Creatief boekhouden

"Accounting for Growth, Stripping the Camouflage from Company Accounts' by Terry Smith, ¢8 12,99, Century Business, Isbn 0-7126-5764-9

Op maandag 3 september 1990 publiceerde "beurslieveling' Polly Peck International, dat recentelijk het voedingsconcern Del Monte had overgenomen, een forse stijging van de halfjaarcijfers van 64,4 naar 110,5 miljoen pond. Twee weken later werd de handel in aandelen Polly Peck opgeschort, na huiszoeking door justitie van de burelen van topman Asil Nadir.

De beurskoers van Polly Peck, die ruim 12 maanden daarvoor nog een hoogste koers noteerde van 457 pence, kelderde met 135 pence naar een schamele 108 pence. Beleggers zaten opgescheept met waardeloze aandelen van een bedrijf dat een maand later uitstel van betaling moest aanvragen.

Terry Smith, een topanalist uit de Londense City, vertelt in zijn boek Accounting for Growth het ijzingwekkende verhaal van de "creatieve' boekhouding die leidde tot het Polly Peck-debâcle en andere spraakmakende Britse financiële schandalen, waaronder de ondergang van het Maxwell-imperium. Zijn openhartigheid kostte Smith, die werkte voor het Londense effectenhuis UBS Phillips & Drew, zijn baan. De inhoud van Accounting for Growth was te pijnlijk voor enkele goede relaties van het effectenhuis.

In zijn boek neemt Smith twaalf - wettelijk toegestane - technieken van accountants onder de loep waarmee de balans en de winst- en verliesrekening zodanig worden opgepoetst met als doel de geldgevende partijen (banken, aandeelhouders) een rad voor de ogen te draaien. De technieken zijn het inconsistente gebruik van buitengewone en baten en lasten, trucs bij overnames en verkopen, financiering buiten de balans om, schulden verhullen in de vorm van eigen vermogen, de verandering van regels voor afschrijving en het activeren van kosten.

De onderneming hoopt hiermee twee zaken te bereiken: de gerapporteerde winst te verhogen of het balanstotaal te verstevigen. Eenmaal gepubliceerd hebben financiële cijfers invloed op bijvoorbeeld de beurskoers en het verkrijgen of verlengen van kredieten. Veel beleggers en andere gebruikers van jaarrekeningen varen blind op cijfers over netto winst en omvang van het eigen vermogen. Dit leidt ertoe dat de beurskoers van bedrijven met "gemanipuleerde' cijfers overgewaardeerd is.

De researchafdeling van UBS Phillips & Drew kwam onder leiding van Terry Smith tot een ranglijst van bedrijven die het grootste aantal creatieve boekhoudtechnieken gebruiken. Drankenproducent Grand Metropolitan voert de lijst aan met negen van de twaalf door Smith genoemde boekhoudkundige foefjes. Maar ook in Nederland bekende bedrijven als British Aerospace (7), Unilever plc (4) en de beoogde fusiepartner van Elsevier, Reed (7), maken volop gebruik van technieken om hun cijfers op te poetsen.

Ook Nederlandse bedrijven maken gebruik van de boekhoudtechnieken die in Accounting for Growth worden beschreven. Het accountantkantoor Touche Ross publiceerde in 1989 een onderzoek naar de vergelijkbaarheid van jaarrekeningen binnen de Europese Gemeenschap. Voor een zelfde onderneming berekenden de accountants per land binnen de wettelijke mogelijkheden een variant met een hoogste winst en een met de laagste winst. Met de Nederlandse wetgeving lag de winst afhankelijk van de berekening tussen 100 en 200, een speelruimte van een factor 2. In landen als Frankrijk en Italië, waar de wettelijke regeling veel gedetailleerder is, was de marge veel kleiner.

Vraag is hoe laakbaar deze creatieve boekhoudtechnieken zijn. Uit het boek van Smith blijkt dat een goede analist zijn weg kan banen door de "accountancy-jungle' om een goed beeld te krijgen van de werkelijke financiële positie van een bedrijf. Uit wetenschappelijke studies blijkt dat de meeste beleggers door de boekhoudkundige sluier heen kunnen kijken. Op de langere termijn blijken beursfondsen beleggers niet te kunnen misleiden door de balans en jaarrekening op te poetsen.

Ernstiger is dat Terry Smith ondervond dat de onpartijdigheid die hij in zijn boek ten toon spreidt door zijn werkgever niet op prijs werd gesteld. Na een telefoontje van de meest notoire "verhuller', GrandMet, werd Smith door Phillips & Drew onder druk gezet de publikatie van het boek uit te stellen. Smith weigerde en werd ontslagen.

Verslagen van effectenanalisten, die mede dienen om de beursomzet omhoog te drijven, zijn dikwijls niet geheel objectief. De subjectiviteit neemt toe als het bedrijf waarover de analist schrijft ook nog cliënt is, bijvoorbeeld via het pensioenfonds van de onderneming. Een verkoopadvies voor een dergelijk beursfonds is dan ondenkbaar.

Dit probleem is nog groter bij een bank, waarbij krediet, fusie en overnamebedrijf gecombineerd worden met een effectenafdeling. In theorie bestaan er "Chinese Walls' die ervoor moeten zorgen dat geen informatie doorlekt. Maar ook Nederlandse analisten geven toe dat vaak druk van binnen uit wordt uitgeoefend om kritische research te temperen, zeker als de corporate-finance-afdeling een aandelenemissie van hetzelfde bedrijf verzorgt.

    • Paul Wessels