Koningin reikt subsidies uit aan jonge kunstenaars

Tentoonstelling Koninklijke Subsidie voor Vrije Schilderkunst 1992 in het Paleis op de Dam. Tot en met 25 oktober dag 12.30-17.00u. Juryrapport vijf gulden.

AMSTERDAM, 10 OKT. In het Paleis op de Dam is gistermiddag de jaarlijkse Koninklijke Subsidie voor Vrije Schilderkunst uitgereikt. Tijdens een sobere bijeenkomst ontvingen de bekroonde kunstenaars Wim Bosch (Groningen), Sarianne Elizabeth Breuke (Groningen), Hans Broek (IJmuiden), Allard Budding (Rotterdam), Janpeter Muilwijk (Middelburg) en Rinke Nijburg (Arnhem) de subsidie uit handen van koningin Beatrix.

De subsidie (5000 gulden) is bestemd voor beeldende kunstenaars tot 35 jaar. Dit jaar bedroeg het aantal inzendingen 661, ruim honderd minder dan in 1991. Voor de tentoonstelling zijn elk twee schilderijen van de winnaars gekozen en van dertig andere kunstenaars één werk. Bij de ingezonden werken blijken vooral inhoudelijke aspecten de uiteindelijke vorm van het schilderij te bepalen, “het schilderen als spontane expressie” is minder nadrukkelijk aanwezig, aldus het juryrapport. Klassieke abstract-geometrische kunst ontbreekt ook, zo blijkt na een eerste rondgang door de expositie. Er zijn wel patroonachtige structuren te zien, die zowel abstract als figuratief kunnen zijn. Een voorbeeld hiervan is het werk van Budding en Breuke. Budding tekent met houtskool op ongeprepareerd doek ritmische patronen die hij vervolgens gedeeltelijk met verf invult. De abstracte schilderijen van Budding doen denken aan computerbeelden, terwijl Breukes werk overeenkomsten vertoont met volkskunst. Vogels, bloemen en kinderen zijn in uitbundige, kleurige patronen dooreen gevlochten.

Herkenbare voorstellingen hebben bij deze keuze uit de inzendingen de overhand. Traditionele genres als stilleven en landschap zijn weer teruggekeerd. De kwaliteit van de schilderijen is wisselend. Soms blijkt een eenvoudig motief, zoals "De zilveren bekers'' van Brieke Drost, verrassend mooi, in andere gevallen, zoals bij voorbeeld "Het gestreepte truitje'' van Carolien Perdeck, is het resultaat nogal mager. De sober gekleurde, theatrale landschappen van Broek hebben een langgerekt formaat. Zij vormen een opvallend contrast met de smalle hoge doeken van Nijburg waarin heldere lichte kleuren de boventoon voeren. Nijburgs schilderijen van figuren in een landschap herinneren aan expressionistische kunst uit de jaren twintig. Zij hebben beschrijvende titels zoals Een lange wandeling rond een gereformeerde kerk.

Ook religieus getinte voorstellingen zijn op de expositie te vinden. Zo lijkt een schilderijtje van Reinoud van Vught op het eerste gezicht abstract, maar wie zijn werk kent zal er misschien nog een crucifix in zien. Muilwijk schildert figuren in zachte pasteltinten. Zijn onderwerpen, een herder met schapen of een zaaier met kind, verwijzen naar bijbelse verhalen. Werk van Muilwijk en Van Vught is tot 9 november ook te zien op de tentoonstelling van Rijksaankopen 1991 in de Hannema-de Stuers Fundatie te Heino.

    • Din Pieters