Zegels

Alle vrouwen denken maar één ding, namelijk dat alle mannen maar één ding willen.

Dat is een veel te conservatieve schatting. Ik bijvoorbeeld wil er wel 37, en ze staan allemaal in de geschenkencatalogi van de benzinemaatschappijen. Zoals daar zijn het gezichtssolarium van Texaco, de glazen bonbonnière met geelkoperen ring en knop van Aral, en bovenal het handig lederen polstasje van Shell - verkrijgbaar voor respectievelijk 22, 8 en 5 met zegels volgeplakte spaarkaarten. Die zegels worden verstrekt bij aankoop van brandstof en motorolie, en jarenlang dacht ik er gratis op vooruit te gaan door auto te rijden. Dat moest toch. Hier leek nu eindelijk eens sprake van een voordeel zonder nadelen, tot ik mij stortte op een zorgvuldige analyse van mijn tankgedrag sinds de handdoekenactie van Shell, waarmee het acht jaar geleden allemaal begon.

Aanvankelijk was er het evidente bezwaar dat alleen Shell zegels uitdeelde, zodat douchelustige automobilisten in de verleiding konden komen zoveel mogelijk Shell-stations in hun routes op te nemen, met alle omwegen en dus kosten vandien. Ik heb toen uitgerekend dat het voordeliger was gewoon een handdoek bij een warenhuis te kopen, en binnen twee weken had ik hem terugverdiend.

Maar kort daarop braken gouden tijden aan. Ook alle andere benzinemaatschappijen begonnen met zegelacties, en de geschenkenpakketten werden drastisch uitgebreid. Dus geen omwegen meer. Autorijdend Nederland kon weer de kortste trajecten aanhouden en gewoon tanken als de tank bijna leeg was. Alle soorten zegels werden vriendelijk in ontvangst genomen en op de bestemde spaarkaarten geplakt. Gelijktijdig was je onderweg naar bijvoorbeeld de thermoklok van Mobil (4 kaarten), de tweezijdig draagbare leren riem van Total (5 kaarten), en de 5 luxe katoenen washandjes van Esso (1 kaart).

Dat deed ik dus ook, in de stellige overtuiging de olieboeren een flinke loer te draaien. Niks klantenbinding. In theorie werkte mijn aanpak echter beter dan in de praktijk. Ik had een hele diplomatenkoffer (Mobil, 16 kaarten) vol met ondermeer de kadocatalogus van Texaco, de spaarcatalogus van Mobil zelf, de spaarshopgids van Shell, de actiechequegids van Aral en de tijger trends catalogus van Esso. En alleen een monnik houdt het dan op de 5 luxe katoenen washandjes of de tweezijdig draagbare leren riem. Al lang voordat ik die binnen bereik had, strekte mijn begeerte zich uit tot de videorecorder van Shell (145 kaarten), de mini hifi set van Esso (160 kaarten) en vooral de veelzijdige fax van Texaco (393 kaarten). Bij een brandstofverbruik van 1:12 en een jaargemiddelde van 25.000 kilometer kon ik die fax na 47 jaar ophalen. Als ik tegen die tijd nog ergens behoefte aan heb, dan eerder aan een veelzijdige pacemaker, maar die kwam in geen enkele catalogus voor.

Deze berekening leidde tot een ingrijpende koerscorrectie, al ontging het me dat de olieindustrie mij intussen stevig in haar greep had in plaats van andersom. Ik besloot tot een gebundelde decentralisatie van mijn brandstofaankopen, en concentreerde me op de merken Shell en Total, in het bijzonder op hun marmeren schaakspel (66.000 kilometer) en lichtsterke verrekijker (51.000 kilometer). Die kon ik nog vóór mijn pensioen in bezit hebben. Het betekende wel dat minstens de helft van de tankstations nutteloos voor me was geworden, noodgevallen daargelaten.

Deze noodgevallen waren echter net iets te talrijk. De verrekijker was in de verste verte nog niet in zicht toen ik al twee Esso washandjes bij elkaar had, in dier vervelende voege dat ik dan wel eerst de andere drie bijeen moest rijden à 660 kilometer per stuk. Nu had ik gelukkig familie in Winterswijk waar ik lang niet langs was geweest, maar ik kon ze ook niet te vaak lastig vallen. En temeer daar ik ook nog maar 5000 kilometer verwijderd was van het overlevingsmes van Aral, bleef ik worstelen met het brandstoffelijke dilemma: gaan wij af en toe expres tanken bij dungezaaide merken als BP, Aral, Mobil, Fina en Q-8 teneinde de bij noodgevallen vergaarde zegels tot ten minste één volle spaarkaart aan te vullen, of laten wij alles aan het toeval over? Na duizenden kilometers twijfel besloot ik om Shell en Total als concentratiemerken aan te houden, me in noodgevallen zoveel mogelijk op Esso en Texaco te richten. Het betekende in de praktijk echter dat de afstand tot de verrekijker en het marmeren schaakspel tot ver boven de aanvankelijk geschatte 51.000 plus 66.000 kilometer toenam, en de verwarring was compleet toen ik twee Texaco-kaarten vol had en de automatische kurketrekker kon bestellen. Ik wilde helemaal geen automatische kurketrekker, ik wilde een badmintonracket (5 kaarten). Kort daarop kreeg ik een telefoontje van de redactie van deze krant dat mijn kilometerdeclaraties ontoelaatbare hoogten begonnen te bereiken. Ik was veel te veel naar Terneuzen en Delfzijl geweest en moest mijn onderwerpen voortaan maar weer in de Randstad zoeken. De hierdoor gederfde inkomsten hebben de reguliere aanschaf van een veelzijdige fax verhinderd, en ik ben nu weer terug bij het oude plan om die 393 Texaco-kaarten vol te krijgen. Of dat echt een goed idee is, moet ik nog eens precies narekenen op de wetenschappelijke calculator van Shell. Over 13.200 kilometer heb ik die in huis, en dat wordt aanpezen want per 1 januari stopt Shell met de zegels. Texaco gaat door, maar misschien geen 47 jaar. Misschien haal ik maar met moeite hun hogedrukreiniger (99 kaarten). Nuttig in ieder geval om mijn uitpuilende dashboardkastje eens goed schoon te spuiten.

    • Michiel Hegener