De ruzie tussen Londen en Frankfurt

5 september. Norman Lamont en Helmut Schlesinger kruisen de degens op de informele vergadering van Europese ministers van financiën en voormannen van centrale banken in het Britse Bath. Tot viermaal toe eist Lamont van Schlesinger een toezegging dat de Duitse rente wordt verlaagd. Tevergeefs.

Schlesinger raakt geïrriteerd en dreigt de vergadering te verlaten. De Duitse minister van financiën Theo Waigel snoert Lamont de mond. 15 September. In de avonduren begint het gerucht te circuleren dat Schlesinger in een interview met de Wall Street Journal en het Handelsblatt suggereert dat het Britse pond in aanmerking komt voor devaluatie. De journalisten geven een korte samenvatting van het vraaggesprek aan persbureau Reuters. De volledige tekst zal pas 2 dagen later verschijnen. 16 september. Het Britse ministerie van financiën vraagt de Bundesbank om opheldering. Schlesinger bestrijdt een pleidooi voor devaluatie van het pond te hebben gehouden.

Voor het pond is het dan al te laat: de Britse regering lijdt een smadelijke nederlaag op de valutamarkt en haalt de munt uit het EMS. 17 september. Norman Lamont geeft het Duitse monetaire beleid de schuld van de sterling-crisis. Als de vraaggesprekken verschijnen, blijkt dat Schlesinger het pond niet direct heeft genoemd, maar wel in algemene zin heeft gepleit voor devaluaties. 18 september. Bondskanselier Helmut Kohl is woedend: de opmerkingen van Lamont over het Duitse monetaire beleid noemt Kohl: “ongepast voor een minister”. 19 september. Lamont houdt vol dat de Duitse rentepolitiek een belangrijke rol heeft gespeeld in de sterling-crisis. 21 september. Schlesinger stelt tijdens een persconferentie in Washington dat Italië en Groot-Brittannië bij herintreding in het EMS vanaf het begin “een koers moeten varen die de juiste is.” Daarmee suggereert hij dat er grove fouten zijn gemaakt bij de Britse toetreding. 24 September. Norman Lamont geeft nogmaals zijn visie: “Die opmerkingen (het gewraakte vraaggesprek van Schlesinger) zijn nooit overtuigend tegengesproken en hebben de definitieve aanval op sterling losgemaakt.” 28 september. Lamont: “Er zijn harde en onaangename opmerkingen gemaakt - er is veel controverse geweest......Ik houd vast aan ieder woord dat ik heb gezegd over de rol van de Bundesbank in de gebeurtenissen die hebben geleid tot het opzeggen van ons lidmaatschap van het EMS.” 30 september. Via de Duitse ambassade in Londen wordt een document van de Bundesbank in circulatie gebracht waaruit blijkt dat de Duitsers de Britten wel degelijk hebben geholpen.

Het ministerie van Lamont geeft een persbericht uit waarin de Duitse lezing van de gebeurtenissen opnieuw wordt aangevallen. Onmiddellijk komen Lamonts collega's in actie om de nieuwe rel te bezweren. Premier Major belt met Bondskanselier Kohl en minister van buitenlandse zaken Douglas Hurd bespreekt de affaire met zijn Duitse collega Klaus Kinkel.