IJsselzicht (2 en slot)

Door de weilanden van de Hoenwaard kronkelt een asfaltpaadje langs water en riet naar het voetveer over de IJssel. De boot tuft deze kant op, schuin tegen de stroom in. Verder weg ligt Zwolle. Tijdens de hoogtijdagen van de Vooruitgang, enkele decennia geleden, werd het veer uit de vaart genomen, maar de renaissance van de fiets bracht het gelukkig weer terug.

Het is zondagmorgen kwart voor tien, een frisse wind drijft massa's witte wolken langs de blauwe lucht. In Hattem loopt de Achterstraat vol met gereformeerd kerkvolk, de traditie van doleantie en Afscheiding getrouw. De grote Nederrijns gotische hervormde kerk op de markt ligt er nog verlaten bij. Vannacht werd het gelovige stadje opgeschrikt door luidruchtige kroeggangers die na sluitingstijd de nauwe straatjes doorkruisten. Nu heerst er weer een sfeer van rust en fatsoen, van ons kent ons. Een vriendelijke kerkganger schiet de eenzame wandelaar aan: “Kom toch binnen!” Ik aarzel, sla de uitnodiging dan toch maar af. Kom, op stap.

Het jaagpad langs het Apeldoorns Kanaal is een ideaal wandelpad. Het kanaal werd tussen 1827 en 1829 op korte afstand van de Veluwse stuwwal gegraven, zodat de opkomende industrie per vrachtschip goed bereikbaar werd. In 1972 ging het definitief voor de scheepvaart dicht; een enkele kano doorklieft nu het water. Het riet is hier en daar manshoog; twee reigers scheren laag over. De IJssel, links in de verte, is temidden van de weilanden slechts af en toe zichtbaar. Iets verderop vloeien de Veluwsche Wetering en het kanaal samen, ik loop door tot aan de Hezenberger brug.

Aan de overkant ligt, tegen de papierfrabriek, een golfterrein. Aan de rand van het keurig geschoren gras duikt onmiddellijk een ferme dame op uit het struikgewas: “Meneer, zo'n balletje komt hard aan!” Ik geloof haar direct. Bij de fabrieksafrastering stroomt over een kunstmatig rotspartijtje met kunstmatige kracht water vol levende maar toch ook kunstmatig aandoende vis. Natuur Anno 1992. Of stroomde hier vroeger het water voor een papiermolen?

Ooit was de Veluwerand een centrum van "papyremaeckers'. Het water dat van de Veluwe naar de IJssel stroomde werd gebruikt voor watermolens en was bovendien geschikt voor het maken van papier. Toen de molens werden vervangen door andere energiebronnen, was het gedaan. Sommige werden omgebouwd tot wasserijen, de meeste verdwenen. Een enkele papierfabriek houdt nu de herinnering aan het ambacht van weleer hoog.

Voorbij het tracé van de voormalige spoorlijn Apeldoorn-Zwolle steek ik de grote weg over en trek, na de nodige villa's, de Veluwse bossen in. Hier heerst de rust van de natuur, daar doet het besef dat alle aanplant mensenwerk is niets aan af. Nu ja... als je voorbij de skipiste bij de Molenweg loopt en dan verderop langs het Kret, dan is de mens wel heel dichtbij. Het Kret werd door de Zwolse Waterleiding Maatschappij gegraven voor het transport van drinkwater. Het grondwater stond toen nog zo hoog dat er wel in gezwommen werd; nu is het een rechte droge diepe sloot, dwars door het bos.

Voorbij de Tonnenberg, de Kamperklippen en de snelweg ligt, temidden van de bossen, het Heerderstrand, een prachtig uitgestrekt natuurbad. Er is bijna niemand. Mijn vermoeide voeten voelen het water als een zegen, met lange lome slagen zwem ik naar de verre overkant. Een reserve-overhemd doet dienst als handdoek.

Een stukje zuidelijker liggen de Renderklippen, een reeks langgerekte heuvels met uitgestrekte heidevelden. Een prachtig natuurgebied, maar niet geschikt voor de zondagmiddag. Door de bloeiende heide loopt de ene na de andere familie te genieten van de natuur, van elkaar en van allerlei soorten snoep. Een kudde schapen vreet het gras tussen de hei weg, althans volgens mijn wandelboekjes. Vandaag hebben ze blijkbaar een vrije dag.

Met de kaart in de hand zoek ik een weg door het bos, onderlangs Heerde, westwaarts door de broeklanden van de IJsselvallei naar Veessen. Rechte eenzame graspaden langs brede sloten. En dan, eindelijk, café IJsselzicht. Met de benen op tafel en uitzicht over de IJssel smaakt het alcoholvrije bier opnieuw uitstekend. Uiterwaarden, bossen, heide en pittoreske plaatsjes bij het begin en het eind: dit was dertig kilometer lang een wandeling die tot voldoening stemt.

(Route deels ontleend aan LAW 202: Maarten van Rossumpad, NIVON, 1992)

    • Kees Calje