Inhoud van brief Lubbers aan Major een raadsel

DEN HAAG, 5 OKT. Wat staat er in de brief die premier Lubbers aan zijn Britse collega John Major heeft gestuurd? De Rijksvoorlichtingsdienst geeft de inhoud niet prijs. In de eerste plaats omdat ze dat nooit doet en in de tweede plaats omdat de Tweede-Kamerleden Weisglas (VVD) en Van Mierlo (D66) er vragen over hebben gesteld. En als parlementariërs vragen stellen, geeft men het antwoord niet via de media.

De Rijksvoorlichtingsdienst heeft - via het ANP en door middel van vele faxen aan kranten - in een zevenregelige mededeling alleen verteld wat er niet in de brief staat: “Minister-president Lubbers uit in deze brief geen bezorgdheid over een Frans-Duitse as, noch over de positie van de kleine landen van de EG.” Dat was wat een “hoge Britse ambtenaar” volgens de Daily Telegraph eind vorige week had onthuld. Volgens dezelfde ambtenaar zou Lubbers de Britten ook hebben gevraagd “tegenwicht tegen Duitsland” te bieden. Dat wordt in het briefje van de Rijksvoorlichtingsdienst niet ontkend.

Wellicht geeft de premier in de beantwoording van de vragen van de Kamerleden uitsluitsel. Maar erg waarschijnlijk is dat niet. Lubbers staat erom bekend dergelijke vragen met een minimaal antwoord af te doen. Alleen publikatie van de brief zelf zou het raadsel kunnen oplossen. Bij de Rijksvoorlichtingsdienst spreekt men van een "canard' van de Daily Telegraph. “Die ambtenaar kan de brief niet gelezen hebben, anders zou hij zulke onzin niet hebben verteld”, zegt een woordvoerder van de premier. “Alsof Lubbers het belang van de Frans-Duitse as zou ontkennen.”

Toch zal de premier de algemene beschouwingen volgende week te baat moeten nemen om uitsluitsel te geven over zijn opvattingen ten aanzien van Duitsland en de Frans-Duitse as. Vanouds heeft Nederland binnen de EG altijd een speciale band met Groot-Brittannië gehad. Het heeft zich in de jaren zeventig sterk ingezet voor het Britse lidmaatschap; de redenering is steeds geweest, dat er daardoor meer evenwicht tussen de grote machten zou bestaan. Ook zou via Engeland de band met Amerika hechter blijven.

Als Lubbers inderdaad op dit moment in een brief aan Major zou hebben gevraagd tegenwicht tegen Duitsland te vormen, lijkt het erop dat de Nederlandse premier in de ruzie-achtige discussie tussen Londen en Bonn over de valutacrisis de kant van de Britten heeft gekozen. Enkele weken geleden heeft Lubbers een brief aan bondskanselier Kohl geschreven, waarin hij deze voorhoudt dat de Duitse rentevoet te hoog is. Kohl zou over die ongevraagde raadgevingen uit Den Haag nogal kwaad zijn geworden. In Bonn is men ongetwijfeld zeer geïnteresseerd in de inhoud van Lubbers' brief aan Major. De brief zou Lubbers' ster in Duitsland sterk kunnen doen verbleken. Het zou zelfs consequenties kunnen hebben voor zijn kansen op het presidentschap van de Europese Commissie.

Minister Van den Broek van buitenlandse zaken heeft de brief overigens vooraf gelezen. De woordvoerder van de minister bevestigt de mededeling van de Rijksvoorlichtingsdienst, dat Lubbers geen verzet aantekent tegen de Frans-Duitse samenwerking.