Van der Knaap moet de kater van Barcelona nog verwerken

DEN BOSCH, 2 OKT. Astrid van der Knaap zit op een kruispunt. In de komende maanden beslist ze of ze haar carrière als badmintonprofessional voortzet. Vooralsnog hoeft die geringere interesse er bij de open Nederlandse kampioenschappen niet toe te leiden, dat ze vroegtijdig wordt uitgeschakeld. Ze moet vandaag in staat zijn moeiteloos de kwartfinales te halen.

Samen met Eline Coene heeft Astrid van der Knaap de laatste zeven jaar de beste internationale prestaties geleverd. Ze veroverde Grand Prix-titels en haalde de finales van de Grand Prix-eindstrijd en de wereldbeker. Eerder dit jaar kwalificeerde ze zich voor de Olympische Spelen.

In Barcelona kwam de kentering. Een mini-rel met Erica van den Heuvel, naar aanleiding van een artikel in De Telegraaf, veroorzaakte bij de speelster uit Kwintsheul een diepe inzinking. Het leidde tevens tot ernstige tweespalt in de voorheen zo brave nationale vrouwenselectie. “Ik was door dat artikel pijnlijk getroffen”, zegt de bijna 28-jarige Van der Knaap. “Niet zozeer omdat Erica zich ten koste van mij wilde profileren als enkelspeelster, maar meer omdat ze haar prestatie bij de nationale kampioenschappen onder meer als argument aanvoerde. Daar won ze inderdaad van mij, maar Erica wist ook dat vlak daarvoor een zeer dierbaar familielid was overleden. Met die opmerking ging ze duidelijk over de grens.”

Het verwerken van de Spaanse kater is nog niet voltooid. Enkele weken geleden werd ze er door de nieuwe bondscoach, Huub Franssen, op attent gemaakt dat de inschrijving voor de internationale titelstrijd in Den Bosch - dit keer Forbo Parade Open geheten - zijn sluitingsdatum naderde. “Toen werd ik wel verplicht om na te gaan denken of ik eigenlijk nog wel serieus verder wilde. Ik heb voor dit toernooi ja gezegd, maar het is voorlopig wel het enige evenement waar ik aan meedoe. De Grand Prix-toernooien in Duitsland en Denemarken laat ik schieten.”

Een merkwaardig fenomeen: Astrid van der Knaap, tot voor kort hét toonbeeld van badminton-fanatisme, in een luie stoel op weg naar een toptoernooi. Maar de feiten liegen niet. Voordat ze gisteren in sportcentrum De Maaspoort haar eerste shuttle over het net sloeg, had ze zegge en schrijve vijftien trainingsuren in de benen. “Na Barcelona was ik lichamelijk en geestelijk kapot. Maar ik heb me het hele jaar dan ook een slag in de rondte gewerkt. Dat moest ook wel, want de wereldranglijst van 30 april was bepalend voor deelname aan de Olympische Spelen.”

Van der Knaap was in Barcelona de beste Nederlandse speelster. Ze was precies één punt verwijderd van een plaats in de achtste finales. Ondanks de aanvaring met Erica van den Heuvel noemt ze Barcelona "een fantastische ervaring'. Ze had in de Catalaanse hoofdstad overigens een merkwaardige dubbel-functie, want naast deelname aan het badmintontoernooi was ze dagelijks als verslaggeefster in de weer voor de regiozender Radio West. “Alleen met badminton bezig zijn kan ik niet. Een paar jaar geleden heb ik al eens stage gelopen bij Radio West. Nu vroegen ze me weer voor een dagelijks interview met een deelnemer.”

Hoewel haar toekomst als topsporter onzeker is, had Van der Knaap tot voor kort het vaste plan om op een zo hoog mogelijk niveau als trainster aan de slag te gaan. Ze is in het bezit van het B-diploma en was er van overtuigd, dat ze zou worden toegelaten tot de C-cursus. Deze hoogste opleiding binnen de Nederlandse Badminton Bond biedt dit jaar wel plaats aan onder anderen Eline Coene en Pierre Pelupessy, maar Van der Knaap werd afgewezen.

Ze vindt de weigering van de NBB om haar toe te laten niet terecht. “Men verschuilt zich achter de opleidingscommissie die dat besloten heeft, maar ik heb gehoord dat Martijn (Van Dooremalen, ex-bondscoach, red.) dat besluit genomen heeft. Hij heeft voor zichzelf besloten wie er wel en wie niet tot de cursus werden toegelaten.” Van der Knaap vermoedt dat een kritische geest als de hare moest worden aangepakt. “Ik ben niet zo'n meeloper. Ik heb altijd mijn eigen weg uitgestippeld. Dat wordt niet altijd in dank afgenomen.” Van Dooremalen, gevraagd naar een reactie, wijst de beschuldiging van vriendjespolitiek resoluut van de hand. “We hadden voor zestien plaatsen 34 aanmeldingen. Een van de eisen was, dat de B-cursisten minstens twee jaar actieve ervaring moesten hebben als trainer. Astrid heeft tijdens het intake-gesprek zelf aangegeven dat ze een korte tijd met één meisje heeft gewerkt. Daarmee voldeed ze bij lange na niet aan de eisen. Dat is de enige reden. Daar steekt verder niks achter.”

    • Ted van der Meer