Met vakantie naar de Goelag; Surrealistische novelle van Larisa Vanejeva

Larisa Vanejeva: De Kubus uit. Vert. Arie van der Ent. Uitg. Arena, 144 blz. Prijs ƒ 34,95.

Over Larisa Vanejeva is weinig meer bekend dan dat ze journalistiek studeerde aan de Universiteit van Moskou, een schrijversopleiding volgde aan het Gorki-instituut voor wereldliteratuur en zich actief bezighoudt met ecologische vraagstukken. Lange tijd kreeg ze in eigen land nagenoeg niets gepubliceerd, tot er kort geleden twee verhalenbundels van haar verschenen. In veel van deze verhalen nemen aura's, biovelden en energostromen een belangrijke plaats in, en De kubus uit spant in dit opzicht wel de kroon.

Deze novelle, waarvan de volledige titel luidt: Agar-Agarytsj, of de kubus uit. (Een kubistisch traktaat over consumptiebeperking per hoofd van de bevolking), speelt zich af op een Noordrussisch eiland; hoewel nergens met zoveel woorden gezegd, gaat het om de Solovetsk-eilandengroep in de Witte Zee. In de Middeleeuwen bevond zich hier een klooster en in de jaren twintig van onze eeuw een van de eerste Goelag-interneringskampen. Tegenwoordig dient de plek als toeristisch pelgrimsoord. In De kubus uit lopen deze drie tijdsniveaus door elkaar heen. Een beschrijving van restauratiewerkzaamheden in het door toerisme vervuilde oord gaat over in het verhaal van een mislukte ontsnappingspoging, terwijl talloze toespelingen op Bijbel en mystiek, samen met uitgebreide beschrijvingen van klooster- en kerkgebouwen, een middeleeuwse sfeer oproepen. Flarden van een telefoongesprek waarin de vrouwelijke hoofdfiguur later over haar vakantie vertelt, brengen ook de toekomst binnen.

De drie hoofdpersonen bewegen zich vrij heen en weer tussen de verschillende tijden. De toeriste Weljofova, meestal aangeduid als "W.', wordt verliefd op Aleksej, het hoofd van de restauratiewerkzaamheden. Deze bevlogen en onbaatzuchtige "timmerman Gods' ligt overhoop met bureaucratische instanties en met zijn eigen werklui, en gooit, malende, het bijltje erbij neer. Op mysterieuze wijze wordt zijn plaats naast Weljofova ingenomen door Wemjofov, een dronkelap die in zijn onderhoud voorziet door het verzamelen van zeewier waarvan het kostbare levensmiddel agar-agar gemaakt wordt; voorts is Wemjofov, zo wordt gesuggereerd, de zoon van een tijdens zijn vlucht omgekomen kampgevangene.

Zuiverheid

In zes "vlakken' - elk kubusvlak is goed voor een hoofdstuk - wordt ons de speurtocht van deze drie figuren uit de doeken gedaan, een speurtocht die niet alleen door verleden, heden en toekomst loopt maar ook door verschillende ruimte- en bewustzijnsniveaus, en die uiteindelijk moet leiden tot vrijheid, zuiverheid en waarheid. Wat dit inhoudt blijft wat onduidelijk, zoals wel meer in het boek. Voor W., die worstelt met haar zinnelijkheid, gaat de loutering in ieder geval gepaard met een steeds grotere vergeestelijking, een bevrijding uit het routinematige leven dat gesymboliseerd wordt door de kubus. Hierin wordt ze gestimuleerd door de oude Wemjofov, een ecoloog pur sang die voortdurend hamert op de broederschap tussen mens en dier en spreekt over het "bewustzijn van jezelf als deel van de kosmos'. Naar zijn programma verwijst de ondertitel van de novelle: waar het Sovjetbewind consumptievergroting per hoofd van de bevolking propageerde met als doel de levensstandaard van de Verenigde Staten te overtreffen, pleit Wemjofov voor een bewuste versobering.

De speurtocht naar de ultieme zin van alles is doorspekt met concrete, al dan niet geïroniseerde details uit het Sovjetleven, zoals de beschrijving van een rij wachtenden voor een drankwinkel of de komst van een hoge delegatie naar het eiland. De innerlijke waarheid waar de personages naar streven heeft niet alleen kosmische maar ook historische aspecten, en net als het bewustzijn bestaat ook de geschiedenis uit verschillende, elkaar verhullende lagen, die wachten op ontrafeling.

Ongetwijfeld zullen velen wat lacherig reageren op dit boek. De wolligheid van het taalgebruik (met naar onze smaak zwaar gedateerde vondsten als: "De volgende morgen, om een uur of vijf 's avonds'), de gretigheid waarmee thema's als God, Kosmos en Geschiedenis aangepakt worden en het tempo waarin talloze filosofische en mystieke motieven elkaar opvolgen - een flinke dosis scepsis is hier op haar plaats.

Toch verdient De kubus uit meer dan dat. Vanejeva biedt iets anders dan de meeste moderne Russische auteurs, voorzover deze in het Nederlands vertaald zijn. Haar werk ademt niet de sfeer die Viktor Jerofejev ooit omschreef als "post-utopistisch'. Haar personages zijn niet, zoals die van Petroesjevskaja, Tolstaja, Kaledin en Popov, overmand door geestelijke leegte, niet lamgelegd door het wrange besef dat alle waarden betrekkelijk zijn. Waar de mens in de Russische literatuur van de laatste jaren zonder enige kans op ontsnapping gevangen zit in de banaliteit van het alledaagse, staan voor de personages van Vanejeva alle denkbare grenzen wijd open. Vanejeva schrijft niet over zin- en doelloosheid, haar personages hebben idealen die ze nog proberen uit te dragen ook. De kubus uit is daarom geen absurdistisch werk zoals de achterflap vermeldt. Als er al een - isme op geplakt moet worden, dan kubisme of surrealisme. Net als de kubisten aan het begin van deze eeuw streeft Vanejev ernaar van het object niet alleen de toevallig zichtbare, maar àlle facetten te geven, net als de surrealisten streeft ze naar een revolutie van waarden en naar nieuwe, de logica overstijgende, vormen van kennis en ervaring. Literatuur is voor haar een middel om door te dringen in het onbewuste, de droom, het wonderbaarlijke. Jammer is alleen dat ze zichzelf in De kubus uit geen enkele beperking oplegt, zodat we tijdens onze tocht naar de waarheid dreigen te bezwijken onder de ons opgelegde bagage.

    • Helen Saelman