Geen persconferentie door de Bundesbank

AMSTERDAM, 16 OKT. Er is langzamerhand een sterke analogie gegroeid tussen de voetbalwedstrijden van het Nederlands elftal en de tweewekelijkse vergadering van de Bundesbank. Van te voren wordt door de betrokkenen (respectievelijk de supporters en de financiële markten) hoopvol naar de betreffende gebeurtenis toegeleefd. Na afloop wordt het resultaat geanalyseerd en met meer dan gewone belangstelling uitgekeken naar de (eventuele) uitleg van de spelers respectievelijk van de Bankrat over het behaalde resultaat. Moesten de Oranje-spelers na de interland tegen Polen het een en ander uitleggen over de gemiste kansen, de Bundesbank was gisteren daarentegen geen uitleg verschuldigd.

Er was van te voren bekendgemaakt dat er deze keer geen persconferentie zou worden ingelast, hetgeen het vermoeden deed rijzen dat het monetaire beleid geen wijzigingen zou ondergaan. Dit bleek inderdaad het geval. Een aantal valuta's was daarvan de dupe. In de dagen voor de vergadering werd door sommige marktpartijen sterk rekening gehouden met een versoepeling van het Duitse monetaire beleid. Dit ging ten koste van de attractiviteit van de D-mark en speelde de dollar, het pond en de yen in de kaart.

De stijging van de dollarkoers hing echter niet alleen samen met de hoop op een Duitse rentedaling, ook vatte de mening post dat de Fed (het stelsel van centrale banken) de Amerikaanse rente voor de presidentsverkiezingen (op 3 november) niet meer zou verlagen. Een aantal dagen later weersprak Fed-president Greenspan deze mening, waarbij hij wees op het uitermate broze herstel van de Amerikaanse economie. Deze opmerkingen deden de dollar geen goed.

Ook het Britse pond kon in eerste instantie een deel van het forse koersverlies, na het vertrek uit het wisselkoersmechanisme van het EMS, enigszins goedmaken. Dit werd mede ingegeven door uitspraken van minister van financiën Lamont, dat de Britse base rate niet overhaast zal worden verlaagd. Medio deze week staken echter speculaties de kop op dat een forse renteverlaging rap zijn beslag zal krijgen. Dit bracht de koers van de Britse munt terug op het niveau van twee weken geleden.

In het EMS bleef het de afgelopen twee weken tamelijk rustig, zeker in vergelijking met de weken daarvoor. De Dmark boette iets aan kracht in door de speculaties over een rentedaling in Duitsland. Zowel de Nederlandse als de Belgische centrale bank zagen daardoor hun kans schoon om het rentetarief op speciale beleningen met 0,1 procentpunt te verlagen tot 8,9 procent. Beide munten konden zich moeiteloos handhaven aan de top van het EMS. Onderin het EMS bereikte het Ierse punt een aantal malen het onderste interventiepunt, waarna interventies (onder meer van DNB) volgden. Ondanks deze interventies en de vastbeslotenheid van de Ierse minister van financiën om de pariteit van het punt ten opzichte van de Dmark te verdedigen, zal het voor de Ieren moeilijk zijn om een devaluatie te ontlopen. De Ierse economie heeft immers nauwe handelsrelaties met het Verenigd Koninkrijk. Een appreciatie van het punt ten opzichte van het Britse pond brengt daarom sterk negatieve repercussies met zich mee voor de Ierse export en daardoor voor de gehele economie. Voor de Portugese escudo geldt mutatis mutandis hetzelfde als voor het punt. Portugal heeft sterke handelsrelaties met Spanje. Daardoor zal de portugese munt een devaluatie uiteindelijk moeilijk kunnen vermijden, nu de peseta met 5 procent is gedevalueerd, en bij een nieuwe herschikking verder zal worden afgewaardeerd.

Een spoedige Duitse renteverlaging zou tot uitstel (geen afstel) van een devaluatie van deze zwakke EMS-munten kunnen leiden. Onzes inziens heeft de Bundesbank nog onvoldoende reden om de rente te verlagen. Onzekere factoren die dit in de weg staan, zijn: de Amerikaanse presidentsverkiezingen (en de reactie van de dollarkoers op de uitslag), de onderhandelingen tussen de Duitse sociale partners over de opbouw van de voormalige DDR en de inflatoire ontwikkeling in Duitsland.

Op 16 december aanstaande speelt het Nederlands elftal de volgende interland-wedstrijd. Het is te hopen dat zowel de spelers van het nationale team als de bestuurders van de Bundesbank op of rond deze datum de supporters respectievelijk de financiële markten zullen vergasten op een blijdere tijding dan in de afgelopen week.

Bron: Economisch Bureau ING Bank