Frans-Duitse alliantie

Minister-president Lubbers heeft de Engelse premier een bezorgde brief geschreven "over het ontstaan van een Frans-Duitse alliantie' (NRC Handelsblad, 3 oktober). Waarom moeten wij ons bezorgd maken over het ontstaan van zo'n alliantie? Deze zal versnelling brengen in de Europese eenwording en daar kunnen we alleen maar baat bij hebben.

Adenauer meende al dat een alliantie van Frankrijk en Duitsland de kern zou moeten zijn van de Europese eenwording. En hij ging ervan uit dat de Beneluxlanden van stonde af aan daarvan deel zouden vormen. Laat Lubbers een brief schrijven waarin hij ons land aanmeldt als partner in de Frans-Duitse alliantie. We trekken er nu al profijt van dat Nederland al die tijd economisch en monetair bij Duitsland in de pas heeft gelopen. Met de D-mark is onze gulden de sterkste munt van Europa en het Duits-Franse kerngebied van Europa vormt een aantrekkelijke handelspartner.

Is Lubbers bezorgd dat Engeland - zo vaak stoorzender in de Europese eenwording - achterop raakt; dat Italië met zijn endemische bestuurskwalen voorlopig niet mee kan doen; dat wellicht een land als Zwitserland eerder bij de EMU zal inhaken dan een zwakke economie als Portugal? Namens wie is de bezorgde brief geschreven? En wat vindt ons parlement, dat over de recente ontwikkelingen in de EG zo zwijgzaam is, ervan dat zich in de monetaire samenwerking van de Gemeenschap twee snelheden beginnen af te tekenen.

    • Mr.Drs. Lambert J. Giebels