Rommelige aanpak kenmerkt dossier bij politie Raampoort

AMSTERDAM, 2 OKT. “De gerechtigheid heeft overwonnen”. Ex-rechercheur Hans van E. stak zijn vreugde gisterochtend in de Amsterdamse rechtszaal niet onder stoelen of banken. Samen met zijn vroegere collega Leo H. werd Van E. gisteren ontslagen van verdere rechtsvervolging. Beide rechercheurs van het bureau Raampoort stonden terecht op verdenking van handel in verdovende middelen. De behandeling van de zaak werd gisteren echter door de rechtbank afgeblazen: het dossier in de zaak bleek een dermate onvolledig rommeltje dat de rechtbank zich niet in staat achtte een verantwoord oordeel te vormen.

Daarmee is het voor de tweede maal binnen een jaar dat het openbaar ministerie publiekelijk terecht wordt gewezen voor het gepresenteerde bewijsmateriaal. Eind vorig jaar honoreerde de rechtbank een soortgelijk verweer in de zaak tegen ex-rechercheur Martin H. die wordt verdacht van de moord op de hoofdstedelijke topcrimineel Klaas Bruinsma. Het openbaar ministerie won in deze zaak evenwel het hoger beroep, waardoor de zaak nu alsnog wordt behandeld. Officier van justitie mr. W.G.C. Mijnssen beraadt zich nog of ook in de zaak tegen de Van E. en H. beroep aangetekend zal worden.

Deze beslissing doet evenwel weinig af aan de pijnlijke afgang van het openbaar ministerie. Uitgerekend nu de overheid de corruptie binnen het ambtenaren-apparaat tot belangrijk aandachtspunt heeft verklaard faalt justitie.

De tekortkomingen in de gepresenteerde dossierstukken in de zaak tegen Van E. en H. zijn bepaald niet marginaal te noemen. Beide rechercheurs werden uiteindelijk gearresteerd nadat verschillende "pseudo-kopers' in opdracht van de Rijksrecherche waren ingezet om de betrokkenheid bij de handel in verdovende middelen te bewijzen. Het inzetten van undercover agenten is in Nederland een subtiele aangelegenheid. De Hoge Raad heeft pseudo-kopers gebonden aan een aantal strakke regels. Zo is het verboden strafbare handelingen uit te lokken. Bovendien moet van iedere activiteit van de pseudokoop twee processen-verbaal gemaakt worden.

In bijna de helft van de 70 gevallen waarbij de pseudokopers werden ingezet tegen Van E. en H. waren de processen-verbaal niet volledig. Al in augustus had de rechtbank de officier van justitie verzocht de ontbrekende stukken alsnog bij het dossier te voegen. Het was gisteren dan ook prijsschieten voor de verdediging. Raadsman mr. N.C.J. Meijering veegde in een even korte als effectieve pleitnotitie de vloer aan met het onvolledige dossier. Officier van justitie Mijnssen kon zich slechts verweren met het argument dat de ontbrekende stukken “materieel niet relevant” waren en dus geen gevolg hadden voor de ontvankelijkheid van de zaak.

Dat de zaak tegen Van E. en H. na het besluit van de rechtbank inhoudelijk verder niet werd behandeld is vooral jammer omdat er nog genoeg vragen over blijven. Van E. en H. werden gearresteerd bij de verkoop van 100 kilo hasj door twee drugshandelaren aan de pseudokopers. Volgens justitie zouden zij als tussenpersonen hebben gefungeerd. De twee betrokken drugshandelaren zijn inmiddels veroordeeld tot relatief milde straffen in de vorm van maatschappelijke dienstverlening.

De Amsterdamse politie ondergaat het voorlopige ontslag van rechtsvervolging met gemengde gevoelens. Het hoofdstedelijke korps kwam de afgelopen twee jaar in opspraak door een aantal arrestaties. In verband met de affaire met Van E. en H. werden nog twee rechercheurs van bureau Raampoort vastgezet, voorts was er de narcotica-rechercheur Rein P. die werd verdacht van verduistering van cocaïne en vorig jaar werd ex-rechercheur Martin H. gearresteerd in verband met de moord op Bruinsma.

De afhandeling van al deze gevallen werpt een schril licht op de manier hoe het openbaar ministerie te werk is gegaan. Twee van de rechercheurs van de Raampoort werden van alle blaam gezuiverd en weer in dienst genomen. De narcotica-rechercheur werd uiteindelijk slechts veroordeeld vanwege geknoei met zijn belastingaangifte. De andere zaken kenmerkten zich door een rommelige bewijsvoering. Een en ander zal naar verwachting de verhouding tussen de hoofdstedelijke politie en het openbaar ministerie er niet beter op maken.