"Ik zag het gebouw opeens vallen'

KAIRO, 13 OKT. “De tijd voor leven is voorbij”, zei generaal-majoor Hassan Ezz el-Deen vanmorgen vroeg. General Ezz el-Deen is assistent-directeur veiligheidszaken in Heliopolis, een relatief welvarende voorstad van de Egyptische hoofdstad Kairo, en hij zag toe op het reddingswerk in de resten van een 14 verdiepingen tellend gebouw dat de voorgaande middag was ingestort als gevolg van een zware aardbeving.

Het was een duur gebouw, ongeveer 10 jaar oud, maar volgens buren van het begin af aan onveilig. De eigenaar had een gerechtelijk bevel de hoogste verdiepingen te slopen, genegeerd.

“Ik hoorde geschreeuw, mensen renden overal vandaan naar buiten en toen was er een explosie”, zei de 20-jarige Mohammed Abdel-Sattar. “Ik zag het gebouw vallen, in zijn geheel, plotseling”.

Talloze mannen en vrouwen, sommigen in tranen, zaten zwijgend in het stof in de buurt te wachten op nieuws over vrienden en verwanten die naar ze vreesden vastzaten in het puin. Voor generaal Ezz el-Deen met zijn mededeling kwam waren 15 overlevenden uit het gebouw gehaald, voornamelijk uit appartementen op de illegaal erop gezette hoogste etages. De reddingswerkers, die volgens omwonenden pas na vier uur kwamen opdagen, moesten eerst zeven uur graven - door matrassen, een fiets, kapotte meubels - voor ze de eerste overlevenden vonden. Dat waren Ilham el-Sayed en haar twee-jarige zoon Ihab, die het er kennelijk levend hadden afgebracht doordat hun val als bewoners van de 13de etage door het puin van de andere verdiepingen werd gestuit. Ook een andere moeder in het gebouw had de aardbeving overleefd, maar het zoontje in haar armen niet.

Veel van de honderden dodelijke slachtoffers van de aardbeving vielen in scholen in arme volksbuurten. Zeker vijf schoolgebouwen verkruimelden geheel of ten dele. Tientallen schoolkinderen werden onder de voet gelopen en vonden de dood toen ze naar buiten probeerden te komen. Honderden gillende, verwarde familieleden belegerden een ziekenhuis in de sloppenwijk Shubra al-Khaima, waar volgens artsen meer dan 30 dode kinderen waren geregistreerd.

“De kinderen gooiden me van de trap”, zei de 13-jarige Amira Ahmed, “Ik voelde de aardbeving niet (..) Ik weet alleen maar dat iederen schreeuwde en als een gek naar beneden rende.” Haar ogen waren rood en gezwollen, en haar nek bont en blauw.

De aardbeving kwam aan het einde van de middagspits. Het verkeer kwam onmiddellijk muurvast te zitten: employés botsten in hun auto's op elkaar in hun haast waanzinnige pogingen naar huis te komen, naar hun gezinnen.

“Eerst dacht ik dat er een bom in de bank explodeerde”, zei de advocaat Samy Mohammed Ali. “Toen zag ik mensen rennen, en realiseerde ik me dat het een aardbeving was.” Mensenmenigten bevolkten de straten van Kairo na de aardbeving - velen bleven ook in de nacht buiten, uit angst voor een tweede beving of naschokken. Een vrouw stond in een steegje te schreeuwen. Op een plein in het centrum zat een groep mensen te huilen.

Een fundamentalistische prediker liep door de straten om de verdwaasde overlevenden te vertellen dat de aardbeving Gods straf was voor hun zonden en corruptie. Sjeik Atia Saqr, een theoloog van de Al-Azhar, de hoogste autoriteit van de sunnitische islam, noemde de aardbeving - zoals elke ramp - “een goddelijke beproeving die bedoeld is om het geduld en de berusting te testen van de mensen tegenover het oordeel van God”. In een vraaggesprek met de Engelstalige Egyptian Gazette onderstreepte hij dat de mensen hieruit lering moeten trekken.

Maar een deskundige van het Nationaal Instutuut voor Astronomie en Geofysica meende dat het hoge dodental eerder te maken had met de overvloed aan oude, zwakke gebouwen en slecht-geconstrueerde nieuwe. Het is een feit dat in Kairo ook zonder aardbevingen gebouwen instorten. Een week geleden werden nog zes mensen gedood toen een vier etages tellend gebouw instortte. Egyptes antieke monumenten daarentegen hebben de aardbeving ongeschonden overleefd. (Reuter, AP, AFP)