Tolerantie Rijkaard komt Oranje goed uit

AMSTERDAM, 11 OKT. Na drie nederlagen op rij is bondscoach Dick Advocaat er van overtuigd dat hij het ei van Columbus heeft. Het Nederlands elftal was zaterdag voor de oefenwedstrijd tegen Jong Oranje (3-1) in het Olympisch Stadion in een nieuw jasje gestoken. In vergelijking met de interland tegen Noorwegen vertoonde Oranje, dat representatief mocht worden genoemd voor de WK-kwalificatie-interland van woensdag tegen Polen, op vijf plaatsen wijzigingen. Bovendien presenteerde Advocaat een nieuw spelconcept. Het 4-4-2-systeem heeft weer afgedaan en maakt plaats voor een 3-4-3-systeem.

Het is allemaal bedoeld om de beste Nederlandse voetballers in Oranje te laten spelen en op papier lijkt het een logische poging. Opmerkelijk is de wederom gewijzigde rol van Frank Rijkaard. De sierlijke voetballer van AC Milan opereerde tijdens het EK als rechtshalf. In de oefeninterland tegen Italië had hij stuivertje gewisseld met Jan Wouters en fungeerde hij als centrale middenvelder. Op die positie speelde hij ook tegen Noorwegen. Maar in het "landsbelang' schikt hij zich nu weer in de rol van mandekker.

Rijkaard speelde als stopper in feite zijn beste interlands. Met name tijdens het Europees kampioenschap van 1988 maakte hij in deze ondankbare rol grote indruk door internationaal befaamde spitsen op souplesse en techniek uit te schakelen. Tijdens het WK in Italië werd steeds meer duidelijk dat Rijkaard zich te goed voelde om zo in dienst van het elftal te spelen. Het zou een van zijn beweegredenen zijn geweest om na het spuug-incident met Rudi Völler te bedanken voor Oranje. Maar zelf heeft Rijkaard dat nooit toegegeven. Bij Milan had hij overigens trainer Arrigo Sacchi reeds weten te overtuigen van het feit dat hij meer tot zijn recht komt als middenvelder. Costacurta werd gevonden om zijn taak in de defensie over te nemen.

Bij gebrek aan verdedigers in Nederland heeft Advocaat echter weer een beroep gedaan op de tolerantie van Rijkaard. Hij had hem graag tegen Noorwegen al op de plaats van stopper zien spelen. Maar de nood was toen, aan het begin van een nieuw kwalificatietoernooi, nog niet zo hoog. Nu er in feite geen wedstrijd meer mag worden verloren, het resultaat boven alles gaat, heeft Advocaat ingegrepen. Er zijn niet eens zoveel woorden over vuil gemaakt, zegt de bondscoach. Rijkaard hoorde wat hem te doen stond en maakte er verder geen probleem van. “Want Frank is een echte prof die graag voor Oranje speelt”, aldus Advocaat.

In de stoppersrol wordt Rijkaard vergezeld door de teruggekeerde Berry van Aerle, die zaterdag licht gewond uitviel na een botsing met de Volendammer Fabian de Freitas. Maar de PSV'er zal woensdag in De Kuip gewoon van de partij kunnen zijn.

Advocaat lijkt er verder in geslaagd om een systeem te ontwikkelen waar ook Wim Jonk in kan functioneren. Zijn leermeester Rinus Michels heeft zich alijd op het standpunt gesteld dat Jonk en Koeman, twee gelijksoortige spelers, niet met elkaar in een elftal kunnen spelen. Jonk bewees de afgelopen maanden bij Ajax dat zijn progressie het afgelopen jaar geen toeval is geweest. Hij ontpopte zich opnieuw als de ideale aangever van Dennis Bergkamp en de man van de feilloze pass, die op de centimeter nauwkeurig aankomt. Over die gave beschikt Ronald Koeman ook, maar Jonk is creatiever. De Volendammer weet beter dan wie ook openingen te vinden in een muur van verdedigers. Een situatie waarmee hij wekelijks bij Ajax te maken krijgt.

Advocaat heeft dat onderkend. Wouters moet zich nu laten terugzakken als Koeman opkomt, waardoor Jonk op het middenveld de vrijheid krijgt om verbindingen te leggen met Bergkamp, c.q. Van Basten of Van Vossen. De praktijk zal moeten uitwijzen of Koeman daardoor wat vaker in staat zal zijn een van zijn verwoestende schoten te lossen, want daar komt hij sinds het EK nauwelijks meer aan toe.

Op het middenveld kent het Nederlands elftal twee nieuwe gezichten. Arthur Numan lijkt op de linkerflank Rob Witschge te hebben verdrongen. Op rechts moet Advocaat een keuze maken tussen Aron Winter en Gerald Vanenburg. Hij laat dat afhangen van de Polen; of het team met een aanvallende of verdedigende linkshalf aantreedt. In het eerste geval speelt Winter, in het tweede Vanenburg. Het inzetten van de PSV'er heeft als nadeel dat hij vaak naar binnensnijdt, waar het toch al overvol is. Vandaar dat Advocaat zaterdag ook met Winter in de basis begon. Pas diep in de tweede helft kreeg Vanenburg een kans.

De terugkeer van Peter van Vossen verliep in dit vrijblijvende partijtje nog wat stroef. De Anderlecht-speler had weinig geluk met zijn acties, maar overtuigde wel als de ijverige assistent van Van Basten. En daar ging het Advocaat toch om. Nu de flanken tamelijk onbezet zijn, moeten de aanvallers af en toe naar links of rechts uitwijken voor een voorzet of om ruimte te scheppen voor de opkomende Bergkamp. De conditioneel sterke Van Vossen is rechtsbenig, maar wijkt altijd naar links uit. Hij lijkt bij uitstek geschikt om dit concept uit te voeren. Advocaat: “De diepte die tegen Noorwegen niet aanwezig was, heb ik tegen Jong Oranje wel gezien. Met Koeman, Jonk en de beweeglijke Van Vossen ga je meer ruimte krijgen. Ik wil niet zeggen dat dit een geweldige wedstrijd was. Maar het bewegen, het passen en de aansluiting van de linies, hetgeen allemaal vantevoren allemaal was afgesproken, dat heb ik vanmiddag wel gezien.”

Elke strategie staat en valt echter met de uitvoering. Het Nederlands elftal zal tegen Polen de bezieling moeten tonen die tegen Noorwegen ontbrak. De tijd om bij Oranje eens lekker te relaxen als welkome onderbreking voor de zware clubarbeid is na de 2-1-nederlaag in Oslo resoluut voorbij.

Het Nederlands elftal speelde tegen Jong Oranje in de volgende basisopstelling: Menzo; Rijkaard, Koeman, Van Aerle; Winter, Wouters, Jonk, Numan; Bergkamp, Van Basten en Van Vossen. Invallers: Vanenburg voor Winter en Fräser voor Van Aerle. Doelpuntenmakers: Koeman, Van Basten (strafschop) en Rijkaard voor het Nederlands elftal, De Freitas voor Jong Oranje.

    • Erik Oudshoorn