TAGLIATELLE MET BOLETEN

Voor paddestoelen was het de afgelopen weken uitmuntend weer. Niet te droog en lekker warm, daar schieten ze tierig vanuit de aarde omhoog.

In de goed gemaaide bermen van Friesland zag het vorige week wit van de inktzwammen. Heerlijke paddestoel, mits ontluikend geplukt; zoniet dan is zijn sporenlaag een zwarte kledderige massa, waaraan de zwam zijn naam ontleent. Ook boleten zijn er in overvloed, merendeels de Boletus badius en Boletus aerus en voor wie zijn plekjes kent een enkele Boletus edulis, het zogenoemde eekhoorntjesbrood. Door tijdgebrek moet ik dit jaar het plukken van boleten aan anderen overlaten. Maar eten doe ik ze wel en in grote hoeveelheden; iemand schonk mij een grijze vuilniszak vol boleten voor mijn verjaardag. Ons kent ons. Je kunt ze drogen voor winters gebruik, maar er gaat weinig boven een bord tagliatelle met verse boleten.

Voor 2 personen:

150 gram schoongemaakte boleten (buisvorige sporen, voze stelen, mos en aarde verwijderd)

3 eetlepels olijfolie (vergine)

2 tenen knoflook, gepeld en in plakjes

8 nestjes gedroogde tagliatelle (beter dan de verse hier te lande)

1 theelepel (5 milliliter) gedroogde oregano

2 eetlepels room

zout en versgemalen zwarte peper

Snijd hoeden en stelen van de boleten in korte, vrij dikke repen. Verwarm de olie in een ruime bakpan en laat daarin de knoflook goudgeel kleuren. Verwijder, na dit parfumeren van de olie, de knoflook, voeg de boleten toe en fruit ze al roerend op hoog vuur knapperig gaar. Bestrooi ze met de oregano, zout en peper. Voeg de room toe en smoor de boleten nog even op laag vuur. Hussel snel de bijtgaar gekookte tagliatelle, met 2 eetlepels van hun kookvocht, door de paddestoelen. Direkt serveren en laat de Parmezaanse kaas met rust; die voegt niets toe maar verstoort de verrukkelijke bossmaak.