PvdA en D66: tunnel voor Betuwelijn onderzoeken

DEN HAAG, 20 OKT. Het Kamerlid Feenstra (PvdA) wil een "verificatie-onderzoek' naar een Delfts systeem van tunnels boren dat zou kunnen dienen voor ondergrondse aanleg van de Betuwelijn. De fracties van PvdA en D66 zullen morgen bij de begrotingsbehandeling van VROM in de Tweede Kamer vragen om meer aandacht voor ondertunneling van de Betuwelijn.

Volgens Feenstra zouden “tussen nu en een halfjaar” alle opties voor ondergrondse aanleg duidelijk moeten zijn. Een "verificatie-onderzoek' van het Delftse systeem zou 5 miljoen gulden kosten.

Vorige week werd bekend dat aannemers in de Stuurgroep Ondergrondse Vervoersinfrastructuur menen dat een tunnel van Rotterdam naar Zevenaar nog geen 10 miljard gulden hoeft te kosten. Onderzoekers in Delft zijn bezig een systeem te ontwikkelen waarbij 100 kilometer tunnel niet meer dan 4,5 miljard gulden zou hoeven te kosten. De kosten van bovengrondse aanleg van de Betuwelijn zullen naar verwachting oplopen tot 7 miljard gulden of meer.

Volgens het Kamerlid Versnel (D66) zou het onderzoek van de Stuurgroep Ondergrondse Vervoersinfrastructuur, met daarin vertegenwoordigers van NS, bedrijfsleven en de ministeries van verkeer en waterstaat en economische zaken, moeten worden betrokken bij de besluitvorming. Het rapport van de stuurgroep wordt over een jaar verwacht. Een "tussenrapportage' van ambtenaren van het ministerie van verkeer en waterstaat die deze maand moet uitkomen, kan volgens leden van de stuurgroep nog geen goed inzicht in de materie geven.

Feenstra wijst erop dat bij de besluitvorming over een ondergrondse Betuwelijn het tempo van de totstandkoming, de technische haalbaarheid en de kosten een rol moeten spelen. Mocht een tunnel er binnen tien jaar kunnen komen en niet of nauwelijks duurder uitvallen dan een bovengrondse spoorlijn, dan voelt Feenstra meer voor ondergrondse aanleg. “Tunnelen past in een land als het onze, dat overvol is.”