OPG verwacht teveel van de beleggers

De apothekerscoöperatie OPG barst van het zelfvertrouwen. De onderneming heeft hoge verwachtingen van de komende beursgang van de coöperatie, de eerste in de geschiedenis van de Amsterdamse beurs. Maar de rooskleurige visie van OPG wordt niet door iedereen gedeeld.

“De ingewikkelde constructie die nodig is voor de beursgang kan beleggers afschrikken”, zegt een analist. “Vooral buitenlandse beleggers zullen afstandelijk reageren”. Als OPG er niet in slaagt om alle aangeboden stukken te verkopen, wat volgens de analist niet ondenkbeeldig is, zullen koersstijgingen uitblijven, hoe goed het bedrijf het verder ook doet.

OPG heeft lang gestudeerd op een constructie om de coöperatie open te kunnen breken. De uiteindelijke oplossing komt er op neer dat de leden-apothekers jaarlijks maximaal 5 procent van hun inleggelden (omgedoopt in participaties) op de beurs mogen aanbieden. Dat laatste gebeurt via de Stichting Administratiekantoor OPG, die de participaties zelf vasthoudt en certificaten van de participaties verkoopt aan beleggers. Het stemrecht op de participaties blijft in handen van het Administratiekantoor, dat lid wordt van de coöperatie.

Niet bekend

De goede groeicijfers van de afgelopen jaren zijn volgens analisten nog geen bewijs dat de toekomst van OPG zorgeloos zal verlopen. “Ik zie nog wel een paar donkere wolkjes”, zegt een analist. Hij verwacht dat de beursgang van OPG wel nieuwe apothekers zal aantrekken, maar “de concurrentie blijft niet stilzitten en reageert misschien met een prijzenslag”. De initiatieven van PTT en Ahold - om actief te worden in distributie en handel van geneesmiddelen - moeten volgens hem zeker serieus worden genomen, “niet verstandig van OPG om daar een beetje lacherig over te doen”.