Delfland zegt convenant met glastuinders op

DELFT, 9 OKT. Het Hoogheemraadschap van Delfland zegt het convenant op dat het twee jaar geleden met glastuinders heeft gesloten over het lozen van afvalwater.

De opzegging van het convenant volgt op een uitspraak van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland, de toezichthouder op het Hoogheemraadschap. De provincie wil dat alle ruim vierduizend glastuinders, vertegenwoordigd door het Landbouwschap, in 1995 beschikken over een vergunning krachtens de Wet Verontreiniging Oppervlaktewater.

De Raad van State oordeelde in juli dat het hoogheemraadschap Delfland bestuurlijke dwang moest toepassen om nieuwe glastuinders te bewegen een vergunning voor het lozen van afvalwater aan te vragen. Deze uitspraak volgde op een beroep dat de Zuidhollandse Milieufederatie tegen het beleid van Delfland aantekende.

“Wij zijn verschrikkelijk blij dat het convenant nu weg is”, zegt H. Muilermans van de Zuidhollandse Milieufederatie. “Het was een barrière voor het verlenen van individuele vergunningen.” De Federatie gaat ervan uit dat Delfland nu binnenkort een inhaalprogramma zal bekendmaken. “In het topjaar 1991 voor de tuinbouw is niets genvesteerd in maatregelen om de vervuiling te beperken. Dat bewijst dat het convenant niet werkte.”

Het Hoogheemraadschap Delfland heeft steeds gezegd dat het verlenen van vergunningen aan 4.200 tuinders met tientallen pijpen en drainagebuizen in het water, “onbegonnen werk” is. Via het convenant wilde Delfland de tuinders op basis van vrijwilligheid tot maatregelen aanzetten. Dijkgraaf mr. A.P. van den Berge van het Hoogheemraadschap Delfland zegt het opzeggen van het convenant te “betreuren”. Hoewel “de slootjes nog niet schoon zijn”, had hij “goede hoop” dat het convenant “over enkele jaren vruchten af zou werpen”. Ook het Landbouwschap betreurt het opzeggen van het convenant.

Een woordvoerder van de provincie zegt het jammer te vinden dat het convenant is opgezegd. Volgens hem had de provincie alleen bezwaar tegen het deel dat de vergunningenplicht verving. Afspraken over voorlichting en het terugdringen van het gebruik van bestrijdingsmiddelen, die ook in het convenant waren opgenomen, “gaan nu misschien verloren”.

Het Hoogheemraadschap heeft nog niet besloten in welke volgorde de tuinders een vergunning zal worden verleend: per gemeente, per teelt of per mate van vervuiling.