Exportsector lijdt onder de valuta-onrust

ROTTERDAM, 5 OKT. De Nederlandse exportsector komt door de recente ontwikkelingen op de valutamarkt steeds meer onder druk te staan. “Door de koersdalingen van de dollar, het pond en de lire zijn onze produkten te duur geworden voor het buitenland”, zegt Teun Middelkoop, directeur van de Nederlandse Export Combinatie (NEC). Deze organisatie, waarbij 550 exporterende Nederlandse ondernemingen zijn aangesloten, maakt zich grote zorgen over de groeiverwachtingen van de Nederlandse export en de gevolgen daarvan voor de binnenlandse werkgelegenheid.

“Veel bedrijven wijzen er op dat de verkopen in het buitenland afnemen”, aldus Middelkoop. De groei van de Nederlandse export blijft dit jaar beperkt tot onder de twee procent, “dat is minder dan de groei van de wereldhandel”. De vooruitzichten voor volgend jaar zijn volgens de NEC niet erg hoopgevend.

De NEC is een samenwerkingsverband van 550 kleine- en middelgrote ondernemingen, die volgens Middelkoop “een dwarsdoorsnede van het Nederlandse exportpakket leveren”. Alleen bedrijven die niet concurreren met reeds aangesloten ondernemingen mogen via een systeem van ballotage lid worden. Door de afwezigheid van onderlinge concurrentie kunnen de bedrijven openhartig informatie uitwisselen, zegt Middelkoop, “wij spelen elkaar regelmatig een exportballetje toe”.

Een veelgehoorde verklaring voor de teruglopende afzet is de vraaguitval in Groot-Brittanië en de Verenigde Staten, gevolg van de al maar voortdurende economische recessie in deze landen. Ook in Duitsland, één van de belangrijkste afzetmarkten voor de Nederlandse exportsector, is de economische groei sterk afgenomen. Middelkoop vindt die verklaring niet voldoende, “er is nog vraag genoeg, zeker voor een klein land als Nederland”.

De problemen zitten volgens de NEC-directeur aan de aanbodzijde. “Produkten uit landen als Amerika, Engeland en Italië zijn ten minste tien procent goedkoper geworden.” Dat leidt er volgens Middelkoop toe dat de export naar die landen onder zware druk komt te staan, terwijl diezelfde landen ook een sterkere concurrentie vormen op andere afzetmarkten, zoals Duitsland.

Dit jaar blijft de Nederlandse export volgens Middelkoop nog redelijk op peil, omdat de exporterende bedrijven een deel van de winstmarge hebben ingeleverd. “Maar dat kun je maar één jaar doen.” Alleen door te streven naar vergaande kostenbeheersing kan de concurrentiepositie van Nederland volgens Middelkoop worden behouden. Op de valuta-ontwikkelingen kan het bedrijfsleven immers geen invloed uitoefenen, “wij kunnen niet zelf de koers van het pond verhogen.”

De produktiekosten dreigen echter steeds hoger te worden, waarschuwde de NEC enkele dagen geleden. Vooral de toenemende arbeidskosten belemmeren de exportbranche in zijn groeimogelijkheden, stelt deze organisatie. Dat heeft gevolgen voor de Nederlandse arbeidsmarkt. “Als de vakbonden volharden in looneisen van 4,5 procent in geld en daar bovenop 3 procent voor andere zaken zijn zij bezig met afbraak van de werkgelegenheid”, aldus Middelkoop.