Gastheer Philip Freriks treedt in voetspoor Bernard Pivot

In de beste tradities van het Franse literaire televisiepraatprogramma presenteerde Philip Freriks vrijdagavond de eerste aflevering van het programma Passages, dat voortaan eens per maand te zien zal zijn. Net als in de programma's van Bernard Pivot, Bernard Rapp en Patrick Poivre d'Arvor, worden voor Passages verschillende schrijvers uitgenodigd om te praten over één thema. Het decor is vergelijkbaar en ook de halve leesbril van Freriks is precies die van Pivot.

Terwijl bij de Fransen elk denkbaar thema kan worden behandeld, gebiedt de formule van Passages voorlopig dat telkens één land, regio of plaats het bindend element is. In de eerste aflevering was dat Zuid-Afrika, waarover werd gesproken met de blanke Zuidafrikaanse schrijvers Etienne van Heerden en John Miles, hun zwarte collega Andries Oliphant en de naar Nederland uitgeweken schrijfster Emma Huismans. Freriks leidde hen in een levendige discussie, die volgens de regels van het programma moet gaan over de plaats van de literatuur in het sociaal-culturele klimaat van het besproken gebied.

Afwisselend werd de discussie gevoerd in het Afrikaans, het Nederlands en het Engels. Maar aan het gebruik van de ene of de andere taal in hun literatuur wilden de schrijvers geen politieke conclusies verbinden, die Freriks even veronderstelde. De afstammelingen van de Afrikaners schrijven in het Afrikaans omdat ze dat nu eenmaal beter ligt, Oliphant schrijft beter in het Engels. Over de toekomst van Zuid-Afrika waren de geluiden gematigd optimistisch, al werd er unaniem van uit gegaan dat het grondbezit nog voor grote problemen gaat zorgen. Zwarten maken aanspraak op de grond die generaties lang door Afrikaners is bewerkt. In deze schrijverskringen worden de standpunten over en weer wel begrepen, maar dat is een wel zeer magere basis voor hoop.

Uiteraard was er geprobeerd voor dit programma Adriaan van Dis uit te nodigen, maar die had even genoeg van de publiciteit. Aan het eind van het programma kon Freriks het niet laten te vermelden dat de toegevoegde lijst met bronnen aan Van Dis' boek Het beloofde land wel 35 titels telt. “Maar laten we niet flauw wezen, het blijft een prachtig boek”, voegde hij er aan toe.

Met of zonder Van Dis, Nederland heeft weer een hoogwaardig boekenprogramma. Jammer dat het maar drie kwartier duurt en maar eens per maand wordt uitgezonden. Wat dat betreft mag men nog eens naar de Franse voorbeelden kijken.

    • Bas van Lier