Wereldomroep noemt staatsinvloed op programma's onaanvaardbaar

HILVERSUM, 16 OKT. Het toevoegen van overheidsvoorlichting aan de taken van Radio Nederland Wereldomroep is op principiële en professionele gronden onaanvaardbaar.

Dat schrijft het bestuur van Radio Nederland Wereldomroep aan minister d'Ancona van WVC. Het bestuur reageert hiermee op een advies van de Mediaraad waarin wordt gepleit voor een grondige herijking van de taken van de Wereldomroep. Volgens de raad zou de Wereldomroep onder verschillende ministeries dienen te ressorteren. In een dergelijke opzet, waarbij de betrokken ministeries ook de financiering van Radio Nederland voor hun rekening nemen, zou de Wereldomroep veel meer aan overheidsvoorlichting moeten doen. Om de kosten te beperken zou de Wereldomroep verregaand moeten samenwerken met de binnenlandse omroepen. De Wereldomroep wordt nu gefinancierd uit de omroepmiddelen.

“Spreiding van de financiering over verschillende departementen is al verscheidene malen geopperd in de geschiedenis van de Wereldomroep”, zegt directeur drs. M. Dijkstra in een toelichting op de brief van het bestuur aan de minister. “Wij wijzen het op principiële gronden af. De invloed van ministeries op de inhoud maakt van ons een staatsradio. Dat schaadt de geloofwaardigheid.”

Samenwerking met binnenlandse omroepen is volgens Dijkstra alleen mogelijk op het gebied van muziekprogramma's. “Wij maken onze programma's voor een breed publiek, dat in heel andere omgevingen woont dan het Nederlandse, met een hele andere kennis van zaken. Daarbij is samenwerking programmatechnisch moeilijk. Wij spreken bijvoorbeeld veel langzamer, gezien de grote afstanden die we moeten overbrugggen.” Overleg in het afgelopen jaar tussen de Wereldomroep en binnenlandse en regionale omroepen heeft wel geleid tot plannen om te komen tot een "radionieuwscentrale'.

De Wereldomroep was zeer ongelukkig met het advies van de Mediaraad, dat geen recht zou doen aan de werkelijkheid. “De Mediaraad schildert de Wereldomroep af als een bedrijf waar vanaf de oprichting in 1947 maar wat wordt gedaan”, zegt Dijkstra. “Maar wij veranderen mee met de wereld. Over onze doelgroepen hebben we herhaaldelijk nagedacht, met wijzigingen als gevolg. Kortgeleden, nog voordat de Mediaraad zijn advies uitbracht, hebben we een meerjarenplan naar het Commissariaat van de Media gestuurd met plannen en gedachten over de toekomst.”

Dijkstra zegt dat de Wereldomroep "graag' een discussie wil over de toekomst. “Wij verkeren al jaren in een politiek vacuüm. Dat vinden we griezelig. Wij willen dat de minister een instrumentarium bedenkt aan de hand waarvan wij beleid kunnen formuleren. Maar laat de invulling daarvan over aan de Wereldomroep zelf.”