Prince Prince and the New Power Generation - ß ...

Prince Prince and the New Power Generation - ß (Paisley Park/Warner Bros 9362-45037-2)

Iordanis Tsomidis Iordanis: Immortality Lessons (Speciale Edities A-316). Distributie: Het Griekse Eiland, tel. 020-626 85 09.

Suzanne Vega Suzanne Vega - 99.9 Fß8 (Polydor, 540 012-2)

Ernst Krenek Ernst Krenek - Lamentatio Jeremiae prophetae (Globe, glo 5085)

Prince

Prince' muziekfabriek in Minneapolis heeft nog geen jaar na het verschijnen van zijn dertiende cd, Diamonds And Pearls, opnieuw 75 minuten muziek geproduceerd. In plaats van een titel is op het cd-hoesje een teken gegraveerd: ß. In de korte tijdsspanne tussen deze en de vorige cd heeft Prince zich muzikaal toch weer ontwikkeld. Het sobere geluid van Diamonds And Pearls is vervangen door drukke funk met blazersolo's en orgels. Prince' stem wordt omkleed met lage mannenstemmen of hoge vrouwenstemmen en er wordt meer gerapt dan op eerdere cd's. Zoals de razendsnelle woordacrobatiek van Tony M. in het fantastische openingsnummer, "My Name Is Prince', waarin Prince geheel conform de protserige rap-stijl zijn afkomst omschrijft als "In the beginning God made the sea/ But on the 7th day He made me'. Behalve aan rap wijdt Prince zich ook aan house. In "I Wanna Melt With You' heersen het straffe ritme en de elektronische stuwing. Maar door de inbedding in de typische Prince-thematiek en zijn hoge hitsige zangstijl, klinkt het geheel vanzelfsprekend. Minder geslaagd is het reggaenummer "Blue Light' waar een gelikte saxofoon de melodie aangeeft. Door een overdaad aan over elkaar gemixte stemmen en schelle toeters worden nummers als "The Continental' en "Arrogance' opdringerig en het rapnummer "The Flow' klinkt zo overspannen dat het van (MC) Hammer had kunnen zijn. De vorige single, Sexy "Motherfucker', heeft daarentegen een prachtige, ingehouden spanning die doet denken aan Prince' oude hit "Kiss'. De rustpunten op ß zijn schaars: het slaapliedje "Sweet Baby', tinkelende belletjes en gecroon over een "kooky love affair', "Damn U' en Prince' ode aan de vrouw, "God Created Woman'. Met het een na laatste nummer van de cd, "3 Chains O' Gold', doet Prince weer een stap in een nieuwe richting: die van de rock-opera. Het barokke "3 Chains o' Gold' is de directe opvolger van Queens "Bohemian Rhapsody'.

Prince and the New Power Generation - ß (Paisley Park/Warner Bros 9362-45037-2)

HESTER CARVALHO

Iordanis Tsomidis

De "Griekse blues' zegt men vaak als het over rebètika gaat. Onzinnig is dat niet maar men zou even goed van "Griekse flamenco' of "Griekse raï' kunnen spreken. Wat het rebètikarepertoire met deze stijlen gemeen heeft is een rauwe zangstijl en een aardse inhoud. De vleselijke liefde, roken en drinken en de effecten van deze geneugten, daar gaat het meestal over. Nadat deze in de hasjkits van de Griekse havensteden ontwikkelde stijl in de jaren dertig zijn top had bereikt en langzaam leek uit te sterven, is er sinds vijftien jaar een revival bespeurbaar. Het oppoetsen van oud materiaal ligt dan voor de hand maar Iordanis Tsomidis slaat die doodlopende weg gelukkig niet in. Als vocalist lijkt hij een onbedorven kruising van Tom Waits en Paolo Conte, zijn spel op de bouzouki is puntig, ritmisch trefzeker en boordevol "soul'. Kippevel leveren vooral zijn "taxims' op, de intro's tot de eigenlijke songs, en de geheel geïmproviseerde stukken zoals For Grigori. Van de stukken op deze cd van ruim 70 minuten zijn er elf vastgelegd in een Atheense studio waar Tsomidis de zang vooral aan anderen overliet. De resterende zeven stukken zijn gemaakt tijdens een tournee in 1985 waarbij onder meer Amsterdam en Utrecht werden aangedaan. Die laatste opnamen zijn wat informeler van sfeer, ook al dankzij de kleinere bezetting, met naast de bouzouki alleen een akoestische gitaar en een baglama (mini bouzouki). Dat Iordanis al bijna zestig is, op zijn achttiende hardloopkampioen was, vijftien jaar in Amerika woonde en terug in Athene failliet ging als clubhouder staat allemaal te lezen in het inlegvel. En waarom hij weer toeren ging kan misschien worden afgeleid uit een van zijn teksten: “In Perzië wordt de hasj per kilo verkocht, in Griekenland is er niets, nog niet eens om te ruiken.”

Iordanis: Immortality Lessons (Speciale Edities A-316). Distributie: Het Griekse Eiland, tel. 020-626 85 09.

FRANS VAN LEEUWEN

Suzanne Vega

"Excuse me, if I may turn your attention my way', opent Suzanne Vega omzichtig haar vierde cd, 99.9 Fß8. Het is een misleidend begin, want de Newyorkse zangeres heeft het voorzichtige geluid van haar vroegere werk achter zich gelaten. De fluwelige stem die vroeger de teksten uitrekte tot ze adem tekort kwam, klinkt nu nonchalant en de romantische begeleiding van Days of Open Hand (1990) of Solitude Standing (1987) is grotendeels vervangen door een collage van niet-muzikale geluiden. Voor de begeleiding heeft Vega gebruikt gemaakt van nieuwe muzikanten als Bruce Thomas (vroeger bassist bij Elvis Costello), David Hidalgo (gitarist van Los Lobos) en Mitchell Froom, bekend van de produkties van Richard Thompson en Crowded House, op keyboards.

Ze creëerden wisselende sferen voor de nummers. Opvallend is de dansbare cadans van "Blood Makes Noise', waar een springerige baslijn de ondergrond vormt voor reutelende geluiden, alsof Vega door de bloedbanen suist. Prachtig en meeslepend zijn daarna de observaties in mineur van "Liverpool'. De muziek van het nummer "Fat Man And Dancing Girl' werd opgebouwd uit ploppende percussie waar in het refrein een orgelgolf overheen gaat. Hoe subtiel de arrangementen zijn, valt pas goed op als één nummer anders is: het geijkte "When Heroes Go Down' blijkt dan niet meer dan een misplaatste stamper.

Suzanne Vega - 99.9 Fß8 (Polydor, 540 012-2)

HESTER CARVALHO

Ernst Krenek

Toen de Oostenrijks-Amerikaanse componist Ernst Krenek (1900-1991) aan het begin van de Tweede Wereldoorlog het a capella koorwerk Lamentatio Jeremiae prophetae schreef, besefte hij dat het waarschijnlijk vele jaren zou duren voordat het werd uitgevoerd - als het al ooit zou gebeuren. Niet zozeer door de politieke omstandigheden, maar wegens de ongekende technische moeilijkheden van het werk. Het NCRV Vocaal Ensemble onder leiding van Marinus Voorberg durfde als eerste aan het eind van de jaren vijftig een uitvoering aan.

Sindsdien zijn er nog steeds niet meer dan een handjevol koren die zich aan de ruim een uur durende Lamentatio wagen. Een daarvan is het Nederlands Kamerkoor. In april van dit jaar werd het werk ingestudeerd voor een aantal concerten en een cd-opname. De cd is nu verschenen bij de Nederlandse platenmaatschappij Globe. Het is een voortreffelijke opname geworden: alle stemmen komen goed tot hun recht en de akoestiek van de oud-katholieke kerk in Den Haag heeft de juiste nagalmtijd voor dit magistrale koorwerk.

Krenek verbond in de Lamentatio de polyfone schrijfwijze van componisten uit de renaissance met de dissonante twaaltoonstechniek van Schönberg. De zangers hebben daardoor weinig houvast aan de samenklanken. Ze moeten zeer geconcentreerd hun eigen stem volgen, zonder echter de tegenstemmen te vergeten. Want wrange secundes, reine kwarten en scherpe septiemen moeten wel volledig tot hun recht komen. Het Kamerkoor onder leiding van Uwe Gronostay slaagt daar uitstekend in. Ze weten een objectief, onopgesmukt klankbeeld te creëren dat goed bij deze muziek past en (dat is misschien wel de grootste verdienste) ze wekken de indruk dat hen dat zeer gemakkelijk afgaat.

Ernst Krenek - Lamentatio Jeremiae prophetae (Globe, glo 5085)

PAUL LUTTIKHUIS

    • Paul Luttikhuis
    • Frans van Leeuwen
    • Hester Carvalho