Grote werkloosheid blijft bron van zorg in aantrekkende economie; Immigranten, dollars en vrede geven Israel hoop

TEL AVIV, 10 OKT. Met vredesgeluiden op de achtergrond zijn er tekenen dat de Israelische economie na enkele jaren van betrekkelijke stilstand de komende drie jaar weer flink gaat groeien.

Met een tot onder de 10 procent dalende inflatie, een snel stijgende export en toeristenindustrie, en een Amerikaanse bankkredietgarantie van 10 miljard dollar als steunpunten, is de socialistische minister van financiën Avraham Shohat, ondanks bijna 12 procent werkloosheid, optimistisch gestemd. “Als het vrede wordt is de hemel de limiet van onze economische mogelijkheden”, zei hij deze week tijdens een ontmoeting met de buitenlandse pers in Tel Aviv.

Reeds nu zijn er volgens de minister bemoedigende tekenen dat buitenlandse investeerders die de Israelische economie schuwden, zich opmaken op de wagen van economische groei van 6 tot 7 procent te springen. Zijn binnenkort ter goedkeuring aan de knesseth voor te leggen begroting voor 1993, ter grootte van 38,3 miljard dollar, staat in het teken van een ongekende expansie van de infrastructuur van de Israelische economie. Indien sterke politieke belangengroepen hem de voet niet dwars zetten, is minister Shohat van plan het reeds op bescheiden schaal begonnen privateringsproces van overheidsbedrijven krachtig door te zetten.

Hoewel hij uit de socialistische stal komt, wil Shohat absoluut niets weten van het scheppen van door de schatkist te financieren werkgelegenheidsprojecten ter bestrijding van het voor Israelische begrippen - immigrantenmaatschappij - onaanvaardbare hoge werkloosheidspercentage. Tot nu toe heeft hij druk van premier Rabin weerstaan om van zijn strakke economische principes af te wijken omwille van tijdelijke verzachting van de pijnlijke werkloosheid. Rabin heeft "haast', omdat de Arbeidspartij het Israelische volk tijdens de verkiezingscampagne mooi weer aan het arbeidsfront voorspelde. De zwarte werkloosheidswolken hangen echter nog zo zwaar boven het Israelische landschap dat de massa-immigratie uit de vroegere Sovjet-Unie er sterk door is teruggelopen en wanhopige werkloze gedemobiliseerde soldaten aan emigratie denken.

Shohat is stellig in zijn overtuiging dat de werkloosheid uitsluitend door werkelijke groei van de economie kan worden bestreden en dat socialistisch kunst- en vliegwerk uit vergrijsde socialistische handboeken uit den boze is.

Indien het cijferwerk klopt en het politieke beeld in het Midden-Oosten niet door onvoorziene gebeurtenissen wordt verstoord, zal de werkloosheid volgens de prognose van de begroting in 1995 tot 9,1 procent zijn gedaald. Een mooi en aanvaardbaar resultaat volgens de minister, omdat de werkloosheid ondanks 120.000 immigranten per jaar en de natuurlijke bevolkingsaanwas zal krimpen. Als Shohats prognoses uitkomen zal Israel in de periode van 1989 tot 1995 850.000 immigranten op een bevolking van 5,1 miljoen zielen (in 1992) hebben opgenomen.

Voor het scheppen van een werkgelegenheidsklimaat voor de honderdduizenden die zich op de arbeidsmarkt aandienen, zal van 1993 tot 1995 bijna acht miljard dollar in de verbreding van de infrastructuur worden gepompt. Een investering van dergelijke omvang in onderwijs, wegennet, spoorwegen, communicatie en dergelijke is zonder weerga in Israels geschiedenis. Ondernemers in de op export gerichte particuliere sector, die door de socialist Shohat als de trekpaarden van de economie worden beschouwd, hebben ook reden om zich in de handen te wrijven. In 1993 kunnen zij op overheidsaanmoedigingen in allerlei vormen - onder meer premies van ruim een miljard dollar - rekenen. Grote investeringen in onder andere de chemische industrie en de telefoonmaatschappij Bezek zullen worden gefinancierd uit door de Amerikaanse kredietgarantie gedekte leningen van Amerikaanse banken.

In de begroting van 1993 komt duidelijk de verlegging van de politieke prioriteiten van de regering Rabin van annexatiepolitiek naar een territoriaal compromis tot uitdrukking. De kolossale en kostbare bouwinspanning van de afgelopen jaren van de Likud-regering in de bezette gebieden is door een gedeeltelijke bevriezingspolitiek danig afgeremd. De begroting wordt echter toch nog zwaar belast door de contractuele verplichtingen die de regering ten opzichte van de aannemers heeft, als gevolg waarvan de regering eind 1993 de beschikking zal hebben over 43.000 lege woningen.

Ondanks de vredesbesprekingen in Washington is er van bezuiniging op de defensie-uitgaven, ongeveer 26 procent van de totale begroting, nog nauwelijks sprake, hoewel er voor 1993 toch iets, 40 miljoen dollar, vanaf gaat.

Met alle problemen die de massa-immigratie van de Russische joden met zich meebrengt, is dit fenomeen toch de sleutel tot de te verwachten groei van de Israelische economie. Afgezien van het positieve effect ervan op de inflatie (groot aanbod arbeidskrachten drukt lonen) wordt de Israelische economie door de komst van zoveel hoogwaardige arbeidskrachten enorm verrijkt in menselijk potentieel. Maar liefst 75 procent van de Russische immigranten hebben beroepsopleidingen genoten. Mede daardoor heeft 25 procent van Israels bevolking een hogere opleiding genoten.

Vredesvooruitzichten, menselijk kapitaal en dollars zijn de ingrediënten van het nieuwe Israelische optimisme, de wereldrecessie voorlopig ten spijt.