Snelle opvang nodig

ROTTERDAM, 5 OKT. Mensen die rampen meemaken, erbij gewond raken of er getuige van zijn, moeten zo spoedig mogelijk bijeen worden gebracht om de gebeurtenissen te verwerken. “Binnen achtenveertig uur moet er een gespreksbijeenkomst worden gehouden”, zegt T.C. Theuvenet, hoofd psychosociale begeleiding in het Rijnmondgebied.

“In de Bijlmer hebben mensen vreselijke dingen ondervonden, of ze zijn daar getuige van geweest. Psychologisch is het nodig dat het gebeurde zo snel mogelijk gereconstrueerd wordt, dat de legpuzzel wordt ingevuld”, zegt Theuvenet. “Gebeurt dat niet tijdig, zoals bij slachtoffers van de Tweede Wereldoorlog het geval was, dan kunnen de trauma's zich vastzetten en nog vele jaren blijven bestaan. Binnen twee dagen zou er dus een eerste gespreksbijeenkomst moeten zijn, binnen drie weken een tweede en binnen drie maanden een derde.”

Theuvenet, die verbonden is aan de RIAGG Rijnmond Noord-West, wijst op de bijzondere zorg die aan de samenstelling van dergelijke gespreksgroepen dient te worden besteed. “Mensen die doden te betreuren hebben of materiële schade hebben geleden, kunnen niet zonder meer in eenzelfde groep worden geplaatst.” Volgens Theuvenet, die in het Rijnmondgebied nog nooit een grote ramp heeft meegemaakt, bestaat vooral bij de RIAGG's grote deskundigheid op het gebied van leedverwerking.

Psychiater dr. F.H.L. Beyaert, traumadeskundige van de medische faculteit van de Rijksuniversiteit Utrecht, meent dat bij grote rampen het allerbelangrijkste is dat de getroffenen elkaar vinden en met elkaar kunnen praten, dat “ze ergens een oor vinden”. Volgens Beyaert is begeleiding door deskundigen zoals maatschappelijke werkers, psychotherapeuten en geestelijken, pas nodig als de gekwetsten onvoldoende vrienden of familie hebben om mee te praten. Ook hij noemt de expertise die de RIAGG's op dit gebied in huis hebben.

Dr. P. Patka, medisch traumatoloog bij het ziekenhuis van de Vrije Universiteit in Amsterdam, wijst op het "rampenplan' van zijn ziekenhuis. Hij herinnert zich hoe in 1989 slachtoffers van de SLM-vliegramp in Suriname werden opgevangen. “Onze psychiaters en psychiatrisch geschoolde verpleegkundigen hebben zich daar toen intensief mee bezig gehouden. Zou het Academisch Medisch Centrum (AMC) gisteren een beroep op ons hebben gedaan, dan had onze psychiatrisch-consultatieve dienst meteen kunnen bijspringen op het gebied van geestelijke en sociale nood”.