Maasluis toch aansprakelijk voor gifschade

DEN HAAG, 9 OKT. De Hoge Raad heeft de cassatie-beroepen van de gemeente Maassluis tegen het eerdere vonnis van het gerechtshof in Den Haag over de vervuiling van de Steendijkpolder verworpen.

De gemeente en projectontwikkelaar Pakwoningen zijn daardoor definitief aansprakelijk gesteld voor de schade die bewoners van de gifwijk lijden door de sterke waardevermindering van hun koopwoning. De gemeente heeft nu geen beroepsmogelijkheden meer.

Volgens schattingen is de gezamenlijke waarde van de koopwoningen gedaald met 25 miljoen gulden. Wethouder L. Timmermans (economische zaken) van Maassluis kan nog geen mededelingen doen over de kosten die voortvloeien uit het arrest van de Hoge Raad. “Het zijn nog niet te schatten gevolgen. We moeten op korte termijn met Pakwoningen gaan overleggen en vanzelfsprekend met de bewoners. Het zal lang duren voordat Maassluis en de andere partijen tot elkaar zijn gekomen,” aldus Timmermans.

Eind jaren zestig, begin zeventig is een deel van de Steendijkpolder Zuid door de gemeente Rotterdam opgespoten met baggerspecie uit de haven. De grond is daarna door Maassluis verkocht aan Pakwoningen, dat in het gebied woningen heeft gebouwd tussen 1975 en 1983. De gemeente zou pas in 1983 van de vervuiling hebben geweten.

De juridische procedure rond de vermogensschade begon in 1986. Vier bewoners, van de in oppervlak grootste gifwijk van Nederland, van wie er inmiddels drie zijn verhuisd, dienden toen elk een schadeclaim in van enkele tienduizenden guldens en dagvaardden Maassluis en Pakwoningen voor de rechtbank in Rotterdam. Hun woningen zijn volgens onafhankelijke taxateurs met 15 tot 25 procent in waarde gedaald.

Dat heeft een reeks procedures tot gevolg gehad: bewoners tegen Maassluis, bewoners tegen Pakwoningen, Pakwoningen tegen Maassluis (eerst tegen Rotterdam) en Maassluis tegen Pakwoningen en Rotterdam. De bewoners werden door de Rotterdamse rechtbank in het gelijk gesteld, daarna door het Haagse hof.

Het gerechtshof stelde in zijn vonnis dat de gemeente een onrechtmatige daad jegens de aannemer en de toekomstige bewoners had gepleegd door de vervuilde grond aan te wijzen als bestemming voor woningen. Ook aannemer Pakwoningen heeft een wanprestatie geleverd.

Het hof stelde verder dat Pakwoningen wist dat de polder was opgespoten met ondermeer met bestrijdingsmiddelen (drins) en door zware metalen vervuild havenslib.