Plan liberalisering energiemarkt op sterk water; Crisissituatie in EG staat voornemen van Europese Commissie in de weg

BRUSSEL/ GRONINGEN, 6 OKT. Nederlandse en andere Westeuropese olie- en gasmaatschappijen kunnen voorlopig weer rustig ademhalen. De plannen van de Europese Commissie om de energiemarkt in de Gemeenschap drastisch te liberaliseren staan voorlopig op sterk water. Dat bleek vrijdag op een hoorzitting van de commissie voor energie- en technologiebeleid van het Europees Parlement in Brussel.

Met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk en Portugal hebben de lidstaten van de EG en hun nationale energiemaatschappijen krachtige bezwaren ingebracht tegen voorstellen van de Europese Commissie (het dagelijks bestuur van de Gemeenschap) voor nieuwe richtlijnen die het patroon van de elektriciteits- en aardgasvoorziening op zijn kop zouden zetten. De Commissie wil dat vooral doen door nationale ondernemingen met een monopoliepositie als de Nederlandse Gasunie en de Samenwerkende Elektriciteitsproduktiebedrijven (SEP) die nauw met de overheid samenwerken, een flink deel van hun macht te ontnemen om de concurrentie vrij baan te geven.

Vooral voor het Nederlandse aardgasbeleid zou dat ingrijpende gevolgen krijgen. Gasunie zou door introductie van "Third Party Access' zo mogelijk capaciteit in haar leidingsnet beschikbaar moeten stellen voor het transport van gas uit het buitenland (bijvoorbeeld uit Noorwegen) naar ondernemers in Nederland of elders in de Gemeenschap die rechtstreeks contracten afsluiten voor een lagere prijs dan de Gasunie berekent. Verder zou Gasunie haar activiteiten voor aankoop, behandeling, verkoop en transport van gas moeten ontkoppelen zodat een helder inzicht ontstaat in de kostenstructuur. En ten slotte krijgt de Gasunie nog meer concurrentie te verduren door het voorstel van de Commissie om ook andere ondernemingen het recht te geven om pijpleidingen aan te leggen en te beheren.

Gezien de crisisachtige situatie in de Gemeenschap en de wisseling van de wacht binnen de Europese Commissie die per 1 januari wordt verwacht, kan het nog geruime tijd duren eer de Europese ministers van energiezaken zich met de voorstellen gaan bezighouden. Maar eerst zal er een werkbaar compromis gevonden moeten worden, zei de rapporteur van de parlementaire commissie, de Belgische socialist Claude Desama, vrijdag in Brussel.

“Een dovemansdialoog” noemde hij de discussie in de hoorzitting, omdat de standpunten diametraal tegenover elkaar bleven staan. Olie-, gas- en elektriciteitsproducenten willen het in hun ogen goed lopende systeem van energievoorziening houden zoals het is. Ze verwachten alleen maar onzekerheid als de Europese Commissie haar zin zou krijgen, waardoor de investeringen in exploratie en produktie van gas en olie in gevaar zouden komen. Maar de grote industrieën en de distributiebedrijven, zoals de GEB's in Nederland verenigd in de landelijke organisatie EnergieNed, steunen de Commissie. Zij hebben groot belang bij meer concurrentie op de markt voor energie, die moet leiden tot prijsvoordelen.

In een aantal EG-lidstaten bestaan al tientallen jaren gas- en elektriciteitsmaatschappijen à la Gasunie en Gaz de France die de binnenlandse markt op het gebied van inkoop, transport, distributie en verkoop beheersen. Ze zijn veelal op initiatief van de overheid opgericht. Regeringen beschouwen de energievoorziening als zo vitaal voor de economie en de kleine consument dat ze dit beleid niet volledig aan commerciële ondernemingen willen overlaten.

Net als bij de winning van olie, gas en kolen door particuliere bedrijven, waarvoor de overheid via de verlening van concessies de voorwaarden stelt, houden de regeringen de vinger aan de pols van monopoliebedrijven als de Gasunie. Het prijsbeleid mag bijvoorbeeld niet fundamenteel worden veranderd zonder instemming van de overheid. De Gasunie moest vorig jaar ook toestemming aan minister Andriessen vragen om meer aardgas uit Groningen te mogen exporteren, toen bleek dat de winbare reserve was toegenomen. Gasunie beheert ook als enige maatschappij in Nederland het pijpleidingennet en installaties om gas te behandelen en te mengen en heeft daarin een grote deskundigheid opgebouwd. Al het in Nederland gewonnen gas moet aan Gasunie worden aangeboden. Een belangrijke overheidsinvloed is verder dat de minister van financiën verreweg het grootste deel van de winst van Gasunie opstrijkt.

De Europese Commissie beschouwt dergelijke bedrijven principieel als lang overleefde dinosaurussen. Zolang ze nog leven belemmeren ze de concurrentie en de vrije marktvorming op energiegebied. De Commissie vindt dat de Europese binnengrenzen ook voor energie moeten verdwijnen om, net zoals dat voor andere markten per 1 januari 1993 zal ingaan, een vrij verkeer van goederen, kapitaal en werknemers mogelijk te maken.

Volgens Brusselse insiders zijn de oliemaatschappijen en de monopolies niet ongelukkig met de huidige situatie. Zolang er geen nieuwe regels zijn, kunnen ze op de oude voet doorgaan. Zouden er geen voorstellen voor nieuwe wetgeving liggen, dan kunnen belanghebbende partijen met een beroep op het Verdrag van Rome (de artikelen over de vrije binnenmarkt en het mededingingsrecht) een procedure tegen de monopolies aanspannen bij de Europese Hof van Justitie.

Henk Vonhoff, Commissaris der Koningin in Groningen en president-commissaris van Gasunie verzet zich sterk tegen de Brusselse voorstellen. “Ik hecht eraan met grote kracht op te komen voor behoud van ons monopolie”, zegt hij. “We mogen in Nederland dolgelukkig zijn met ons "gasgebouw'. Wat er vanuit Europa gebeurt om dat systeem te ondermijnen is schadelijk voor de economie en tast de zekerheid van een behoorlijke toelevering van gas aan huishoudens en ondernemingen aan. Wat de Europese Commissie doet met Third Party Access is in feite het slechte voorbeeld van de Amerikaanse gasmarkt navolgen, waar door die complete vrijheid onvoldoende is geïnvesteerd in het moderniseren van de techniek en het doelmatig gebruik van de brandstof.”

Drs. Peter Sterkenburgh, directeur verkoop van Gasunie, gelooft niet in een prijsverlaging voor aardgas als de Brusselse plannen worden uitgevoerd, omdat de vraag naar aardgas in West-Europa de komende jaren sterk zal stijgen. “Invoer van goedkoper gas uit het buitenland voor derde partijen zou ook alleen maar verlies voor Gasunie betekenen.” Sterkenburgh waarschuwt ook voor het gevaar dat de winning van aardgas in kleine Nederlandse velden door de liberalisatie in gevaar kan komen, omdat de oliemaatschappijen dan minder geneigd zouden zijn tot investeringen. Wel geeft hij toe dat technisch gezien een systeem mogelijk zou zijn waarbij de markt volledig wordt geliberaliseerd en de Gasunie toch de gasbehandeling en het mengen van hoog- en laagcalorisch gas blijft verzorgen en de kosten vervolgens in rekening brengt. “Maar dat zou alleen maar duurder uitpakken. Ons systeem is veel doelmatiger.”

    • Theo Westerwoudt