De politiek van Wim Duisenberg

Als minister van financiën schreef W.F. Duisenberg 15 jaar geleden een alternatief verkiezingsprogramma voor de PvdA. Als president van De Nederlandsche Bank kan hij nu echter “geen politieke uitspraken doen,” zegt hij in "Socialisme en Democratie', het maandblad van de Wiardi Beckman Stichting.

Vervolgens trekt de Centrale Bankpresident echter onverdroten van leer. 1. Het verschil in belastingdruk op vermogenden met België moet kleiner. 2. De benzine-accijns mag niet “al te fors omhoog”. 3. De overheid moet “zeker niet meer dan de helft van de groei van het nationaal inkomen claimen”. 4. De kinderbijslag moet inkomensafhankelijk worden. 5. De overheid mag alleen lenen voor investeringen: de "gulden financieringsregel'. 6. De investeringen van de overheid moeten worden verdubbeld, van één naar twee procent van het nationale inkomen. 7. De bestrijding van de criminaliteit moet worden versterkt. 8. De uitgaven voor onderwijs moeten prioriteit krijgen, ook terwille van de minderheden. 9. De inkomensverschillen tussen economisch actieven en uitkeringsontvangers moeten groter, want dat kan leiden tot extra economische groei.

Opmerkelijk detail: Duisenberg blijkt de oude Keynes nog niet helemaal te zijn vergeten. Als de economie tegenzit en de belastingontvangsten teruglopen, hoeft de overheid van hem niet onmiddellijk te bezuinigen, want die bezuinigingen “versterken de conjuncturele aarzeling”. Andersom mag een meevallende economie niet onmiddellijk leiden tot extra uitgaven. Geen wiebeltax weliswaar, maar toch. (KC)

    • Cees Banning
    • Hendrik Spiering
    • Kees Calje