Een loodzware last van twee ton

De forse koersdaling van gisteren, met Londen als gangmaker, dwong beleggers en bemiddelaars 's morgens direct aan het werk te gaan. Krap veertien dagen voor de afloop van de oktoberopties bloeide de handel in index-opties alsof er geen andere zaken zijn. Het beursleven is hard en gaat altijd door.

Put-opties die vrijdag nog een paar dubbeltjes deden gingen voor guldens van de hand. Toen Wall Street 's middags de trend naar beneden doorzette leek het even op de prelude van een nieuwe krach. Een commissionair die zijn grote index-klanten pleegt te bellen op dagen als deze bromde over hun bereikbaarheid: “Ik wil ze in geval van nood op afstand kunnen sturen, zelfs een chirurg die staat te opereren of een tandarts midden in een moeilijke vulling.”

Rustige beleggers blijven ver van die heksenketel en houden liever de grote lange lijn in de gaten. Een voorbeeld: “Ik heb twee ton die ik wil beleggen”, sprak een sombere lezer uit het Drentse Een-West, tussen Haulerwijk en Boerenstreek, en zweeg in afwachting van een advies. Zelfs het opwekkende en jaloerse geef mij zo'n probleem kon zijn last niet verlichten. Op de opmerking dat een krant geen advies geeft, maar een bank of commissionair wel, volgde een klaagzang over zijn ervaring met banken. Zelfs de suggestie dat je 200 duizend gulden niet kan beleggen zonder eerst een plan op te stellen, bracht hem niet van zijn stuk. Op de vraag of hij iets van beleggen in aandelen wist antwoordde de opbeller ontkennend. Koninklijke Olie en Unilever leken hem uitstekende fondsen.

Wat zou je allemaal kunnen doen met dat bedrag? Wie geen risico wil lopen kan alles op een vrije spaarrekening zetten en de bijgeschreven rente indien mogelijk laten staan. In negen jaar verdubbelt de inzet als die rente acht procent per jaar blijft, maar dat zal niet het geval zijn. Snoept de belasting ieder jaar de helft van de opbrengst af, dan duurt het achttien jaar voor er vier ton op de rekening staat.

Om de inkomstenbelasting te ontwijken moet een belegger risico nemen en aandelen, in een beleggingsfonds of naar eigen keuze, opties of andere risico-waarden kopen. Dat vraagt kennis en stalen zenuwen, gezien de koersdalingen die voor kunnen komen.

De Amsterdamse commissionair Jan Heeremans komt zijn klanten op dit punt tegemoet met de strategie verzekerd beleggen, een combinatie van aandelen en meerjarige put-opties. Dat is niet nieuw, maar Heeremans constateert dat in de praktijk dusdanige afwijkingen in de prijzen van die opties ontstaan dat soms een veilige positie opgebouwd kan worden. Zijn recente voorbeeld gaat over Koninklijke Olie op de koersen van vorige week.

Het rendement van Olie ligt op 5,6 procent bij een dividend van 8,20 gulden over 1991 en een koers van 146,00. Het dividend wordt uitbetaald in september, 3,60 gulden interim, en mei 4,60 gulden slot. Om dat te ontvangen moet een belegger de aandelen ten minste een jaar aanhouden. In die tijd kan een koersdaling die opbrengst (op papier althans) meer dan tenietdoen. Met de aankoop van de put oktober 1996 uitoefenprijs 160 gulden dek je dat risico voor vier jaar af.

Deze put-optie geeft de houder het recht om tot oktober 1996 de aandelen te verkopen op 160 gulden, ongeacht de koers. Die verzekering kost 1500 gulden per 100 aandelen. Dat lijkt veel, maar dat is niet zo, want de optie heeft een waarde van 1400 gulden (verkopen op 160 en inkopen op 145) en kost dus maar 100 gulden of 0,7 procent van de aandelenkoers voor vier jaar. Dat percentage, zo'n 1 procent inclusief kosten, is tevens het neerwaartse koersrisico.

De put beperkt de opwaartse potentie van de combinatie. Gaat Olie omhoog, dan daalt de put in waarde. Maar die erosie is minder dan de koersstijging. De winst zit 'm in het voordelige verschil in de komende jaren.

De commissionair raadt een extra, onbelast rendement aan door het schrijven van de call april 1993 uitoefenprijs 160 gulden, wat 400 gulden per optie oplevert. Zo ontstaan allerlei kansen op een goed rendement, mits men de combinatie op het juiste moment opzet. Misschien iets voor de sombere eigenaar van die tonnen. Overleg met en begeleiding van een ervaren adviseur van een effectenbemiddelaar verdient aanbeveling.

Hoe besteedt je die 200 duizend gulden zo goed mogelijk? In ieder geval zo'n 30 duizend op een spaarrekening of deposito om de rentevrijstelling van 2000 gulden voor gehuwden per jaar te benutten. Om de even grote dividendvrijstelling binnen te halen ten minste 300 aandelen Koninklijke Olie plus put- en callopties als beschreven. Dat kost ongeveer 50 duizend. Daarnaast een spaarverzekering met een zo hoog mogelijke gegarandeerde opbrengst (dus niet in aandelen) om de fiscale voordelen van 50 en 170 duizend gulden te gebruiken. De premie wordt betaald uit de circa 4.000 gulden aan rente en dividenden. En de rest van 120 duizend gulden? Dat vraagt om individueel advies van een bank, commissionair of adviseur.

    • Adriaan Hiele