Kerry: de Britse bank deed fraude in doofpot

LONDON, 5 OKT. Al vanaf april 1990 is de Britse centrale bank op de hoogte geweest van de fraude bij de BCCI. Dat zei de voorzitter van de Amerikaanse senaatscommissie voor terrorisme, narcotica en internationale operaties, John Kerry gisteren voor de Britse televisie. Aanleiding voor het interview was het afgelopen donderdag uitgekomen rapport van de senaatscommissie, waarin de Britse centrale bank mede verantwoordelijk wordt gesteld voor de financiële misdaden van de Bank of Credit and Commerce International (BCCI).

Volgens Kerry wist de Britse centrale bank in januari 1991 dat het ging om fraude op grote schaal. Toch heeft de centrale bank niet ingegrepen door de BCCI-bank opnieuw voor zes maanden te sluiten.

De Britse centrale bank heeft de bevindingen uit het rapport met kracht van de hand gewezen. Maar Kerry zei in het interview dat de Britse centrale bank “een kleine hechte groep” vormde met Abu Dhabi en de mensen van BCCI om de deuren van de bank open te houden, ondanks hun criminele activiteiten. Hierdoor zou de koninklijke familie van Abu Dhabi de gelegenheid krijgen de verliezen van BCCI te compenseren. De centrale bank stond volgens Kerry de illegale handelingen toe om zichzelf uit de hachelijke situatie te redden. “Ik weet niet hoe je dat noemen wil, als je het geen doofpot noemt”.

De BCCI was voor 77 procent in handen van de koninklijke familie van Abu Dhabi. De bank werd in juli 1991 gesloten door de toezichthoudende organen van verschillende landen. (AP)