Thailand is favoriet van Japanse investeerders in de Aziatische regio

Volgende maand reist de Japanse keizer naar China. Een historische gebeurtenis met niet alleen een politieke maar ook economische dimensie. De Japanse economische invloed in de hele Aziatische regio neemt nog altijd toe. Als het aan de Japanners ligt wordt Azië een Japanse "werkplaats' voor de thuismarkt en de markten elders in de wereld. Het derde deel van een serie.

“Het is een Thais probleem, waar Japan weinig aan kan doen.” Hiroshi Matsuki's grote bureau staat als een fort in de imposante directiekamer van het handelshuis Mitsui & Co. (Thailand) Ltd. In Japan is Matsuki directielid van het wereldomvattende moederconcern. In Thailand is hij president van de lokale Mitsui-vestiging en voorzitter van de Japanse Kamer van Koophandel.

Matsuki wijst elke Japanse verantwoordelijkheid voor Thailands handelstekort met zijn land resoluut van de hand. In zijn werkkamer in een van de glazen kantoortorens aan Silom road, het zakencentrum van Bangkok, lijkt hij de verpersoonlijking van de Japanse invloed in Thailand die de laatste jaren door een vloedgolf van investeringen enorm is toegenomen.

Het begint al bij aankomst op Bangkoks vliegveld Don Muang. Japanse passagiers zijn soms verbaasd over de gelijkenis met het New Tokio International Airport bij Narita, waarvan ze een paar uur eerder vertrokken. Japan financierde ruim de helft van de bouw van het Thaise vliegveld, terwijl Japanse bedrijven zorgdroegen voor de aanleg, die in maart 1989 werd voltooid. Op weg naar het centrum van Bangkok wijzen tientallen levensgrote reclameborden op de aanwezigheid van het Japanse bedrijfsleven. Van autoproducenten als Toyota, Nissan en Mazda tot en met elektronicagiganten als Sony, National Panasonic en Toshiba, ze zijn er allemaal. Samen vormen ze met 900 andere leden de grootste Japanse Kamer van Koophandel ter wereld.

Verschillende grote concerns, zoals Toshiba en Toyota, waren al eind jaren zestig in Thailand. Na het Newyorkse Plaza akkoord van 1985 (over wereldwijde steun aan de dollar) en de daarop volgende sterke koersstijging van de yen, was er sprake van een hausse van Japanse bedrijven richting Thailand. Om concurrerend te blijven, verhuisden de Japanners hun arbeidsintensieve industrieën naar Zuidoost-Azië waar de loonkosten veel lager waren. Tussen 1988 en 1990 investeerden Japanse bedrijven voor 11 miljard dollar in landen als Thailand, Maleisië, Singapore en Indonesië.

Thailand was bij de Japanners favoriet: tegen 1990 startte er gemiddeld om de twee en een halve dag een nieuw Japans bedrijf. Ze importeerden vanuit Japan machines en andere kapitaalgoederen en zorgden er zo voor dat Japan tevens Thailands belangrijkste handelspartner werd. Ook op het gebied van ontwikkelingshulp speelt Japan in Thailand de hoofdrol. In 1990 maakte de 419 miljoen dollar Japanse ontwikkelingshulp 70 procent uit van alle hulp die het land ontving.

In Bangkok is de Japanse invloed op het eerste gezicht niet zo groot. Misschien komt het omdat vertrouwde namen als Coca Cola en Kodak de Westerling het eerst opvallen. Het trendy "Siam Square' in het centrum van Bangkok lijkt op een Amerikaans fastfood-eiland. Op elke straathoek zit een Pizzahut, McDonalds of Kentucky Fried Chicken. Feit is echter dat in Thailand bijna alles wat mechanisch of electronisch werkt uit Japan komt. De auto's op Bangkoks overvolle wegen zijn voor negentig procent van Japanse makelij.

“Japanse produkten zijn goedkoper”, zegt Nopparut Yangyuensuk (35), secretaresse bij Shell Thailand. Ze is gek op Franse mode en zou - zoals de meeste Thai - als ze meer geld had direct een Mercedes kopen. De meeste Japanse bedrijven in Thailand zijn in Bangkok gevestigd. De Japanse gemeenschap telt er zo'n 25.000 mensen. Ze kunnen boodschappen doen in warenhuizen met voor de Westerse consument onbekende namen als Sogo, Isetan en Tokyu, alle in Japanse handen.

De televisie brengt door de week elke avond een half uur met Japans nieuws; in het Engels. Restaurants met Japanse namen als Ten-Ichi, Kika-ku en Miyako hebben niettemin veel Thaise gerechten op de menukaart. De mooie Japanse namen zouden vooral tot doel hebben meer klanten te trekken. Zelfs McDonalds lokt het Thaise publiek met een nieuwe "Samurai' hamburger. En gaan de toeristen naar Pat Pong, Bangkoks rosse buurt, dan hebben de Japanners - slechts een straatje verder - in Thaniya Road of "Little Tokyo', hun eigen hoertjes wachten.

Veel Thai zien Japan enerzijds als voorbeeld van economische ontwikkeling, anderzijds als agressor. Het leidde in de jaren zeventig tot grote anti-Japan demonstraties in Bangkok. De stortvloed aan Japanse produkten en de in die tijd sterke banden tussen het Japanse bedrijfsleven in Thailand en de Thaise militaire machthebbers, zorgden voor een aversie tegen alles wat met Japan te maken had.

Die tijden zijn voorbij. “Ik vind Japanners aardig”, zegt Nopparrut. Ze vindt Japanners over het algemeen beleefde, hard werkende mensen en bewondert hun discipline. Thailand is van een afzetmarkt voor Japanse produkten geëvolueerd tot een produktiebasis. “Van de vele joint ventures tussen bedrijven uit beide landen hebben ook de Thai voordeel”, zegt Matsuki van de Kamer van Koophandel. Thaise ondernemers die veel met Japanners werken, noemen het sterke nationalisme echter nog steeds een bron van ergernis. “Je krijgt de indruk dat ze ons maar dom vinden”, zegt een Thaise toeleverancier van een lokale Japanse autoproducent. En de Japanse managementstijl met het accent op teamwork botst wel eens met de individualistisch ingestelde Thai.

De belangrijkste Thaise kritiek kwam aan de orde toen oud-premier Anand in december vorig jaar een bezoek bracht aan Tokio. De volledig uit het lood geslagen handelsbalans tussen beide landen moet verbeteren. In het Japanse fiscale jaar 1985 bedroeg het handelsoverschot met Thailand slechts 890 miljoen dollar. In 1991 was dat opgelopen tot 3,8 miljard. Voor de hele regio was die ontwikkeling nog sprekender. Een Japans handelstekort (!) in 1985 van 8,9 miljard dollar werd omgezet in een overschot in 1991 van 8,8 miljard. Hoewel het Thaise handelstekort vooral komt door de invoer van Japanse machines - waarmee dus ook weer exportprodukten kunnen worden gemaakt - is de toegang tot de Japanse markt volgens de Thai onvoldoende.

De Japanners hebben hun antwoord klaar. “Thailand wil te veel in te weinig tijd”, meent Matsuki. “Wij willen graag hun produkten kopen, maar die voldoen niet aan onze kwaliteitseisen.” De scholing van de Thaise bevolking is volgens Matsuki onvoldoende en recent onderzoek stelt hem in het gelijk. Veel van zijn Japanse collega-ondernemers zouden echter meer kunnen doen dan nu het geval is. Zo zijn de trainingsprogramma's bij Toshiba in Japan voor Thaise werknemers alleen in het Japans te volgen. Weinig of geen Thaise deelnemers dus. De Japanse werkgeversvereniging, Keidanren, financiert inmiddels in Thailand samen met de Thaise Industrie Federatie (FTI) een Engelstalig onderwijsproject, waarmee het jaarlijkse tekort van 4.000 goed geschoolde ingenieurs weg moet worden gewerkt.

Ondanks alle wederzijdse gevoeligheden zal Japans invloed in Thailand waarschijnlijk alleen maar toenemen. De toegang tot vitale exportmarkten als de VS en de EG wordt in Aziatische ogen door toenemende economische blokvorming in de wereld bedreigd. Meer economische samenwerking in Azië zelf ligt voor de hand en voor Japan is daarbij een leidende rol weggelegd. De Japanners zorgden van 1989-91 voor gemiddeld 33 procent van de buitenlandse investeringen in Thailand. Europa, met 19 procent en de VS met 12,5 procent blijven daarbij ver achter.

Vrees voor te veel Japanse invloed lijken de Thai niet te hebben. Bij zijn laatste bezoek aan Japan smeekte de Thaise premier bijna om meer investeringen. Hij vroeg de Japanners ook voor hun activiteiten in de nieuwe markten van Indochina, zoals Laos en Vietnam, Thailand als springplank te gebruiken. Ondanks de wereldwijde recessie en het als gevolg daarvan ook in Thailand inzakkende investeringspeil, bleef Japan in het eerste kwartaal van dit jaar met 21 investeringsaanvragen veruit de belangrijkste investeerder in Thailand.

In de meeste Aziatische landen wordt de roep om een meer leidinggevende rol van Japan in de regio steeds luider. Uit vrees hun Amerikaanse handelspartner voor het hoofd te stoten, werd het afgelopen jaar het Maleisische voorstel om een Oostaziatische Economische Groep van landen te vormen door de meeste Aziatische regeringen - inclusief die van Japan - nog koel ontvangen. De trend lijkt echter duidelijk. De Nihon Keizai Shimbun, een invloedrijke Japanse krant, meldde eerder deze maand dat uit een enquête in verschillende Aziatische landen - waaronder Thailand - 80 procent van de ondervraagden uit de zakenwereld en academische kringen van mening was dat Azië een economische gemeenschap zoals de EG zou moeten vormen. Zeventig procent vond dat Japan daarbij een leidersrol zou moeten vervullen. Matsuki: “Persoonlijk ben ik het daar mee eens; het gaat alleen nog om de wijze waarop dat moet gebeuren.”