Ex-gijzelaars eisen van Iran 600 miljoen dollar als schadevergoeding

WASHINGTON, 15 OKT. Twee Amerikanen die jarenlang in Libanon zijn gegijzeld, eisen 600 miljoen dollar schadevergoeding van Iran, dat hun ontvoering zou hebben georkestreerd om in de Verenigde Staten vastgehouden miljoenentegoeden en wapens los te krijgen. De twee mannen, Joseph Cicippio en David Jacobsen, hebben daartoe gisteren gerechtelijke stappen genomen.

Hun advocaat zei gisteren dat Iran zich schuldig had gemaakt aan “commercieel terrorisme uit winstbejag”. Hij meende dat Iran geen aanspraak kan maken op immuniteit omdat het geld, bevoren na de bezetting van de Amerikaanse ambassade in Teheran in 1979, in de VS werd vastgehouden. De eisers willen dat de Amerikaanse regering alle Iraanse tegoeden die nog bevroren zijn - in opdracht van een speciaal tribunaal in Den Haag dat de wederzijdse Iraans-Amerikaanse claims regelt, is in de afgelopen jaren al een aanzienlijk deel van het geld vrijgegeven - vasthoudt tot in hun zaak uitspraak is gedaan. Volgens hun advocaten houden de VS nog tussen de 12 en 300 miljoen dollar aan Iraans geld vast.

Jacobsen (61) was directeur van het ziekenhuis van de Amerikaanse universiteit in de Libanese hoofdstad Beiroet toen hij in mei 1985 werd ontvoerd. Hij werd in september 1986 vrijgelaten in het kader van "Irangate' - de ruil van Amerikaanse wapens voor gijzelaars. Cicippio (62), die ook voor de Amerikaanse universiteit werkte, werd diezelfde maand juist opgepakt, en pas in december 1991 vrijgelaten. Beiden zijn nu werkloos.

De eisers wijzen niet alleen op het onder president Reagan bereikte akkoord met de toenmalige Iraanse parlementsvoorzitter Rafsanjani om wapens tegen gijzelaars te ruilen waarvan Jacobsen profiteerde, maar ook op het feit dat de dag van Cicippio's vrijlating een bedrag van 278 miljoen dollar door Washington aan Iran werd betaald als compensatie voor niet geleverde maar wel betaalde wapenbestellingen.

Jacobsen en Cicippio willen de 600 miljoen dollar als schadevergoeding voor hun ontvoering, fysieke mishandeling, gevangenhouding, inhumane medische verzorging, verlies van carrièremogelijkheden en pijn en lijden. Als hun inderdaad geld wordt toegekend, willen ze dat delen met andere vroegere gijzelaars en verwanten van omgekomen gijzelaars. (Reuter, AP)