Gorbatsjov mag Rusland niet uit

MOSKOU, 3 OKT. De vroegere president en partijleider van de Sovjet-Unie, Michail Gorbatsjov, mag Rusland niet meer verlaten. Het ministerie van buitenlandse zaken en de Russische staatsveiligheidsdienst (MBR) hebben van het Constitutionele Hof de opdracht gekregen te voorkomen dat Gorbatsjov volgende week volgens plan naar Zuid-Korea en Italië gaat. Het grondwettelijke rechtscollege heeft hiertoe besloten omdat Gorbatsjov tot nu toe heeft geweigerd te getuigen in het proces tegen de verboden communistische partij (CPSU) dat nu voor het Hof dient.

In een brief aan het Constitutionele Hof had Gorbatsjov deze week uiteengezet dat hij niet bereid was vrijwillig als getuige op te treden omdat het volgens hem om een proces gaat waarbij alle partijen slechts “enge politieke belangen” najagen. Gorbatsjov liet daarbij doorschemeren dat hij wel zou komen getuigen als hij daartoe juridisch zou worden gedwongen. De oproep begin deze week had hij niettemin naast zich neergelegd.

Het Constitutionele Hof, dat onmiddellijk na het ontvangen van Gorbatsjovs brief meende zich door hem “beledigd” te voelen, heeft zich daarop gisteren tot het departement van buitenlandse zaken en de geheime dienst gewend met het verzoek “alle overeenkomstige maatregelen” te nemen die nodig zijn om Gorbatsjov in het land te houden totdat hij zijn “burgerlijke plicht” heeft vervuld.

In het proces staat de vraag centraal of president Boris Jeltsin van Rusland er vorig najaar al dan niet het recht toe had om de CPSU eigenmachtig per decreet te verbieden, zonder de volksvertegenwoordiging daarin te kennen.

Jeltsin wordt bij het Hof vertegenwoordigd door zijn voornaamste juridische medewerkers. Volgens hen is de CPSU geen gewone politieke partij geweest maar een staat binnen de staat en kan een verbod derhalve niet worden geïnterpreteerd als een beperking van de vrijheid van vereniging. De CPSU, die de zaak formeel aanhangig heeft gemaakt, wordt onder anderen vertegenwoordigd door Gorbatsjovs toenmalige waarnemend secretaris-generaal Vladimir Ivasjko en voormalig tweede man Jegor Ligatsjov. Zij betogen in de procesgang precies het omgekeerde. Centraal in de zaak staat vooral of de CPSU gemeenschapsgelden heeft gebruikt voor eigen doeleinden.

Een getuigenis van Gorbatsjov zou, zo hoopt het presidium van het Hof, licht kunnen werpen op de feitelijke machtsverhoudingen tussen partij en regering. Belangrijk daarbij is vooral of de CPSU ook na de afschaffing van haar constitutioneel verankerde voorhoederol (artikel 6 van de grondwet) misbruik heeft gemaakt van haar positie.

Volgens Gorbatsjov is het proces bij het Hof een middel om “oude rekeningen te vereffenen”. In zijn ogen is Jeltsin er op uit hem via een juridische zaak uit te rangeren. Andere tegenstanders van de Russische president hebben Jeltsin er eerder dit jaar zelfs van beschuldigd het Constitutionele Hof te compromitteren door de rechters van het college, lopende de procedure, forse salarisverhogingen toe te zeggen.

    • Hubert Smeets