Onderzoek naar positie Apeldoornse wethouder

APELDOORN, 16 OKT. Een onafhankelijke commissie van juristen gaat onderzoek doen naar beschuldigingen van belangenverstrengeling aan het adres van de Apeldoornse wethouder C.A.P. Bolhuis. Dat heeft burgemeester A.J. Hubers van Apeldoorn gisteravond in overleg met de fractievoorzitters uit de gemeenteraad besloten. Bolhuis zal tot het moment dat de commissie haar onderzoeksrapport publiceert zijn werk niet hervatten.

De wethouder kwam in opspraak toen bleek dat een bedrijf waarvan zijn vrouw mede-eigenaar is onder verdachte omstandigheden heeft meegedongen naar een gemeentelijke opdracht. Er doen in Apeldoorn nog andere geruchten de ronde over “handeltjes van de wethouder”, zei burgemeester Hubers gisteravond. De wethouder wordt ervan beticht her en der hand- en spandiensten bij de verlening van vergunningen te hebben verleend. Vraagtekens worden gezet bij de verzorging van het interieur van het nieuwe kantoor Bolhuis' vrouw door dezelfde leverancier die ook de meubels voor het nieuwe stadhuis leverde.

Hubers: “De commissie moet de feiten op een rijtje zetten en kijken of Bolhuis zijn positie als wethouder heeft gebruikt ten eigen bate.” Men denkt twee tot drie onafhankelijke juristen met het karwei te belasten. Ze zullen ambtenaren en andere mogelijke betrokkenen horen. Hoe lang het onderzoek gaat duren, durfde Hubers niet te voorspellen.

Een minderheid van de negen fractievoorzitters in de raad bleek voorstander van een justitieel onderzoek naar Bolhuis' handelen. Hubers wilde nog niet zo ver gaan: “Aan de hand van het rapport zullen we bekijken of er aanleiding is tot een justitieel onderzoek.”

Het Apeldoorns stadsbestuur wordt al jaren geplaagd door affaires die meestal verband houden met de bouw van het nieuwe stadhuis. Begin deze maand viel de coalitie van PvdA, CDA en D66 uiteen toen de raad het vertrouwen in PvdA-wethouder H. Porringa opzegde. Porringa werd verantwoordelijk geacht voor een overschrijding van de bouwkosten. Het stadhuis zou ook te klein zijn om alle ambtenaren te huisvesten.