Chi Pu Che

Voordat u zich het hoofd gaat breken over de betekenis van Chi Pu Che, moet ik even het volgende vertellen.

In de jaren dertig had ik een neef, Willem, die in Leiden studeerde. Chinees. Hij deed dat omdat hij een vage familieband meende te ontdekken met het Chinese volk en alles wat hij daarover las beviel hem.

Toen de studie was afgerond vertrok hij naar China en kwam, na enige omzwervingen, terecht bij Chiang Kai-shek, wiens zijde hij koos tegen de oprukkende communisten. Hij geraakte in het Nationalistische leger, vervolgens kreeg hij een marine-opleiding en werd commandant van een oorlogsbodem - inmiddels had hij de Chinese nationaliteit aangenomen. Voor Nationalistisch China onderhield hij de banden met de VS.

Hij trouwde een Chinese vrouw, kreeg een Chinese dochter (nu werkzaam bij de Marinebibliotheek in Taiwan) en werd pas vorig jaar, omdat ze daar nogal lang doorwerken, gepensioneerd. Tussentijds had hij nog in Brussel gezeten als Nationalistisch Chinees vertegenwoordiger bij de EG.

Toen hij vorig jaar, uitgenodigd door de KLM, Nederland bezocht met vrouw en dochter, mocht ik met hem en twee andere neven en een nicht eten in de "Oase', aan de duinrand in Vogelenzang, het oude jachthuis van mijn grootmoeder, eertijds gelegen op het gebied van "Leyduin' (spreek uit Leyduin, zegt neef Daan van twee-en-negentig, dus die kan het echt weten).

We aten pannekoeken, die daar fameus zijn, maar niet in Nationalistisch China: mijn Chinese aangetrouwde nichten aten nauwelijks de helft op, dit in tegenstelling tot de jongste neef aan tafel die er twee at. Met gember.

Vorige week kreeg ik een brief van Liu Yuan-tao, zoals Willem nu heet (hij eindigde met de volgende zin die ik u niet wil onthouden: ""Verder, het is een goede traditie en gewoonte van de Van Lennepen-clan om elkaar met je en jou en niet met het afstandelijke U en Gij aan te spreken. Dus laten wij ons daaraan houden, beste Gerard. Met de meest hartelijke groeten van ons allen'') waarin hij ingaat op de geheel herziene druk van het "Verklarend Oorlogswoordenboek' dat in 1988 met hulp van honderden lezers van NRC Handelsblad vervaardigd werd en dat onlangs besproken werd in "Onze Taal', waarop Liu Yuan-tao kennelijk geabonneerd is. Chi Pu Che is het Chinese woord voor jeep, en Chi Pu Lang het woord voor Jeepgirl, "de voor die tijd beruchte meisjesbegeleiders van Amerikaanse militairen'. Shan Chi Chan is Chinees voor Blitzkrieg, maar dat raadde u al, een typische onomatopee.

Teneinde ook enkele Britse oorlogsveteranen te bereiken, zette ik een advertentie in het buitengewoon aardige blad Oldie, geredigeerd door de venerabele Richard Ingram, als ik het wel heb de voormalig editor van Private Eye. Nergens anders in de wereld durft men een tijdschrift voor ouderen "Oldie' te noemen.

Ik kreeg aardige brieven, want ook daar bestaat belangstelling voor oorlogswoorden, waaronder eentje van een voormalige ondervrager van krijgsgevangenen, die meent dat het non-seksuele maar algemene gebruik van het woord "fuck' en "fucking' in de Tweede Wereldoorlog is ontstaan. De eerste vraag die hij van PoW's kreeg was altijd: "What is a fucking table'?

Een van zijn aardigste woorden is "Zombies' - Opgeroepen dienstplichtigen en vrijwillig dienenden die zich niet gemeld hadden, ""hence technically in Army and liable to be arrested but never on strenght. Let's see, we've got 500 on strength, including ten on the run, fifteen absent without leave and thirteen zombies, with sick makes 450.'' (Schrijf me niet over AWOI - ik wist 'm).

Eigenaardig is dat het woord snifter, dat in het Nederlands een pikketanissie is, een sniftertje, in het Engels de aanduiding is voor iemand die (verzonnen afwijking?) seksueel plezier beleeft aan het ruiken van vieze luchtjes. Soldaat die als strafcorvee de latrine moet schoonmaken: ""He must think I'm a snifter.''

Uit Nederland kwam nog de uitdrukking "bon af zijn', die ik wel wist, maar vergeten was.

In DE GIL las ik dat Zwarte handel daarin "zwarthandel' wordt genoemd. Uit Amerika hoorde ik de manier waarop Jane Anderson, de ster van de nazi-propaganda-uitzendingen naar de VS bij de Duitsers zelf in diskrediet werd gebracht. Men zond eenvoudigweg een vertaalde versie van haar uitzending omgekeerd uit naar de Duitse luisteraars, waarin ze vertelt van een uitje met een nazi-vriend: ""Op zilveren schalen lagen snoepjes en koekjes. Ik nam wat Turkse koekjes. Mijn metgezel bestelde flinke glazen champagne met wat cognac erdoorheen om het wat op te peppen.'' Dit schoot de gemiddelde Duitser, die het met namaak-bier en zwart brood moest doen, in het verkeerde keelgat.

In Amsterdam vouwde men als grap het briefje van tien dusdanig dat de tekst "Aan Toon dertien gulden' te zien was. "Die rot-Mussert!' Duidelijke oorlogshumor, zoals ook in de afkorting voor Rhodesia-sigaretten: Regering Holland Ontdekte Deze Ellendige Sigaret In Amerika. Flauwer is er vrijwel niet. Dan is "Eén land, één volk, één aardappel' veel aardiger.

En wat in het Amerikaans chaff heette, en in het Engels window, heette in Duitsland Düppel.

Zo sprokkelen we door.