VEB-belegger steeds minder tevreden met advies banken

AMSTERDAM, 7 OKT. Particuliere beleggers zijn minder tevreden over de dienstverlening van banken en commissionairs dan vier jaar geleden. Om die reden laten zij zich bij hun beleggingen steeds minder vaak adviseren.

Dit blijkt uit een uitgebreide enquête onder 1700 leden (ruim 10 procent) van de Vereniging van Effectenbezitters (VEB). De uitkomsten van de enquete geven aan dat particuliere beleggers de effectenbeurs niet massaal verlaten hebben. Dit is de afgelopen jaren veelvuldig gesuggereerd.

De vorige vergelijkbare VEB-enquête werd in 1988 gehouden. Toen was nog 46,1 procent van de particuliere beleggers tevreden over de service van banken en commissionairs. Dat percentage is inmiddels gedaald tot 36,3 procent.

De VEB-leden vinden dat de banken en commissionairs op een aantal vlakken beter zouden kunnen werken. Volgens 22,3 procent van de ondervraagden zou de advisering beter kunnen, 17,4 procent wijst op de kennis van de financiële markten en 7,9 procent zou meer de snelheid bij het verstrekken van informatie willen zien. Bovendien meent bijna 10 procent van de ondervraagde beleggers dat banken te snel naar hun eigen "huisfondsen' verwijzen.

Volgens VEB-directeur mr. R.A.E. de Haze Winkelman moeten de uitkomsten van het onderzoek worden genterpreteerd in het licht van het veranderde beursklimaat. “In 1988 hadden we net een paar jaren van stijgende koersen achter de rug. De afgelopen jaren is het imago van de beurs geschaad door faillissementen en mislukte emissies van beursfondsen. Die zaken hebben de onvrede van beleggers over banken en commissionairs versterkt”, aldus De Haze Winkelman.

Een andere verklaring voor de kritiek op de financiële dienstverlening ligt volgens de VEB-voorzitter in de veranderde houding van de belegger. “Particuliere beleggers zijn veeleisender geworden. Door de concentratietendens in de financiële wereld krijgen beleggers vaker met een een standaardbehandeling te maken, terwijl ze maatwerk wensen. Alleen mensen die een paar ton te beleggen hebben, krijgen zo'n behandeling”, aldus de VEB-directeur.

Volgens De Haze Winkelman blijkt uit de enquête duidelijk dat de kleine belegger nog steeds aanwezig is op de effectenbeurs. Het aantal leden van de VEB is sinds 1988 gegroeid van 8.000 tot 13.000. Bovendien is het gemiddelde in effecten belegde vermogen gestegen van 400.000 tot 425.000 gulden. In totaal hebben de VEB-leden op dit moment 5,7 miljard gulden belegd.

De beleggers zijn wel minder actief op de beurs dan vier jaar geleden. Het percentage dat gemiddeld minder dan één effectentransactie per maand verricht, is gestegen van 59 procent naar 67 procent. Volgens De Haze Winkelman kijken de meeste beleggers meer naar de lange termijn en is het aantal speculanten afgenomen.