Leeuwarden en omstreken

OUDERS van het Stedelijk Gymnasium in Leeuwarden zijn verontwaardigd en voelen er niets voor hun school op te heffen.

Hun tegenstanders zijn onzichtbaar, zoals dat zo vaak het geval is met de macht: het zijn de regels, de bestuurders, de ideologen en de kleinere manipulatoren. Het voorlopig hoogtepunt in dit miniatuur van politiek-bureaucratisch marchanderen is de brief van staatssecretaris Wallage van de Partij van de Arbeid op drie oktober in deze krant. Hij beschreef de procedures en dacht daarbij waarschijnlijk in alle eerlijkheid dat hem geen blaam trof, omdat er zoveel adviesraden en commissies bij betrokken zijn dat zijn eigen opvattingen “bij de afweging geen enkele rol” spelen. Maar als dat zo is, dan is de man overbodig. Waar is een bewindsman voor? Wie moet een parlement ter verantwoording roepen? Als de macht zoek is, wordt democratische controle onmogelijk.

In algemene termen heeft het parlement overigens zijn kans gekregen en niet gegrepen. Vorig jaar is daar het besluit genomen om scholen onder te brengen in conglomeraten. Achter een façade van een paar slogans vol sociale bevlogenheid, waarmee in dit land iedereen altijd in verlegenheid wordt gebracht, heeft de onderwijs-lobby het voorportaal van de divisiestructuur bereikt. De rector van zo'n fabriek heet straks nog net niet Voorzitter van de Raad van Bestuur, maar met behulp van wat private consultancy moet straks met heuse concernstructuren rekening worden gehouden. En waarom ook niet, want op gemeentehuizen doen ze het ook.

WIE ZIJN ogen de kost geeft, ziet in Nederland soms op onverwachte plekken kleinschalige initiatieven om minderheden via onderwijs te integreren, om een LBO-school uit het drop-out-circuit te halen, om een getalenteerd kind naar een eliteschool te sturen. Een charismatische onderwijzer, leraar of rector doet wonderen. Zo iemand heeft steun nodig, maar dat kan alleen op lokaal niveau worden gerealiseerd: een betere computer, een bus voor een excursie, een geïntegreerd toneel- en literatuurproject met het plaatselijke toneelgezelschap, etcetera, etcetera.

Zicht daarop heeft Zoetermeer uiteraard niet en dus rest daar slechts het alternatief: formulieren. Dat heeft de specialisten in de Kamer - de rest van het parlement bemoeide zich er niet mee - vorig jaar er niet van weerhouden met de schone schijn van hogere kwaliteit en grotere gelijkheid een einde te maken aan de school en het conglomeraat in het leven te roepen.

Ruim een jaar geleden werd op deze plaats vastgesteld dat de nieuwe wet op de basisvorming als een bulldozer op de burger afreed: “Een kwart eeuw na de Mammoet komt de Bulldozer eraan. (Bijna) Niemand had erom gevraagd, niemand zat erop te wachten en niemand roept meer Stop.” De ouders van het Stedelijk Gymnasium hebben zich voor de bulldozer gegooid. Zij roepen in elk geval “Stop”.