Bush en Clinton onzeker over gevolgen van Perots terugkeer

WASHINGTON, 2 OKT. Het is tekenend voor de onzekerheid van de presidentskandidaten Bush en Clinton dat zij afgelopen maandag zeer hoge delegaties stuurden naar Ross Perot, die door zijn eerdere vertrek uit de verkiezingsrace nauwelijks nog serieus wordt genomen door de meeste Amerikanen.

Als miljardair is Perot geen gewone kandidaat. Hij kan voor zijn eigen geld veel tijd kopen op de televisie en hij is dat ook van plan. De onafhankelijke kandidaat in de verkiezingen van 1980, John Anderson, had bij zijn campagne nauwelijks geld. Maar Perot zal zijn scherpe gehak op de drie biljoen (3.000 miljard) dollar aan “geld voor onze kinderen”, dat de overheid heeft geleend, overal laten horen. Beide kandidaten zouden de aanhangers van Perot graag weglokken. Bovendien is dit verkiezingsjaar buitengewoon onvoorspelbaar en veranderlijk.

Toch zien de Republikeinen mogelijk voordeel in een campagne van Perot. Hij staat er nu zo slecht voor dat in de woorden van de Republikein Edward Bennett “elke verandering een nieuwe kans biedt”. Ook Clinton is bezorgd dat de kandidatuur van Perot de oppositie tegen Bush zal verdelen. Perot scoort zo laag in de opiniepeilingen dat hij waarschijnlijk geen patstelling zal veroorzaken bij de verkiezingen. Waarschijnlijk wint hij geen enkele deelstaat. Het Huis van Afgevaardigden zal dus niet de patsituatie hoeven doorbreken door zelf een president uit te kiezen.

De cijfers in de nationale opiniepeilingen doen er minder toe dan die in de deelstaten. Perots deelname kan Clinton de overwinning bezorgen in deelstaten als Texas en Florida, omdat hij daar waarschijnlijk meer stemmen aan Bush onttrekt. Maar in de grootste deelstaat, Californië, zal Clintons ruime voorsprong aanzienlijk slinken. Bovendien is Clinton niet meer de kandidaat voor verandering, omdat Perot nog radicalere maatregelen voorstelt. Bush zal zowel Clinton als Perot kunnen aanvallen op hun plannen tot belastingerhoging. Anderzijds zal president Bush nog meer onverbiddelijke kritiek krijgen van iemand die bijna praat in kant en klare sound bytes. Dat kan Bush ook opbreken in een televisiedebat. Hij neigt naar deelname van Perot, zodat Clinton in de menigte van twee kandidaten minder presidentieel aandoet.

Clinton heeft tot nog toe de vrede bewaard met Perot. Hij hoopt - waarschijnlijk tevergeefs - op een soort aanbeveling van Perot. De miljardair haat de president. Het is een oude vete tussen twee Texanen. Bush zei in juli dat Perot niet het juiste temperament en het respect voor de wet had om president te worden.

Maar Perot zal beide kandidaten in ieder geval dwingen om zich bezig te houden met dringende vraagstukken die ze tot nu toe hebben genegeerd, zoals het begrotingstekort, in de woorden van Perot “de krankzinnige neef in het souterrain, van wie iedereen weet dat hij er is maar over wie niemand durft te praten”. Perot heeft, anders dan in juli, wel een programma en hij wil de benzine-accijns met 10 dollarcent per gallon per jaar verhogen. Daarmee vermindert hij het tekort op de betalingsbalans en het begrotingstekort in één klap. Maar politiek ligt de benzineprijs gevoelig, want ze vormt het fundament van de Amerikaanse bewegingsvrijheid. Perot wil bovendien belastingen verhogen, defensie-uitgaven verder verlagen en landbouwsubsidies opheffen.

In andere dan economische voorstellen verschilt Clinton weinig van de andere twee kandidaten. Maar hij probeert als enige de kiezers ervan te doordringen dat er offers van de burgers nodig zijn om er nog wat van te maken in Amerika.