"Milosevic heeft bijna iedereen te pakken gehad'; Hoogleraar Vojin Dimitrijevic over de strijd tussen Serviërs en Serviërs

Deze nazomer is ongebruikelijk warm in Belgrado, de hoofdstad van Servië die zich opvallend makkelijk aan het leven onder internationale sancties lijkt aan te passen.

""Drie dagen'', antwoordt een automobilist op de vraag, hoe lang hij voor zijn maandelijkse portie van twintig liter gerantsoeneerde benzine in de rij heeft moeten staan. Hij zegt het lachend. Gebrek aan geïmporteerd papier en geïmporteerde filters hebben de fabricage van rookbare sigaretten in Servië vrijwel tot staan gebracht, maar een in de afgelopen weken steeds gesmeerder lopende zwarte markt met gesmokkelde, door zigeuners verkochte importsigaretten in het centrum brengt uitkomst. Even verderop staan de zwaardere jongens, die buitenlandse bankbiljetten tegen een zwarte koers in dinars omwisselen, daarbij voortdurend gehinderd door de politie.

Ze doen goede zaken, want door het wegvallen van steeds meer werkgelegenheid leeft een groeiend aantal inwoners van Servië van de bankbiljetten die zij door familieleden in het buitenland krijgen opgestuurd. Burgers van Belgrado proppen zich in de overvolle, door het brandstoftekort steeds schaarser wordende gemeentebussen - ook al welgemoed, naar het schijnt.

Onder de oppervlakte groeit de bezorgdheid. Slaat straks, als deze herfst overgaat in een strenge Balkan-winter, niet de kou toe, als de stadsverwarming het door olietekorten laat afweten? Hoe moet het verder als de sancties straks nog zullen worden verhard? Zal het tot een bombardement op Belgrado komen, vragen velen zich ook af. Meer dan een jaar lang was de oorlog voor de inwoners van Belgrado iets dat zich ver weg, bijna in het buitenland afspeelde. De oorlog was impopulair in deze stad, waar slechts vijftien procent van de opgeroepenen voor de militaire dienst zich ook daadwerkelijk meldde.

De sancties hebben ten langen leste dan toch het ongemak en de angst gebracht, onder alle vertoon van opgewektheid en onverschilligheid. En Belgrado lijdt, minder weliswaar dan Sarajevo waar velen verwanten hebben, maar ook in Belgrado is er een oorlog waar bijna niemand iets aan denkt te kunnen doen. De oorlog is een zaak van de politici, een zaak van de Serviërs in Kroatië of Bosnië, misschien populair op het Servische platteland. Maar niet in de kleine wereldstad Belgrado, waar steeds meer kantoren en hotelkamers leeg staan. De stad is immers niet meer de hoofdstad van een groot Balkanland, maar nog slechts middelpunt van Servië.

""Mijn vrienden verklaren me voor gek dat ik teruggekomen ben'', zegt Vojin Dimitrijevic (60), hoogleraar internationaal recht en internationale verhoudingen aan de Universiteit van Belgrado. Hij heeft de rechten van de mens tot zijn specialiteit gemaakt. In augustus beëindigde hij een sabbatical year in het Noorse Oslo. Hij had nog kunnen blijven. ""Maar wat is fysieke veiligheid als de geest wordt bedreigd. Er zijn zoveel Servische emigranten die eens als anticommunist zijn vertrokken, maar weinig lering hebben getrokken uit de context waarin ze zo lang hebben geleefd en nu als nationalist terugkeren. Ik wilde niet zo gek worden als zij. Ik wil contact houden met de jongere generatie, met die betere atmosfeer die zich met name onder jongeren in Servië begint te ontwikkelen. Het is schandelijk dat in de westerse media daarover zo weinig is gerapporteerd, over de studentenacties hier in Belgrado bij voorbeeld. Verbazingwekkend: opeens is er een hele generatie met dezelfde referentiekaders als hun westerse voorbeelden. Maar wat zie je op de televisie in het buitenland? Een groepje demonstrerende nonnen.''

De grootste fout die het Westen ten aanzien van Joegoslavië gemaakt heeft, meent Dimitrijevic, was dat het de aanzet tot democratie niet heeft ondersteund. Als veel Joegoslaven is hij er van overtuigd dat het drama in dit Balkanland voor een deel aan de stommiteiten van het buitenland te wijten is ""Wat zich in Kroatië ontwikkelde, was geen democratie maar nationalisme. Alle Serviërs zijn voor het buitenland opeens schurken, geboren woestelingen, genetisch-bepaalde communisten. Het is moeilijk om nu in het buitenland Serviër te zijn, want men heeft de neiging volkeren als een homogeen geheel te zien. Ach, men weet niet wat er hier aan de hand is. Sommige van onze beste mensen, intellectuelen en politieke opposanten, worden nu door de sancties getroffen. Intussen leven sommige Joegoslavische politiemannen comfortabel verder onder de Kroatische president Tudjman. Dat is moeilijk te verkroppen.''

De aan de burgeroorlog voorafgaande poging van de Joegoslavische premier Ante Markovic, om Joegoslavië langs de weg van economische hervormingen om te vormen tot een modern land, heeft maar nauwelijks een kans gekregen, meent Dimitrijevic: door gebrek aan steun uit het Westen en natuurlijk door de nationalistische samenzweringen in de verschillende republieken. Wat zich vervolgens in Joegoslavië ontwikkeld heeft is volgens hem een geheel van ""corporatistische, rechtse, fascistische staten. Als het beleid van Markovic vaste grond onder de voeten had gekregen, zouden de mensen tezeer economisch bezig zijn geweest om aan al die onzin, aan hun nationale trots te denken. Enfin, nu hebben we er tenminste nog wat privé-bedrijfjes aan over gehouden, die ons het leven onder de sancties dragelijk maken. Ik weet wel dat onze Servische premier, Radoman Bozovic, een jonge stalinist, het particulier initiatief zoveel mogelijk onmogelijk wil maken. Dit is een land waar een populistische, niet produktieve overheid de produktieve mensen onderdrukt.''

Vijf jaar geleden kwam de huidige Servische president Slobodan Milosevic, alom gezien als voornaamste aanstichter van een Servisch nationaal "réveil' en daarmee de kettingreactie van de Joegoslavische burgeroorlog, aan de macht als Servische partijleider. ""Een machtsgreep van de jonge stalinisten over de oude bolsjevieken'' noemt Dimitrijevic het achtste plenum van het centraal comité, waarop de machtswisseling plaatsvond. ""Ik was één van de misschien tweehonderd denkende inwoners van Servië, die het gevoel had dat er gevaar dreigde. Toen zijn vriendschappen ontstaan tussen die tweehonderd, terwijl golven van nationalistisch enthousiasme over het land spoelden. Milosevic heeft bijna iedereen te pakken gehad, met name de Servische schrijvers en intellectuelen die hem toen als hun van god gezonden held beschouwden, maar die zijn teleurgesteld in de verwachting dat zij zelf ook belangrijke posten zouden krijgen.

""De macht is geheel in handen gebleven van de partij-apparatsjiks, zoals Milosevic zelf. De ouderen in de partijtop onderschatten de man, die zij in hun kring als "mali' (de jongere) plachten aan te duiden. Zij waren ook meestal geen partij-asceten, zoals Milosevic. Hij moet een flinke wrok hebben gekoesterd, maar hij heeft zich uitstekend voorbereid en begrepen dat er in het feit dat onder het communisme na de oorlog nooit over Servisch nationalisme mocht worden gesproken een uitstekend instrument lag om de macht van de partij overeind te houden. Want de communistische partij-ideologie was in 1987 geheel versleten, de partij was niet meer dan een gezelschap carrière-jagers. Het was een sinister complot van bolsjevistische snit onder het mom van nationalisme, en bijna iedereen is er in getrapt.

""Ik heb in dit land altijd vrij kunnen spreken, maar na 1987 wist ik het niet. Overal hingen ook opeens portretten van hem. Waarom zijn aanzien taande in 1990 heb ik nooit ergens goed verklaard gezien. Maart 1991 (toen Milosevic op demonstranten liet schieten en tanks de straten van Belgrado opstuurde, red.) was het einde van een mythe. Stel je voor: de geliefde leider, die eens voor een juichende menigte van 300.000 mensen Vlasi (de Albanese partijleider van de provincie Kosovo, red.) liet arresteren, wordt nu uitgejouwd. Voor hemzelf moet er een wereld zijn ingestort. Natuurlijk wordt hij nog beschermd door de groep van gevestigde belangen rondom hem: de oorlogsprofiteurs, de partijkaders in de provincie, de mensen die bang zijn na zijn val voor oorlogsmisdaden te worden gestraft. Ik zou het fijn vinden als hij, als een Afrikaans dictator, de benen zou nemen om aan de Côte d'Azur de rest van zijn dagen in weelde te slijten. Maar ik vrees dat zoiets niet gebeurt. Zijn ascetische natuur belet hem van zo'n leven te genieten.

""Toch ben ik voor het eerst in mijn leven optimist, ik denk dat we van hem af zullen komen, al verwacht ik eerst zes maanden tot een jaar vreselijke repressie. Als er straks verkiezingen zouden komen, dan zullen de Servische vluchtelingen die hier naartoe gekomen zijn, wel vier keer op Milosevic stemmen, omdat ze hem als hun weldoener zien. En er zijn al die legertjes, zoals van Arkan (een Belgradose onderwereldkoning, red.). We lopen een reële kans op een burgeroorlog tussen de Serviërs uit Servië, en de Serviërs uit de bergen (uit Kroatië, Bosnië en achtergebleven streken in Servië zelf, red.).

""Het is niet voor het eerst dat de Serviërs in Servië van de anderen de dupe worden. In 1914 bijvoorbeeld was de moord op de kroonprins Ferdinand in Sarajevo, die het startsein was voor de Eerste Wereldoorlog, niet het werk van de Servische regering maar van een groepje avontuurlijke Servische officieren van Bosnische afkomst. Er zijn opvallende parallellen: net als de Joegoslavische premier Panic nu, probeerde de Servische regering destijds aan alle eisen in het Oostenrijkse ultimatum toe te geven. Alleen inspecties van Oostenrijkse officieren in Servië zelf werden, als een poging tot vernedering, van de hand gewezen. Die weigering nam Oostenrijk toen als grond, de oorlog aan Servië te verklaren.

""Die arme Ferdinand was trouwens van plan het Oostenrijks-Hongaars imperium langs tribale lijnen te hervormen, daarom namen de terroristen juist hem als doelwit. Ook nu heb je hier in Belgrado onder velen het gevoel, dat de Bosnische Serviërs ons de verkeerde kant optrekken. Ook in 1945 bij de vestiging van het communistische gezag was dat zo. Mijn moeder vertelt dat je in 1945 hier overal op straat in plaats van Ekavian plotseling Jekavian (Kroatisch-Bosnische variant van het Servokroatisch, red.) hoorde spreken.''

Wat zal het effect zijn van de internationale sancties tegen Servië en Montenegro? Hier in Belgrado krijg je het gevoel dat iedereen er nogal rustig onder blijft.

""De boodschap achter de sancties wordt voor het volk constant gereïnterpreteerd door Milosevic' media, zijn televisie vooral: iedereen haat ons, de hele wereld is tegen vijf miljoen Serviërs. Het is pure paranoia. Paranoïde personen voelen zich, behalve vervolgd, ook altijd heel belangrijk. Als wetenschapper zou ik willen opmerken dat sancties over het algemeen een mislukking zijn, en steun voor de regering betekenen. Maar wat dat betreft heeft de reactie, althans hier in Belgrado, me toch verrast. Er ontstaat juist steeds meer oppositie tegen Milosevic. Om te beginnen zijn daar al die teleurgestelde schrijvers en historici, eens gek van de godgegeven plannen van de president. Natuurlijk zijn ze niet een echte oppositie: ze nemen Milosevic niet kwalijk dat hij de oorlog is begonnen, maar dat hij de oorlog heeft verloren. Ze zijn nu druk in de weer hun eigen verantwoordelijkheden te minimaliseren.

""Bij sommigen neemt die minimalisering een vreemde wending. Je kunt nu al de redenering horen, dat het een kosmisch lot is van iedere natie op een gegeven moment weer van het toneel te verdwijnen. Met Milosevic is de historische cyclus van het Servische volk op zijn eind, we zijn gedoemd te sterven of te verhongeren. De schilder Mica Popovic bijvoorbeeld, die - ik moet het toegeven - Milosevic al eerder de rug heeft teruggekeerd en zelf een stervend man is, verkondigt in het openbaar dat Milosevic gods instrument is in de ondergang van het Servische volk.

""Ik denk niet dat het psychologisch effect van de sancties al te groot is, maar ze zijn wel fnuikend voor Milan Panic (de Joegoslavische premier die probeert de oorlog door een politiek van concessies tot staan te brengen, red.). De Servische regering en alweer de televisie laden alle verantwoordelijkheid voor wat er gebeurd is op Panic. En het volk, dat inmiddels te arm is geworden om nog de bijna allemaal anti-Milosevic geworden kranten te kopen, gelooft wat de televisie zegt. Het is voor het Westen niet eenvoudig een geloofwaardige stick and carrot-politiek te bedrijven.

""Ik vind trouwens dat tot nu toe al te veel tweederangs politici zich met Joegoslavië hebben bezig gehouden. Zo'n Carrington, nou ja. Nu, na de Conferentie in Londen komen er meer grote geesten aan bod, die echt iets willen doen. Mij lijkt dat Dobrica Cosic, de oude schrijver die je de intellectuele vader van de oorlog kunt noemen, nu zijn kans op onsterfelijkheid schoon moet zien. Hij kan de concessies doen aan de buitenwereld die Panic meteen zijn kop zouden kosten. Cosic kan dat juist omdat hij tot de harde kern van het Servische nationalisme behoort, net zoals De Gaulle de aangewezen man was om de Algerijnse onafhankelijkheid toe te staan.

""Het Westen zou Cosic' ego moeten strelen. Bij voorbeeld door de sportboycot tegen Joegoslavië, vermoedelijk de maatregel die de mannen hier het meest in het hart heeft geraakt, op te heffen. Het is ook belangrijk dat president Bush nu een ontmoeting zal hebben met Pavle, de patriarch van de Servisch-orthodoxe kerk, die overigens lang niet zo naïef is als hij er uitziet. Het is belangrijk dat het Westen laat zien bereid te zijn tot contact met Serviërs die de Servische televisie niet automatisch als leden van de Vijfde kolonne kan afschilderen, zoals ze met oppositionele politici en Panic doen.''

Is niet een groot probleem dat de Servische oppositie vaak minstens zo nationalistisch is als Milosevic en de zijnen?

""Hier en in het Westen heeft men de gewoonte om zich elke stommiteit van Vuk Draskovic (een van de voornaamste oppositieleiders, red.) uitstekend te herinneren en te vergeten wat Milosevic allemaal heeft gedaan. In 1990 zei Milosevic in een toespraak in Pancevo: de Sloveense en Kroatische communisten hebben zich bij de eerste tegenstand overgegeven, dat zal hier in Servië niet zo gaan. Draskovic is aanvankelijk uitgegaan van dezelfde gedachte als Milosevic: dat alleen nationalisme sterk genoeg zou zijn om het socialisme te verslaan. En in zekere zin heeft hij daarmee Milosevic op zijn zwakke punt geraakt.

""Maar andere oppositie-groepen zijn helemaal niet nationalistisch. Ik denk dat Servië in een soort Solidariteitsfase (naar analogie van Polen, red.) terecht komt: een verenigde oppositie tegen Milosevic. De politieke verschillen komen dan wel weer later aan de orde. Twee jaar lang hebben we getuige mogen zijn van de stommiteiten van al die onderling verdeelde groeperingen, maar nu begint zich iets af te tekenen. Er zijn de groepen in de "Burgeralliantie' en de meer centrumrechtse groeperingen in Depos, waarvan ook Milosevic' vroegere bewonderaars in de schrijverswereld deel uitmaken.

""Kijk, in Oost-Europa leest iedereen romans, geen boeken over politiek of de man-vrouwrelatie als bij u, daarom zijn die schrijvers zo belangrijk. En de meesten van hen zijn op een dag van het platteland op het station in Belgrado aangekomen en zijn zich bij het beklimmen van de Balkanska Ulica (de straat van het station naar het centrale plein Terazija, red.) van hun schrijverschap bewust geworden. Hun gedachtenwereld is echter nog goeddeels de rurale, verkrachte boerenmeisjes enzo. Stedelijke schrijverschappen zijn nog zeer zeldzaam, maar ik zie de overwinning van de stedelijke op de autoritair-rurale mentaliteit nu toch langzaam dagen. Kijk maar naar de studenten.

""Een derde groep opposanten is de sociaaldemocratische partij die zich nu aan het afscheiden is van Milosevic' eigen SPS, en die voornamelijk bestaat uit mensen die dachten dat er onder Milosevic nog iets van de oorspronkelijke idealen van het socialisme terecht zou kunnen komen.''

Uw wetenschappelijke specialiteit in de laatste jaren waren de mensenrechten, u bent ook lid van de commissie van de Verenigde Naties voor de mensenrechten. Misschien bent u daarom de aangewezen man een vraag te beantwoorden die velen in het buitenland zich stellen: waarom is de oorlog in Joegoslavië toch zo bijzonder wreed, waarom worden juist in dit land, niet alleen door Serviërs maar eigenlijk door iedereen alle regels van beschaving zo met voeten getreden?

""Joegoslavië was slechts in schijn een geciviliseerd land, er is nog steeds veel analfabetisme bijvoorbeeld. Kijk, toen het communisme niet meer functioneerde hebben de mensen uit het verst van de civilisatie verwijderde gebieden hun toevlucht genomen tot de meest brutale verklaringen voor hun situatie en wat ze daaraan moesten doen: het uitroeien van andere rassen en religies, op straffe van zelf uitgeroeid worden. Vijfenveertig jaar communisme was een lange tijd, en er was geen democratische traditie hier. Servië was alleen maar van 1903 tot 1914 democratisch. Onder het communisme is over het verleden nooit adequaat gesproken. Mentaal ging iedereen dan ook meteen terug naar naar de genocide op Serviërs in 1942, het is voor veel mensen echt alsof 1942 gisteren was.

""Een brutale propaganda heeft dat effect versterkt. Veelzeggend bij voorbeeld was de door de Servische televisie verspreide haat tegen Slovenen toen vorig jaar in Slovenië de oorlog begon. Serviërs hebben nooit eerder Slovenen gehaat, die campagne was onheilspellend. Maandenlang gingen er verder groepen Serviërs door Joegoslavië om, onder leiding van een of andere pope, overal beenderen op te graven van in de Tweede Wereldoorlog door de Kroatische fascisten om het leven gebrachte Serviërs. Het was een vreemd soort van necrofilie, die ten doel had aan te tonen dat de andere kant inhumaan was, maar dat dit inhumane karakter van de ander door de communistische propaganda al die jaren was verzwegen. En inmiddels werden allerlei sadisten aangemoedigd om kwaad met kwaad te vergelden.

""Elke burgeroorlog is bloediger dan een "normale' oorlog, maar bij deze oorlog speelt bovendien nog dat de partijen alle dezelfde taal spreken. In een normale oorlog moet je krijgsgevangenen eerst afvoeren, een tolk organiseren voor je ze kunt ondervragen. Maar iedereen in deze oorlog spreekt Servokroatisch, dus iedereen kan meteen met ondervragen beginnen en en doet dat ook, en met drastische middelen.

""Bombardementen als die op Sarajevo laten zich verklaren door het feit dat die steden voor de Serviërs uit de bergen, uit hun etnisch homogene dorpen, het symbool zijn van ongewenste cohabitatie van verschillende bevolkingsgroepen. Dat is het vreemde in deze oorlog van de Serviërs, dat zij al tienduizenden andere Serviërs hebben afgeslacht. De toepassing van stalinistische methoden op nationalistische waarheden heeft een monster voortgebracht.''

    • Raymond van den Boogaard