De helse heksen van Salem

Slagerij, vishandel, slijter, boekenzaak, groenteboer, garage - de middenstand in het stadje Salem in Massachusetts vertoont de bekende variëteit. Maar er zijn ook een paar winkels die enigszins uit de toon vallen in deze vriendelijke gemeente op dertig kilometer ten noorden van Boston. De koopwaar bestaat er goeddeels uit halfedelstenen, beeldjes van draken, monsters en engelen, kristallen bollen, kaarsen, boeken over hekserij, en tarotkaarten. Zakjes met gemalen alfalfa beloven "een veilige reis', een paar gram te verbranden koriander maken een minnaar "gek van verlangen'. De klandizie: de twee- tot drieduizend heksen die in Salem en directe omgeving zijn neergestreken.

Salem is de officieuze hoofdstad van Wicca, de panthestische godsdienst die uitgaat van een eenheid met de natuur en geloof in de eigen spiritualiteit. De hedendaagse heksen die in Salem wonen - volgens het stadsbestuur gaat het om vijf tot acht procent van de bevolking - doen geen vlieg kwaad. Zo, althans, valt te lezen in een van gemeentewege verstrekte verklaring.

“Beoefenaars van hekserij concentreren zich op het goede en het positieve in het leven, en op de geest, en wijzen elke associatie met de duivel van de hand. Aangezien hun geloof ouder is dan het christendom, bestaat er geen enkel verband tussen hen en de christelijke verstoffelijking van het kwaad.” (Ook benadrukken de autoriteiten van Salem dat heksen niet te herkennen zijn aan “zwarte puntmutsen, groene gezichten en bezemstelen”.)

Dergelijke informatie krijgt haast het karakter van een openlijke boetedoening voor wie bedenkt dat de vroede vaderen van het stadje in 1692 vele tientallen inwoners gevangen lieten zetten wegens hekserij. De verdachten zouden door een verbond met de duivel bovennatuurlijke krachten hebben gekregen, die ze onder andere aanwendden om jonge meisjes bizarre zenuwtoevallen te bezorgen. Ook een pokken-epidemie en andere ziekten moesten het werk zijn van deze verdorven schepsels. "Spectraal bewijs' was voldoende voor een veroordeling; getuigen vertelden in de rechtszaal dat de duivel druk doende was een verdachte iets in te fluisteren - ze zagen het met eigen ogen! - ook al merkten de andere aanwezigen, inclusief de magistraten, niets bijzonders. Reden te meer om aan te nemen dat hier brutale satanische krachten aan het werk waren. Pas toen gouverneur William Phips later dat jaar spectraal bewijs verbood, kwam er een einde aan de vervolging. Voor twintig verdachten was het te laat: negentien "engelen Satans' waren aan de galg gestorven, één ongelukkige was met stenen doodgedrukt in een vergeefse poging hem zijn duivelse praktijken te doen bekennen. Vorige maand was het drie eeuwen geleden dat het laatste vonnis uit de reeks werd voltrokken.

Historici en sociologen denken dat de beschuldigingen die tegen de verdachten werden geuit niet alleen stoelden op een te rijke verbeeldingskracht, maar ook op oude vetes en jaloezie. De rigide sociale codes van die tijd zullen evenmin geholpen hebben. Vaak waren de "heksen' ongetrouwde oudere vrouwen, of gehuwde vrouwen zonder kinderen. Ook stadgenoten die onregelmatig, of helemaal niet, naar de kerk gingen, waren verdacht. Dergelijke lieden waren een bedreiging voor de God-en-gezindoctrine van de puriteinen.

Luttele jaren na de heksenjacht trokken diverse getuigen hun verklaringen in (ze waren "misleid door Satan'), en in een aantal gevallen kregen de nabestaanden van de slachtoffers een schadevergoeding. De kwestie bleef de gemoederen door de eeuwen heen bezighouden. Er is een twintigtal boeken over het onderwerp verschenen, Philip Leacock baseerde zijn film Three Sovereigns for Sarah op de heksenvervolging in Salem, en de toneelschrijver Arthur Miller waarschuwde met The Crucible tegen de gevolgen van hysterie en bijgeloof zoals die zich in het oude Salem openbaarden. In 1957 bepaalde het hof van Massachusetts dat de afstammelingen van de slachtoffers officieel bevrijd waren van alle eventuele "schaamte en schuld'.

Drie eeuwen na de explosie van angst en terreur heeft Salem met zijn heksen leren leven. En hoe. Een silhouet van een heks - met punthoed en bezem - siert elke voorpagina van the Salem Evening News. De portieren van de politieauto's zijn beschilderd met een soortgelijk embleem. Het plaatselijk ijs is van het merk Dairy Witch en de snoepwinkel heet Witch City Fudge. Heksen zijn voor het historische stadje wat de scheve toren is voor Pisa; een symbool, een toeristenmagneet, en dus een bron van inkomsten. Elk jaar trekt Salem ongeveer 400.000 bezoekers die komen griezelen in het heksenmuseum, het heksenhuis (de woonstede van een van de rechters in de processen), en de heksenkerker (een replica van de oude gevangenis). Omdat 1992 een jubileumjaar is en de stad vele festiviteiten, lezingen en herdenkingsbijeenkomsten heeft georganiseerd, is de belangstelling groter dan ooit. Maar de huidige generatie heksen is hels, pardon, des duivels, excuseer, kwáád.

De misverstanden over hun geloof zouden door de herdenkingsactiviteiten alleen maar worden versterkt. “De evenementen hebben zogenaamd opvoedkundige waarde, maar in werkelijkheid exploiteren ze het woord heks en het begrip hekserij”, briest Laurie Cabot, voorzitter van the Witches' League for Public Awareness, en door voormalig gouverneur Michael Dukakis ooit tot Salems officiële heks benoemd. “De mensen van het herdenkingscomité laten bijvoorbeeld de heksenprocessen naspelen om toeristen te lokken. Ze missen - nee, weigeren - zo de kans om nu eens niet het onzinnige verband te leggen tussen hekserij en duivelsaanbidding, tussen heksen enerzijds en het kwaad en de zonde anderzijds.” Verzoenende verklaringen van gemeentewege - zie boven - doen daaraan niets af, vindt ze.

Menigeen heeft het moeilijk met hekserij. Zo willen sommige werkgevers en huisbazen onder geen beding in zee met lieden die de zon en de maan aanbidden en banformules uitspreken. De Wiccans zelf kunnen niet vaak genoeg herhalen dat het grondbeginsel van hun geloof harm none ("doe niemand kwaad') luidt, en dat elk kwaad dat een van hen theoretisch zou kunnen berokkenen, drie keer zo hevig bij diegene terugkomt. De bezweringen die ze uitvoeren zijn van dezelfde orde als de gezangen, rituelen en gebeden van, bijvoorbeeld, christenen en moslims: een middel tot verinnerlijking, extase, en tot het "richten van energiestromen'. Het wantrouwen blijft. “Van de week kreeg ik nog een bedroevend telefoontje van een man uit Pennsylvania”, zegt Teri Kalgren, die met Laurie Cabot samenwerkt om het imago van hekserij te verbeteren. “Hij was uit een supermarkt getrapt omdat hij een pentakel, een heksenteken, aan een kettinkje om zijn nek had hangen.” Ze schat dat "misschien wel tweederde' van alle heksen in de Verenigde Staten noodgedwongen heimelijk doen over hun ware overtuigingen. “Daarom is het moeilijk te zeggen hoeveel Wiccans er precies in dit land zijn, ook al omdat het een geloof is zonder hiërarchie: iedereen is zijn of haar eigen priester of priesteres, en het is niet noodzakelijk om gezamenlijk te praktizeren, hoewel dat wel veel voorkomt. Maar met een miljoen gelovigen zit ik zeker aan de voorzichtige kant.”

Die gelovigen hebben, in Salem althans, hun eigen openbare ontmoetingsplaatsen, zoals het Crystal Chamber and Café aan Pickering Wharf. Het is een modern wit koffiehuis waar gesprekken over het mystieke zich vermengen met het lawaai van de espressomachine. In een aparte ruimte bij de ingang kan de bezoeker zich de toekomst laten voorspellen. De clientèle vermaakt zich onder meer door gesprekken tussen argeloze toeristen af te luisteren. “Ze verwachten meestal een duister hol met kaarslicht en excentrieke oude vrouwtjes met kraakstemmen”, grijnst Wicca-waarzegster Liz Waters.

De herdenking van de zeventiende-eeuwse massa-hysterie mag omstreden zijn, heksenjachten worden in Salem al heel lang niet meer ontketend. Laurie Cabot gaat in een fladderend zwart gewaad door het leven en is, zo'n twintig jaar nadat ze zich in Salem vestigde, onderdeel van de plaatselijke folklore geworden. Margie Fedele, een onderwijzeres van middelbare leeftijd met een volumineus pagekapsel, heeft zowel leerlingen als collega's over haar hekserij ingelicht. Geen onvertogen woord heeft ze vernomen. Zelfs in de Anglicaanse kerk waar ze nog steeds lid van is kijkt niemand haar met de nek aan. Aan kapper Tony Guerriero, zijn vrouw en hun twee oudste dochters - allemaal zijn ze Wiccans - besteedde de redactie van een nationaal televisieprogramma eerder dit jaar uitvoerig aandacht. “Ik heb alleen maar positieve reacties gehad”, glundert Guerriero, die een spijkerbroek en gymschoenen draagt. Op zijn honkbaljack prijkt een speldje van de rockgroep U2. Ceremoniële kledij wordt door de meeste heksen alleen bij speciale gelegenheden gedragen, zoals tijdens de heksenparade door de binnenstad van Salem, waaraan dit jaar ongeveer 500 volgelingen deelnamen. Op één boze toeschouwer na, die liet weten dergelijke “spotternij met het christendom” een schandaal te vinden, varieerde de respons van onverschillig tot geestdriftig. “En dat is maar goed ook”, zegt Teri Kalgren half-grimmig, half-lachend, “want ze krijgen ons hier nooit meer weg”.

    • Rogier van Bakel