Duitse rente blijft gelijk, markten zijn somber

ROTTERDAM, 15 OKT. De Bundesbank heeft vanmorgen tijdens de tweewekelijkse bijeenkomst van de bestuursraad zoals verwacht de rente niet gewijzigd. De Europese valutamarkten gaven vanmorgen fors lagere koersen voor pond en dollar te zien, waarbij onder meer de verwachting over de Duitse rente een rol speelde.

Het pond was rond het middaguur weggezakt naar 2,7798 gulden, nadat de munt in Amsterdam gisteren was gesloten op 2,8165 gulden. De dollar stond rond het middaguur op 1,6361 gulden, dat was een cent minder dan gisteren aan het slot.

Belangrijkste oorzaak voor de daling van het pond is de slechte economische toestand in Groot-Brittannië en het ontbreken van een duidelijk beleid. Het Britse ministerie van werkgelegenheid maakte juist vanmorgen een nieuwe stijging van de werkloosheid bekend met 32.200 tot 2,84 miljoen. Dat is 10,1 procent van de beroepsbevolking, het hoogste cijfer in vijf jaar. De voormalige Britse minister van handel en industrie Nicholas Ridley zei gisteren dat Groot-Brittannië op een nog ergere achteruitgang afstevent dan in de jaren dertig, tenzij de rente wordt verlaagd. De Londense beurs verloor vanmorgen 24 punten (naar 2549), omdat de zwakte van het pond de hoop op zo'n snelle Britse renteverlaging bij de handelaren heeft weggenomen.

Ook de verwachting dat de Bundesbank de rente vandaag niet zou verlagen, drukte de koers van het pond. Om dezelfde reden ontstond ook meer druk op de dollar, die ook negatief wordt beïnvloed door de aarzelende economische situatie in de VS.

De Bundesbank sprak gisteren in haar maandbericht de verwachting uit dat de valutakoersen na de rente onrust, die leidde tot een opwaardering van de D-mark met 6 procent, tot rust zullen komen. Tegelijk gaf zij aan dat in de aanloop naar een Europese monetaire unie nieuwe koersaanpassingen nodig zijn. De waardestijging van de D-mark maakt volgens de Bundesbank inflatiebeteugeling gemakkelijker “zodat de recente aanzienlijke rentedalingen die in Duitsland zijn bereikt tot dusver niet in gevaar komen.”