Veiligheidsraad "leent' bevroren tegoeden van Irak

NEW YORK, 3 OKT. De Veiligheidsraad van de Verenigde Naties heeft gisteravond de VN toegestaan geld uit bevroren Iraakse olie-tegoeden te "lenen' om onder andere de hulp aan Iraakse bevolkingsgroepen te bekostigen.

Veertien landen stemden vóór resolutie 778 - een zeldzaam ingewikkelde tekst die geen precedent heeft in de geschiedenis van de volkerenorganisatie -; alleen China onthield zich van stemming. De resolutie voorziet in een mechanisme om na de Iraakse invasie van Koeweit bevroren olie-tegoeden en -voorraden op een VN-rekening te storten waaruit voortaan humanitaire hulp, de vernietiging van Iraks massa-vernietigingswapens en schadevergoeding voor slachtoffers van de invasie worden bekostigd. De maatregel vloeit voort uit de voortdurende weigering van Bagdad om, conform de resoluties 706 en 712, onder strikte voorwaarden van de VN een beperkte hoeveelheid olie te verkopen om de VN-activiteit in Irak te betalen. De Amerikaanse VN-ambassadeur, Edward Perkins, wees er gisteren ook op dat Irak de bewuste tegoeden terugkrijgt als het "706' en "712' ten uitvoer legt. De maatregel is voorbereid door Amerikaanse deskundigen, en betreft ook voornamelijk in de VS bevroren tegoeden, naast in Saoedi-Arabië en Turkije geblokkeerde olievoorraden (voor een geschatte totale waarde van 600 miljoen dollar). President Bush voert dan ook harde lijn jegens de Iraakse president Saddam Hussein. Daar komt bij dat de VS volgens diplomaten de laatste maanden tientallen miljoenen dollars hebben voorgeschoten om de ontwapeningsmissies door de VN in Irak te bekostigen. (AFP, Reuter)