Storm in Franse Senaat door verkiezing van een voorzitter

PARIJS, 2 OKT. Eens in de drie jaar ontdekken de Fransen het bestaan van de Senaat, een instelling waar de politiek doorgaans in grote rust wordt bedreven. Dan kiest de "auguste assemblée' een nieuwe voorzitter. Hoewel het nooit aan ambities en kandidaten en dus aan drama ontbrak, leidde dat de afgelopen 24 jaar steeds tot hetzelfde resultaat: de liberaal Alain Poher werd acht keer herkozen als voorzitter en dus als tweede man van het land, na de president van de republiek.

Ditmaal is het anders. Met de rust die hem kenmerkte, beëindigt Alain Poher zijn politieke carrière. Over zijn opvolging is de afgelopen dagen al een politiek spektakel opgevoerd, dat vanavond met drie stemmingen zal worden afgesloten. De strijd gaat vooralsnog tussen twee kandidaten van de grote oppositiepartijen, Charles Pasqua van de gaullistische RPR en René Monory van de liberale UDF.

Weliswaar zullen ook de socialisten en mogelijk de communisten met een kandidaat komen, maar RPR en UDF zijn in de Senaat verre in de meerderheid. De opvolger van Poher zal dus uit de rechtse rangen komen, maar verrassingen zijn niet uitgesloten. Want RPR en UDF zijn het onderling niet eens, zodat de stem van de socialistische senatoren mogelijk de doorslag zal geven.

In het begin van de week was er nog een twaalftal kandidaten van democratisch rechts voor het voorzitterschap van de Hoge Assemblée, dat rijkelijk in eer, ornamenten en emolumenten voorziet. Bovendien is er altijd het vooruitzicht op het presidentschap van de republiek: de voorzitter van de Senaat valt die verantwoordelijkheid toe als het staatshoofd overlijdt of onmachtig is zijn functie te vervullen. Met een 76-jarig staatshoofd dat aan prostaatkanker lijdt, is dat een perspectief waarmee rekening wordt gehouden.

De stoelendans begon echter pas goed toen de gaullistische RPR haar officiële kandidaat stelde, de geduchte Charles Pasqua, de leider van de RPR-fractie in de Senaat. Pasqua was echter ook een van de belangrijkste aanvoerders van de campagne voor het nee tegen "Maastricht', dat het twee weken geleden in het Franse referendum net niet haalde. De liberalen, die merendeels voor de Europese Unie zijn, gruwden van de gedachte dat de "nationalist' Pasqua de tweede man van de republiek zou worden. Ze verenigden zich achter een kandidaat, René Monory, een afgevaardigde van een centrumgroepering die minister van onderwijs was in de regering-Chirac (1986-88), maar die verder weinig opmerkelijks op zijn politieke conto heeft.

De liberalen vormen de grootste fractie in de Senaat. Maar Monory heeft de stemmen van de gaullisten of de socialisten nodig om een meerderheid te halen. Het laatste staat hun echter evenzeer tegen als stemmen op Pasqua. Aan de andere kant heeft de RPR-kandidaat een programma om de Senaat te hervormen en een groter politiek gewicht te geven. Van Monory zijn in dit opzicht geen goede voornemens bekend. Maar dat behoeft geen bezwaar te zijn: de meeste afgevaardigden in de Senaat lijken tevreden met hun kalme bestaan.