De GATT als voetnoot

FRANKRIJK HEEFT het in Birmingham opnieuw voor elkaar gekregen. De belangen van een miljoen Franse boeren houden de belangrijkste stimulans voor de haperende wereldeconomie tegen. Een doorbraak in de onderhandelingen over wereldwijde handelsliberalisatie, de zogenoemde Uruguay-ronde in het kader van de GATT (Algemeen akkoord voor tarieven en handel), hangt op olie-houdende zaden, tarwe, sojabonen en inkomenssteun voor boeren. Onder Franse druk weet de Europese Gemeenschap niet van wijken. Zij wil haar tarwe-export beschermen, geen concessies doen ten aanzien van olie-houdende zaden, en inkomenssteun voor Europese boeren buiten de GATT-regels voor subsidie houden. Daarmee dreigt de laatste kans voorbij te glippen om de Uruguay-ronde na zes jaar van onderhandelingen tot een goed einde te brengen.

EIND 1990, TOEN de Uruguay-ronde officieel afliep, was de EG niet bereid tot een handelsakkoord omdat dit een aantasting van het overdadige Europese landbouwbeleid zou betekenen. Mei 1992 drukte landbouwcommissaris MacSharry de hervorming van het EG-landbouwbeleid door en daarmee leek de weg naar een doorbraak binnen bereik. Maar in de zomer blokkeerde president Mitterrand een akkoord in verband met het Franse referendum over "Maastricht', waarvoor hij steun van de boeren nodig had. Deze week hield Frankrijk een oplossing tegen onder verwijzing naar de komende Amerikaanse verkiezingen. Frankrijk was niet bereid om ter wille van president Bush de belangen van zijn boeren op te offeren. Franse ministers dreigden een beroep te zullen doen op het "vitaal belang' bij eventuele Europese concessies om aldus een doorbraak tegen te houden. Ook Jacques Delors, Commissie-voorzitter èn Fransman, wierp zich op als hartstochtelijk verdediger van de Europese boeren. Erger: Delors zou binnen de Commissie druk hebben uitgeoefend om de onderhandelingen te vertragen.

Frankrijk, de agrarische supermacht van de Europese Gemeenschap, heeft van het begin af aan dwars gelegen bij de liberalisatie van de landbouw. Geen enkel EG-land heeft de Fransen de waarheid durven zeggen dat de blokkade van de Uruguay-ronde schadelijker effecten heeft op de internationale economie dan de hoge Duitse rente, doelwit van onophoudelijke (ook Franse) kritiek. Succesvolle afsluiting van de Uruguay-ronde zou de wereldhandel met 200 miljard dollar stimuleren en de ontwikkelingslanden 50 miljard dollar aan hogere export-inkomsten opleveren.

DE ROL VAN Groot-Brittannië als halfjaarlijkse EG-voorzitter van dienst is in dit verband ontluisterend. De Britten, vrijhandelaars uit traditie, hebben bij herhaling laten weten dat zij de afronding van de Uruguay-ronde tot speerpunt van hun voorzitterschap zouden maken. Maar niemand heeft voor of achter de schermen nieuwe Britse initiatieven opgemerkt om de Uruguay-ronde te redden. Zo dreigt de meest ambitieuze poging die ooit is ondernomen om de wereldhandel in goederen, landbouwprodukten en dienstverlening te liberaliseren, eind 1992 definitief als voetnoot van de geschiedenis te worden bijgeschreven.