Steun Ierse exporteurs wegens te dure munt

LONDEN, 7 OKT. De regering van Ierland heeft 50 miljoen Ierse pond (148 miljoen gulden) beschikbaar gesteld voor steun aan exporteurs in verband met het grote koersverschil tussen het Ierse pond en het pond sterling. Dat heeft de Ierse minister van financiën, Bertie Ahern, gisteren bekendgemaakt.

Door de grote koersdaling van het pond sterling, vooral toen de munteenheid het Europese Monetaire Stelsel (EMS) op 16 september verliet, zijn produkten uit Ierland voor de Britten veel duurder geworden. De Ierse economie heeft daar flink onder te lijden. Meer dan een derde van de Ierse export vindt zijn weg naar Groot-Brittannië.

De Ierse boerenorganisaties alleen al hebben 18 miljoen Ierse pond gevraagd van de regering om exporteurs van vlees en paddestoelen "schadevergoeding' te kunnen bieden. Ook willen zij compensatie voor de hogere rente die boeren moeten betalen over leningen sinds de rente werd verhoogd om de koers van de punt te steunen.

De Ierse munteenheid staat in het EMS flink onder druk en bereikt zo nu en dan het onderste interventiepunt (2,9510 gulden). Maar tot nu toe is de Ierse punt, zoals de naam van de munt luidt, binnen het EMS gebleven. Momenteel is het Ierse pond ongeveer 1,07 pond sterling waard tegen 0,93 pond aan het begin van dit jaar.

Vlees- en melkproducenten worden in de EG nog steeds beschermd voor valutaschommelingen door EG-subsidies, bekend als "monetair compenserende bedragen'.

De Ierse regering wil het fonds in principe beschikbaar stellen tot 31 maart 1993. Wel zal aan het eind van dit jaar worden bekeken of de steun nog nodig is. (ANP)