein weer volledig in gereedheid is voor nieuwe proeven. De komende wintermaanden maken voorbereidende werkzaamheden erg lastig en daarom acht de minister van defensie proeven voor 1 juli technisch niet haalbaar.

De Russische militairen zijn niet onverdeeld gelukkig met het moratorium. Gratsjov herhaalde gisteren zijn standpunt dat het moratorium niet onbeperkt verlengd kan worden, maar afhankelijk is van de opstelling van de andere kernwapenmogendheden, de Verenigde Staten voorop. Ook Valeri Sjoejkov, secretaris van de defensiecommissie van het Russische parlement, verklaarde dezer dagen dat de meeste wetenschappers en ingenieurs voor een stopzetting zijn op voorwaarde dat dit uiteindelijk geen eenzijdige stopzetting betekent. Vooralsnog hebben Chinezen en Britten, die jaarlijks een minimaal aantal proeven doen, laten weten dat zij niets voelen voor de stopzetting van hun proeven. Misschien dat een uiteindelijk gezamenlijk testregime van Amerikanen en Russen nog het meeste perspectief biedt voor de toekomst van de kernproeven.

    • Herman Amelink