Amsterdam heeft het zicht op zijn inwoners verloren

AMSTERDAM, 10 OKT. Na een hectische week waarin de slachtoffers van de vliegramp in de Bijlmermeer werden opgevangen en de ruimingswerkzaamheden werden afgerond, maakt Amsterdam zich op voor de rouwplechtigheid die morgen op verschillende plekken in de stad zal worden gehouden. Het verwerken van de emoties van de nabestaanden, omwonenden en hulpverleners zal nog geruime tijd in beslag nemen, zoveel is zeker. Dat neemt niet weg dat de balans opgemaakt zal moeten worden over de aanpak en de consequenties van de ramp.

Voor zover kan worden beoordeeld liep het rampenscenario dat de gemeente Amsterdam in de kast heeft liggen zonder al te grote problemen. Binnen zeer korte tijd bleken politie en brandweer een indrukwekkende hoeveelheid mensen op de been te brengen. De colonne ambulances was snel ter plekke, ziekenhuizen stonden klaar en vanuit alle windrichtingen kwamen doktoren en verplegers aangesneld.

In de gecoördineerde chaos die ontstond, bleek de exacte omvang van de ramp minder accuraat te beoordelen. Het aantal dodelijke slachtoffers tussen de brokstukken van de flats Groeneveen en Klein Kruitberg zal nooit precies worden vastgesteld. Maar het verschil tussen de aanvankelijke schatting van 250 doden waaraan de autoriteiten tot gisteren vasthielden en het uiteindelijke aantal doden dat volgens de gepubliceerde gegevens waarschijnlijk rond de zestig, zeventig moet liggen, roept vragen op.

Het crisisteam onder leiding van burgemeester Van Thijn baseerde de schatting van het aantal vermisten op de 239 personen die ingeschreven stonden op de tachtig appartementen die door de ramp waren getroffen. In de loop van de week meldden zich 88 mensen die op deze lijst stonden. Toch hield het crisiteam vast aan het getal van 250. Daarbij werd een gemiddelde gehanteerd, zo werd beweerd: enerzijds werd er van uit gegaan dat een aantal mensen niet aanwezig was op het tijdstip van de ramp, anderzijds werd rekening gehouden met bezoekers, niet geregistreerde bewoners en illegaal in Nederland verblijvende buitenlanders. Verzwegen werd dat een lijst met 1500 vermisten in omloop was. Dat laatste zorgde voor paniek bij het crisisteam, verklaarde burgemeester Van Thijn gisteren. Gecombineerd met de bevolkingsadministratie was het getal van 250 nog een conservatieve schatting, zo was het uitgangspunt.

Na de eerste tegenstrijdige berichten over het aantal geborgen slachtoffers, werd in de loop van de week duidelijk dat zich beduidend minder lichamen in het puin bevonden dan op basis van de cijfers verwacht mocht worden. Volgens Van Thijn was het echter verantwoord vast te houden aan het getal van 250. Het aantal vermisten bedroeg immers tot gisterochtend nog 300. De vermisten vormden echter een wankele basis voor schattingen. Dat bleek nog eens gisteravond toen de drie lijsten met vermiste personen, die als “zeer zorgvuldig samengesteld” werden gepresenteerd, binnen korte tijd moesten worden aangepast en rond twaalf uur zelfs werden ingetrokken wegens een aantal geconstateerde fouten.

Een en ander dringt het sterke beeld op dat de gemeente Amsterdam het zicht op haar inwoners verloren heeft. Al eerder bleken aanwezige administratieve bestanden ontoereikend voor een helder beeld. Registratie bij de betrokken woningbouwcorporatie zijn vervuild door onderverhuur en illegale bewoning. Bij het bevolkingsregister, ooit als feilloze administratie door de Duitse bezetter misbruikt, spelen soortgelijke problemen. Hoofdcommissaris Nordholtverklaarde het laatste bestand zelfs compleet waardeloos bij het beoordelen van het aantal slachtoffers. Over de mogelijkheid en de wenselijkheid van een betere registratie lijkt het laatste woord nog niet gezegd.

Een ander punt op de agenda is de luchthaven Schiphol. De voorgenomen verdubbeling van het luchtvervoer in een tiental jaren komt door de ramp in een nieuw licht te staan. Eensgezind besloten de partijen in de Amsterdamse gemeenteraad het politieke effectbejag even ter zijde te schuiven en geen verklaringen over dit onderwerp af te geven. Alleen Groen Amsterdam stoorde zich niet aan deze politieke consensus en concludeerde dat de veiligheidsrisico's van vliegtuigen in drukbebouwde gebieden niet langer buiten beschouwing kon blijven.

Maar naar verwachting zal het Amsterdamse gemeentebestuur nog het meest te maken krijgen met de verschillende minderheden die het grootste deel uitmaakten van de slachtoffers in de Bijlmermeer. Een duidelijker contrast tussen de agenten, brandweerlieden en andere diensten en de Surinaamse, Antilliaanse en Ghanese getroffenen was nauwelijks. De inzet bij de ramp was groot en de emoties oprecht, maar dit kon niet verhullen dat er nogal wat misverstanden over en weer rezen. Daarbij konk regelmatig een hard verwijt uit de verwaarloosde betonjungle van de Bijlmer: er is kennelijk een ramp voor nodig om onze problemen in de aandacht te krijgen. Een verwijt waarvan de bitterheid niemand kan zijn ontgaan.