Beklimming Alpe d'Huez is volgend jaar uit het routeschema geschrapt; Einde aan onbeheersbare chaos in de Tour

ROTTERDAM, 2 OKT. Fausto Coppi won er de eerste keer, in 1952; Joop Zoetemelk, Hennie Kuiper en Peter Winnen wonnen er tweemaal, Steven Rooks en Gert-Jan Theunisse ieder eenmaal. Als er een Nederlander als eerste over de eindstreep was gereden, dan luidde de Nederlandse pastoor Jaap Reuten de klokken van de Notre Dame de la Neige, de kerk van Alpe d'Huez.

De weg tussen Bourg d'Oisans en Alpe d'Huez, 14 kilometer en 22 haarspeldbochten lang, was een weg die aan Nederlanders behoorde. Honderdduizenden wielrengekken - vooral Nederlanders - bevolkten jaarlijks de bergflank wanneer het peloton van de Tour de France de prachtige Alp beklom. Ze sliepen er de nacht tevoren in de berm, in de tent, de camper of de auto. Ze bekalkten het asfalt met leuzen en strijdkreten - de een nog spitser dan de ander. Ze hosten en joelden al uren vóór de doorkomst van de renners. Ze holden in hun blote bovenlijven met de renners mee tot ze er bij neervielen en sleurden dan net niet de zwoegende renners mee in hun val. Het was elk jaar feest op de altijd hete Alpe d'Huez.

Renners, ploegleiders, juryleden en organisatoren maakten bange uren door als het peloton de volslagen gekke mensenzee doorkliefde. Van ernstige valpartijen was nooit sprake. Dat was een wonder. Maar wanneer 's avonds de menigte huiswaarts keerde was de chaos onbeheersbaar. Omdat het meerendeel van de mensen zijn auto in de berm van de bergweg had geparkeerd - tot aan de top toe - ontstonden opstoppingen die tot ver na middernacht voortduurden. Kettingbotsingen konden niet uitblijven. Dit jaar schoot een truck van de Tour door zijn remmen en schoof op een andere truck, met als gevolg een brandende ravage.

De beslissing kon niet uitblijven. Gisteren maakte de Tour-directie bekend dat Alpe d'Huez niet meer in het routeschema van volgend jaar is opgenomen. De verkeerssituatie als gevolg van de steeds massaler wordende toeloop, laat een aankomst op de top van deze berg niet langer toe. Renners en ploegleiders klaagden al over de veiligheid tijdens de beklimming, volgers konden hun hotel in het dal niet meer bereiken.

Zeventien keer kwam het peloton van de Tour de France op Alpe d'Huez aan. Fausto Coppi, de legendarische Italiaan, was in 1952 de eerste winnaar. Van bebouwing was toen nog geen sprake. Er was slechts een stille, kale, groene vlakte, bereikbaar over een onverharde weg. De tweede keer, 25 jaar later, was het oord uitgegroeid tot een dorp met blokkendozen vol appartementen. Alpe d'Huez was een skioord geworden. Zoetemelk won in 1976. Hennie Kuiper volgde een jaar later zijn voorbeeld. In 1978 won Kuiper weer en kreeg Zoetemelk de gele trui, maar niet nadat bij de winnende Belg Pollentier een peertje onder zijn oksel was gevonden ter misleiding van de dopingcontrole.

In de kerk van Alpe d'Huez werd op die zondagavond gevloekt en getierd. Het gebouw deed - tot voor kort - altijd dienst als perscentrum en de journalisten konden hun al geschreven verslagen verscheuren toen bleek dat Pollentier was gediskwalificeerd. Meer nog gedreven door rancune jegens Pollentier dan door euforie over de rechtvaardiging van Kuiper en Zoetemelk, werden de artikelen herschreven.

Zoetemelk zou in 1979 voor de tweede keer winnen. Peter Winnen zette in 1981 en 1983 de inmiddels Nederlandse traditie voort. In 1988 volgde Steven Rooks en in 1989 Gert-Jan Theunisse. “Winnen op Alpe d'Huez is voor je sponsor belangrijker dan een klassieker als de Ronde van Vlaanderen of Milaan-Sanremo winnen”, stelde Rooks.

De bijna steilste (stijgingspercentage van rondom 8,5%) beklimming leverde bijna altijd grote winnaars op. Beat Breu ('82), Luis Herrera ('84), Bernard Hinault ('86), Féderico Echave ('87), Gianni Bugno ('90 en '91) en Andy Hampsten ('92). De meest gedenkwaardige overwinning was die van Hinault, die hand in hand met zijn ploeggenoot Greg LeMond over de eindstreep reed, maar niet vergat zijn wiel iets eerder over de lijn te drukken.

Radio- en tv-verslaggevers raakten in extase (“Fantastisch. Wat kan sport mooi zijn. Wat een gebaar!”), toen zij Hinault de hand op de schouder van LeMond zagen legggen. Het was een van de meest huichelachtige momenten in de geschiedenis van de wielersport. Hinault maakte namelijk dit gebaar slechts in opdracht van zijn baas, sponsor Bernard Tapie, die een einde wilde maken aan het gevecht tussen de twee kopmannen.

Het was slecht voor de publiciteit, vond Tapie, dat LeMond Hinault er voortdurend van betichtte afspraken te schenden. Hinault had met de Amerikaan en Tapie afgesproken dat hij hem zou helpen de Tour te winnen, maar de Fransman maakte zich ongeloofwaardig door regelmatig de aanval op zijn ploeggenoot te openen. Op Alpe d'Huez verzocht Tapie LeMond aan het wiel van Hinault te blijven, toen de twee al vier minuten voorsprong op de rest van het veld hadden, om dan hand in hand (ten teken van de vrede) met de Fransman over de finish te rijden.

Het is niet de eerst keer dat Alpe d'Huez niet in het Tourschema wordt opgenomen. In 1980 en 1985 was er ook geen aankomst. De toenmalige Tourdirecties schikten zich in die jaren naar de wensen van hoofdsponsor Merlin, een projectontwikkelaar die plotseling meer belang zag bij aankomsten in nieuwe ski-dorpen waarvoor reclame gemaakt diende te worden. Dit keer liggen logistieke problemen aan de basis, die overigens bij elke bergaankomst een steeds grotere factor spelen. De kans dat de weg tussen Bourg d'Oisans en Alpe d'Huez ooit nog eens door Tourrenners wordt beklommen, lijkt klein. De Tour verliest daarmee vooral een Hollandse traditie.

    • Guus van Holland